‘Wij, de zwarten, zaten achterin de schoolklas’

Op de plaats van de rubriek Jong! deze zomer elke week de rubriek Oud! waarin ouderen vertellen over zichzelf, hun liefdes en de lessen van het leven. Deze week: José Maria Capricorne (85).

Foto Annabel Oosteweeghel

Plantage

„Ik ben geboren in Otrabanda, een wijk in Willemstad, Curaçao. Mijn moeder was een mulat, haar vader bezat een plantage. Mijn zwarte vader was van eenvoudige komaf. Die combinatie zorgde ruim een eeuw geleden voor problemen op Curaçao. Toen mijn moeder bij mijn vader introk, verbrak haar familie het contact. Pas jaren later, toen mijn vader werd getroffen door een hartaanval, werden de banden hersteld.”

Opvangen

„Ik was veertien toen mijn vader overleed. We stonden samen door het raam naar buiten te turen. Vanuit het niets zakte hij in elkaar. Ik ving hem op en legde hem zachtjes op de grond. Toen de dokter kwam – we hadden geen huistelefoon – was het al te laat. Mijn vader is 49 jaar geworden.”

Discriminatie

„Op de lagere school had je drie soorten leerlingen: blanken, zwarten en mulatten. De blanken zaten vooraan, daarachter de mulatten en wij, de zwarten, zaten tegen de achterwand. In de kerk was het niet anders. Zwarten werden altijd en overal gediscrimineerd door blanken op het eiland. Pas met de komst van charismatische zwarte leiders, zoals dòktor Moises Da Costa Gomez in de jaren vijftig, begon er iets te veranderen.”

Brazilië

„Op mijn negentiende ben ik op het vliegtuig naar Brazilië gestapt. Daar hoopte ik een baan te vinden, want op Curaçao tierde de werkloosheid welig. Twee jaar heb ik bij een keramisch atelier in Rio gewerkt. Daarna vertrok ik met de boot naar Nederland om een grafische opleiding te volgen.”

Foto Annabel Oosteweeghel
Foto Annabel Oosteweeghel
Foto Annabel Oosteweeghel

Chagall

„Mijn eerste schilderij dateert van 1962: een naakte vrouw aan het strand. Daarna zouden er honderden volgen. Ik houd van magische beelden, sommige mensen vergelijken mijn werk met dat van Marc Chagall. Eind jaren zestig heb ik samen met tekenaar Eddy Ayubi de Curaçaose Academie voor Beeldende Kunsten opgericht. Die heeft ruim dertig jaar bestaan. Vlak voor de opening waren twee doden en tientallen gewonden gevallen bij een grote opstand. Mede daarom besloot de overheid geld in kunstonderwijs te steken. Mensen die schilderen, fotograferen of ontwerpen onthouden zich van agressief gedrag, was de gedachte. Kunst als uitlaatklep.”

Sander David

„Meer dan een halve eeuw geleden ontmoette ik Joke. We kruisten elkaar op de trap van een pension in Amsterdam. Zij woonde op zolder, ik een etage lager. We kregen twee kinderen, van wie de jongste – hij was vier – stierf aan de complicaties van een hersenbeschadiging. Sander David is nog dagelijks in mijn gedachten. Aanvaard heb ik zijn dood wel, maar de pijn zal altijd blijven. Op schilderijen beeld ik hem af met een bos vol flora en fauna op zijn hoofd. Hij was de drager van alles, zowel vreugde als ellende. Zoals Atlas, maar dan anders.”

    • Danielle Pinedo