Dwangsom voor InsingerGilissen om niet voldoen aan inzageverzoek

De zakenbank voldeed twee jaar geleden niet direct aan een verzoek van een klant tot inzage in zijn persoonsgegevens.

Beeld ter illustratie. Foto iStock

De Autoriteit Persoonsgegevens meldt donderdag dat ze een dwangsom van 48.000 euro heeft ingevorderd bij InsingerGilissen. De zakenbank zou twee jaar geleden, toen nog onder de naam Theodoor Gilissen Bankiers (TGB), niet meteen gehoor hebben gegeven aan een verzoek van een klant om inzage in zijn persoonsgegevens.

Dat is in strijd met de privacywetgeving. Volgens een woordvoerder van de AP komt het zelden voor dat een bedrijf hiervoor beboet wordt.

Overzicht persoonsgegevens

De klant in kwestie deed in 2016 bij TGB een verzoek om inzage in wat de bank over hem wist. Hij wilde een overzicht krijgen van zijn persoonsgegevens, hoe de bank daaraan kwam en met wie ze werden gedeeld. Toen TGB daar niet aan wilde voldoen, diende zijn advocaat een handhavingsverzoek in bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).

Na onderzoek gaf de AP de bank twee maanden de tijd om de gegevens alsnog te verstrekken. Elke week dat TGB daar niet aan voldeed, moest het een dwangsom van 12.000 euro betalen met een maximum van 60.000 euro. Na vier weken voldeden ze alsnog aan het verzoek van de klant, aan wie de bank effectendiensten verleende.

Bezwaar van de klant

In een reactie zegt InsingerGilissen het besluit van de AP te respecteren. De klant heeft volgens de AP bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het ingevorderde bedrag en is in beroep gegaan tegen het besluit van de instantie. Waarom is niet duidelijk. De AP was donderdag niet bereikbaar voor commentaar.

Theodoor Gilissen Bankiers en Insinger de Beaufort fuseerden oktober vorig jaar. Woensdag meldde het dat het over boekjaar 2017 een winst van 3,4 miljoen euro heeft gemaakt.

    • Guus Ritzen