De miljoenen van Bruins leveren nu al medailles op

De extra miljoenen uit Den Haag voor een (nog) beter topsportklimaat in Nederland, lijken zich deze zomer al uit te betalen in medailles.

Susan Krumins viert haar tweede plaats bij de 10 km op het EK Atletiek 2018. Foto Tobias Schwarz/AFP

Met twee medailles – brons voor sprintster Dafne Schippers en zilver voor Susan Krumins op de 10 kilometer – doet het Nederlandse team het redelijk goed op de huidige Europese kampioenschappen atletiek in Berlijn. Daarmee staat het Nederlandse team op een voorlopig tiende plaats in het medailleklassement. En in de komende slotdagen is er met Sifan Hassan en, opnieuw, Dafne Schippers beslist uitzicht op meer.

Gevoegd bij de andere Nederlandse successen deze zomer – de hockeydames, turnster Sanne Wevers, de zwemploeg, de baanwielrenners in Schotland en Tom Dumoulin in de Tour de France – lijkt de Nederlandse topsport waar te maken wat de beleidsmakers in Den Haag al een paar jaar voor ogen hebben: tot de top-10 beste sportlanden van de wereld behoren. Voor die doelstelling stelde het vorige kabinet al eens 10 miljoen euro extra beschikbaar. En het huidige kabinet voegde daar hetzelfde bedrag aan toe, waardoor het totale budget voor de Nederlandse topsport is verdubbeld tot zo’n 40 miljoen euro.

Beoogd effect

Hebben die investeringen dus inderdaad het beoogde effect gehad? Of, om die vraag wat specifieker te maken: is het succes van de huidige atletiekploeg in Berlijn te danken aan de 10 miljoen euro extra die minister Bruins (Sport, VVD) volgens het regeerakkoord mag uitdelen? Ja, zegt technisch directeur Ad Roskam van de Atletiekunie onomwonden, die stelling durft hij wel aan. En hij kan het staven met twee voorbeelden.

In april vertrok een grote delegatie met Nederlandse atleten voor een stage naar Florida. Dertig sporters, twaalf begeleiders, ruim drie weken in Amerika – kosten: ongeveer een ton. „Dat plan konden we laten doorgaan toen we begin dit jaar zeker wisten dat er extra geld aan kwam”, vertelt Roskam telefonisch vanuit Berlijn. Het was om twee redenen een belangrijk trainingskamp richting het EK. Allereerst konden de atleten wennen aan inspanningen bij warm weer. Daarnaast konden zij zich bij een lokale wedstrijd zien te kwalificeren voor dit EK. Acht atleten slaagden daarin. Zo konden zij zich nog beter – lees: langer en rustiger – voorbereiden op Berlijn.

Lees ook: de eerdere afleveringen in deze serie over de investeringsplannen van Rutte III.

Een tweede grote uitgave die met geld van het ministerie van VWS mogelijk werd gemaakt was de aanschaf van meetapparatuur om zaken als acceleratie, kracht en snelheid bij atleten beter en sneller te kunnen analyseren. De 30 meter Optojump, een Keiser-startblok en een 3D-pak met sensoren plus bijbehorende software kostten zo’n anderhalve ton. VWS betaalde daaraan volgens Roskam voor „meer dan de helft mee”. Overigens worden de bijdragen van het ministerie niet rechtstreeks naar de Atletiekunie overgemaakt. Die lopen, net als alle andere subsidies aan verschillende sportbonden, via het NOC*NSF.

Flink hogere bijdrage

Uit een overzicht van de sportkoepel blijkt dat de (rijks)bijdrage aan de Atletiekunie voor dit jaar ruim 1,4 miljoen bedraagt, bijna de helft van het totale budget van 2,7 miljoen. De subsidie bedroeg twee jaar geleden nog 9 ton. De rest van de begroting komt van sponsors en uit contributie van de bijna 125.000 leden.

Toch, zegt technisch directeur Roskam, bepaalt geld niet alles. De belangrijkste factoren zijn natuurlijk het talent en de inspanning van de sporters zelf. Ter illustratie: de eerste successen van Dafne Schippers kwamen na de Olympische Spelen van 2012 in Londen. Roskam: „Dat waren de jaren dat Nederland nog in een economische crisis zat. Er moest ook in de topsport worden bezuinigd.” 

Voorlopige conclusie voor ons maandelijkse onderzoek naar de investeringplannen van het Rutte III: de 10 miljoen extra voor topsport wordt al alom uitgegeven, al kan NOC*NSF noch het ministerie van VWS aangeven hoeveel precies is besteed.

De overige 10 miljoen voor de breedtesport zal ten goede komen aan de „versterking van sportbonden en verenigingen”. Niet om kas te spekken als er een gat in de begroting zit, benadrukt een woordvoorder van NOC*NSF, maar om advies te geven aan vooral kleinere bonden. Concrete plannen worden nog met het ministerie besproken. Twee miljoen van dit tweede potje is bestemd voor het energiezuinig maken van sportaccomodaties.

De negen andere potjes van Rutte III

Politie | 154 miljoen

Van het ministerie van J&V geen nieuws over hoe de eerste tranche van deze 154 miljoen – te weten: 100 miljoen – voor versterking van de politie is besteed. We beschreven eerder waarom dat zo’n lastig proces is.

RL

Krijgsmacht | 775 miljoen

Zoals in de vorige aflevering is uitgelegd, is het evenmin eenvoudig om de specifieke uitgaven van Defensie minutieus te volgen. Laat staan om te achterhalen in hoeverre de voor dit jaar extra uitgetrokken 775 miljoen euro voor zowel de ‘ondersteuning’ als de ‘modernisering’ van de krijgsmacht is besteed. Wel is duidelijk dat verantwoordelijk staatssecretaris Barbara Visser (VVD) voortvarend bezig is om het extra budget, dat uiteindelijk oploopt tot 1,5 miljard, in te zetten voor de aanschaf van of het onderhoud aan nieuw materieel.

Basisonderwijs | 280 miljoen

Hoewel de bonden en onderwijsbesturen er in juni eindelijk in slaagden een nieuwe cao af te sluiten – met loonsverhoging van 2,5 procent en een eenmalige bonus van 750 euro – zijn de stakingen in het basisonderwijs nog niet voorbij. „De loonkloof met het voortgezet onderwijs is echt nog niet gedicht”, schrijft onderwijsbond Aob aan de leden, „vandaar dat acties nodig blijven”. Een week voor Prinsjesdag willen de basisscholen opnieuw een dag staken: ditmaal in Zeeland en Zuid-Holland.

Door de nieuwe cao zullen de basisschoolleraren hun nieuwe, hogere salaris op het loonstrookje van september gaan terugvinden. Vanaf dan begint minister Slob (ChristenUnie) de hiervoor gereserveerde 270 miljoen kwijt te raken. De overige 10 miljoen is bedoeld voor het verlagen van de werkdruk; ook dat zal met ingang van komend schoolseizoen worden ingezet.

Verpleeghuiszorg | 577 miljoen

Analoog aan onze eerdere berekeningen schatten we in dat dit het investeringspotje is waarvan al het meeste is besteed. Het gros van de 577 miljoen euro – 435 miljoen – is bedoeld voor het werven van nieuw personeel. Daar zijn de meeste verpleeghuizen al vanaf begin dit jaar mee bezig. Na zeven maanden moet daar dus al een kleine 60 procent van zijn uitgegeven: 260 miljoen euro.

Armoedebestrijding kinderen | 30 miljoen

Een woordvoerder van de Vereniging Nederlandse Gemeenten verwijst voor het antwoord op de vraag of er al iets is gebeurd met de door het kabinet beschikbaar gestelde 27 miljoen uit dit potje voor armoedebestrijding bij gezinnen met kinderen naar het programma Schouders eronder. Dat startte al vorig jaar. Op de uitgebreide website ervan komt een aantal initiatieven aan de orde, waaronder de inzet van ‘gangmakers’ en het streven naar het voorkomen van huisuitzettingen. Hoe het geld van het Rijk nu concreet wordt besteed is (nog) niet duidelijk.

Diplomatieke posten | 10 miljoen

Sinds de ‘postennetbrief’ van minister Blok (VVD) kort voor het zomerreces wordt er gewerkt aan de uitbreiding van het diplomatieke netwerk, maar hoeveel er al van de daarvoor bedoelde 10 miljoen is uitgegeven, is volgens een woordvoerder nog niet precies te zeggen.

Regionale knelpunten | 250 miljoen

Drie van de zes al door het kabinet uitgekozen projecten voor een deel van de nieuwe subsidiepot van het Rijk sloten in de afgelopen weken een ‘regiodeal’ met minister Schouten (ChristenUnie): 130 miljoen voor Brainport Eindhoven; 35 miljoen voor Zeeland en 30 miljoen voor de BES-eilanden. In september komen de eerste tranches, via gemeente- of provinciefonds, hiervan los. Andere regio’s die aanspraak willen maken op de pot met veel geld – alles bij elkaar in de gehele kabinetsperiode bijna een miljard euro – moeten voor 1 september hun plannen indienen.

Infrastructuurfonds | 500 miljoen

Plannen te over op het ministerie van I&W om de extra middelen in het Infrastructuurfonds te besteden – cumulatief oplopend tot 2 miljard euro tot en met 2021. De beide bewindspersonen hebben er al vaak brieven over naar de Tweede Kamer gestuurd. Maar hoeveel er dit jaar al precies is uitgegeven valt niet te zeggen. De reden daarvoor is boekhoudkundig. De rekenmethode van dit onderzoek is volgens een woordvoerder van het departement „niet van toepassing is op infrastructurele projecten”. Het geld komt „pas beschikbaar bij definitieve gunning na aanbesteding”.

Natuur en Waterkwaliteit | 50 miljoen

Vanuit zowel het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit als van Infrastructuur & Water na ruim zeven maanden in 2018 nog altijd geen bericht – om niet te zeggen geen idee – hoe de eerste tranche van 275 miljoen voor de verbetering van de waterkwaliteit is of zal worden uitgegeven.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie Haagse Zaken: Nu is er geld, en toch is iedereen boos
U kunt zich ook abonneren via iTunes, Stitcher, Spotify of RSS.
    • Philip de Witt Wijnen