Wel een schuld, geen geldige papieren om te werken

Arbeidsmigratie Thailand is aantrekkelijk voor laaggeschoolde arbeiders uit armere omringende landen. Zonder de juiste papieren zet Thailand ze zonder pardon het land uit. „Elke dag komen de trucks hier, elke dag.”

Een Cambodjaanse jongen in een containerdorp voor arbeidsmigranten buiten Bangkok. Thailand is één van de aantrekkelijkste bestemmingen in zuidoost-Azië voor laaggeschoolde werknemers uit onder meer Cambodja. Foto Diego Azubel/EPA

Vier kaalgeschoren, smoezelige mannen krijgen een pakketje in hun handen gedrukt. Frisse witte plastic slippers en sportshirts van Nike en Adidas, nog in het cellofaan. Even later komt iemand met bakjes eten voor hen aanlopen: rijst, gebakken kip en wat groente.

De vier zijn vanuit Thailand de grens met Cambodja over gezet in een laadbak, net als 118 anderen vandaag, vertelt Try Naisoy. Zij ontvangt de uitgezette arbeiders hier in wat het Migranten Toegang Centrum heet, dat wil zeggen een kantoortje en een afdak met rijen plastic stoelen. „Elke dag komen de trucks hier, elke dag. Alleen het aantal mensen dat erin zit, wisselt.”

Foto Tang Chhin Sothy / AFP

Try werkt voor de christelijke hulporganisatie Samaritan’s Purse en ze regelt eten en drinken, vervoer en soms ook onderdak voor de arbeiders. Juli was een drukke maand, vertelt ze, er kwamen 3.200 Cambodjanen terug de grens over. De Thaise overheid had de migranten tot eind juni de tijd gegeven om papieren in orde te maken en zich te registreren, maar dat is lang niet iedereen gelukt.

Thailand is één van de aantrekkelijkste bestemmingen in zuidoost-Azië voor laaggeschoolde werknemers. Al helemaal voor armer buurland Cambodja. De lonen liggen in Thailand flink hoger en kosten voor het dagelijks leven zijn juist lager. Thailand probeert nu om de migratie beter te organiseren, omdat het land veel internationale kritiek krijgt over uitbuiting en mensenhandel. Alleen dat proces gaat moeizaam.

Lees ook over de kwakkelende democratie in Cambodja: Democratie in Cambodja? Dat hoeft van China niet

Vorig jaar kwam Thailand met een harde wet met hoge straffen voor bedrijven en migranten als ze betrapt zouden worden op werken zonder de juiste vergunningen. Illegale arbeiders konden een boete van 100.000 Thaise baht krijgen, ongeveer 2.600 euro, en wel vijf jaar celstraf. Voor werkgevers was dat zelfs maximaal 800.000 baht en tien jaar cel. Veel migranten verlieten prompt in paniek het land, dus de wet werd flink versoepeld nog vóór die was ingevoerd.

Angst om opgepakt te worden

Toch zijn de nieuwe regels ook voor Khun Vit en Yung Samnang, ze zijn een stel, reden om terug naar Cambodja te komen. Ze werkten drie maanden in Thailand, allebei in de bouw, maar hun baas leverde niet de juiste papieren. „We waren steeds bang dat de politie ons zou oppakken en vastzetten.” Dus gingen ze uit zichzelf terug, maar in de trein vlakbij de grens hield de Thaise politie hen alsnog aan en zette hen op de vrachtwagen naar Poipet.

Probleem is dat het voor Thaise bedrijven nog altijd goedkoper is om met illegale arbeiders te werken, zegt Khun Vit. „Ze regelen geen werkvergunningen en kopen de politie om, zodat zij geen boete hoeven te betalen.” Maar de politie checkt vervolgens wel bij de arbeiders wie er illegaal bezig is. „Dat gebeurde zo vaak bij ons op de bouwplaats, dan kwamen ze in burger langs.”

Intussen heeft volgens Adisorn Kerdmongkhol van de Migrant Working Group, een club die opkomt voor de belangen van arbeidsmigranten in Thailand, ongeveer 90 procent van alle migranten zich geregistreerd. Hij verwacht dat het daarbij blijft. „Het is strategie van de regering om de rest van de werknemers in de statistieken te verbergen. Dat scheelt de werkgevers kosten.” Volgens hem zijn er nog ongeveer 800.000 illegale migranten in Thailand en komt driekwart van hen uit Cambodja.

Voor migranten is de procedure om legaal aan het werk te komen in Thailand ingewikkeld, tijdrovend en relatief duur. In Poipet, op vijf minuten rijden van de grens, bestiert manager Roza El een kantoortje van een wervingsbureau. Hier wordt de hele papierwinkel voor migranten geregeld, ook voor hen die nu al in Thailand aan het werk zijn. El rekent 15 dollar per dossier, maar daar komt zo 500 tot 600 dollar aan kosten bij voor een visum, werkvergunning en paspoort.

Juist bij die administratie komt veel oplichterij voor. El praat liever niet over „de anderen”. Maar het klopt, zegt hij, dat sommige tussenpersonen veel meer geld dan hij vragen in ruil voor geen of valse documenten. „Of ze leveren alleen een toeristenvisum dat maar dertig dagen geldig is.” Veel laagopgeleide Cambodjanen begrijpen niet welke vergunningen ze precies nodig hebben, dus laten ze zich makkelijk misleiden. Vervolgens hebben ze wel een schuld van honderden dollars, maar geen geldige papieren.

Vaak weten ze ook niet dat hun werkvergunning, als ze die wél hebben, is gekoppeld aan een specifieke werkgever. Manager El pakt er een paspoort bij als voorbeeld en bladert naar de pagina waarop een stempel met werkvergunning staat. De naam van een bedrijf staat in de stempel, de vergunning is voor twee jaar geldig. „Maar alleen voor dit bedrijf. Dus als de arbeider overstapt naar een ander omdat hij denkt dat-ie toch een vergunning heeft, dan mag dat niet.”

Nog niet genoeg verdiend

Niemand hier aan de grens vindt de migratie zélf een slecht verschijnsel, logisch dat arbeiders proberen om dáár te werken waar ze meer verdienen. Alleen zou het beter geregeld moeten worden. Khun Vit, de man van het stel dat is teruggekomen, heeft er ook begrip voor dat Thailand de regels aanscherpt. „Ze willen weten hoeveel arbeiders er zijn. En het is ook nog eens zo: als je goed geregistreerd staat, heb je als werknemer meer rechten.”

Toch blijven zij nu in Cambodja, hebben ze besloten, al verdienen ze hier ongeveer de helft van wat ze in Thailand kunnen krijgen. En gaan ze ook voorlopig niet terug naar het dorp waar ze vandaan komen en waar hun drie kinderen wonen. Ze hebben 1.000 dollar geleend van de buren en nog niet genoeg verdiend om hen terug te betalen. Ze hopen nu ergens anders in het land werk te vinden.

Try Naisoy van Samaritan’s Purse ziet al vier jaar lang, dag in dag uit, teleurgestelde mensen uit vrachtwagens klimmen. „Ik hoop dat het snel stopt.” Alleen rekent ze daar voorlopig niet op.

Try vertelt dat ze soms dezelfde gezichten ziet langskomen. „Laatst zag ik een vrouw voor de derde keer. Héé, jou ken ik! Ze had me de tweede keer al beloofd om niet nóg eens deze fout te maken. Dit keer heb ik haar vervoer niet betaald.”

    • Annemarie Kas