Opinie

    • Floor Rusman

Verlangen naar een nieuwe maatschappij

Gay Pride, Prinsengracht, acht uur ’s avonds. Twee dronken mensen staan te sjorren aan een opblaaseenhoorn, ze menen er beiden recht op te hebben. Het is een drama, er wordt geschreeuwd, uiteindelijk gaat een derde er met de eenhoorn vandoor. Om hen heen strompelen mensen in badpakken en panterprint, duidelijk lazarus.

Ik vraag me af of dit nou die westerse vermoeidheid en decadentie zijn waarover je weleens hoort. Onze samenleving schijnt daar net als het Romeinse Rijk aan ten onder te gaan, althans, als je sommige rechtse denkers moet geloven.

Dezelfde mensen laten zich inspireren door homogenere, meer autoritair geleide samenlevingen. Soms nemen ze daar ook een kijkje, zoals Thierry Baudet, die in Hongarije heeft gezien dat de bevolking daar gelukkiger is dan de westerse pers ons wil doen geloven. Telegraaf-journalist Wierd Duk twitterde onlangs vanaf zijn Chinese vakantieadres over het geloof in de toekomst van China, dat „geen verscheurd land” is en waarmee vergeleken Europa „vermoeid, richtingloos en decadent” lijkt. In reactie daarop schreef Forum voor Democratie-lid Kelly Uneken-Blauw een veel gedeelde tweet over Tokio, waar ze vrouwen in jurkjes ’s nachts lachend bij de metro zag staan. Kristina Türkmen, bij de gemeenteraadsverkiezingen nummer zeven op de FvD-lijst in Amsterdam, zag iets soortgelijks in Moskou: „Wat prachtig, mooi en veilig gevoel op straten vol met mensen die schitterend uit zien met hun modieuze outfits. Mensen hier zijn trots op hun land en wat Putin ze geeft. Chapeau voor de Russen, was Europa maar zo.”

Het doet denken aan het enthousiasme onder linkse intellectuelen over achtereenvolgens de Sovjet-Unie, Cuba en China in de vorige eeuw. Harry Mulisch beschreef hoe hij in de straten van Havana een vrouw alleen zag lopen, zonder te worden lastiggevallen. Ongekend! Anja Meulenbelt jubelde begin jaren tachtig hoe veilig ze zich voelde in de Chinese stad Guangzhou: „Ik zou er in Amsterdam niet over piekeren om ’s avonds in mijn eentje op een kermis rond te hangen.”

Volgens de socioloog Paul Hollander, auteur van Political Pilgrims (1981), vonden de linkse intellectuelen in die landen iets wat in het decadente, doelloze Westen te weinig aanwezig was: eenheid, energie, geloof in de toekomst. Hij verbaasde zich over het meten met twee maten van de ‘politieke pelgrims’: ze waren zeer kritisch over hun eigen samenleving, maar bagatelliseerden de oppressie in de verre paradijzen. Die was volgens hen overdreven, of nog nodig in dit stadium.

Die linkse intellectuelen hebben intussen sorry moeten zeggen. Maar het verlangen naar een nieuwe maatschappij, zonder conflict en verdeeldheid, bestaat nog steeds.

Floor Rusman (f.rusman@nrc.nl) schrijft deze weken de wisselcolumn met Jannetje Koelewijn.
    • Floor Rusman