U bent van harte welkom in uw nieuwe woning in ‘de giftige hel’

Sloppenwijken in Mumbai

Nadat ze werden verhuisd naar een wijk te midden van chemische industrie, spanden de bewoners van sloppenwijken een proces aan.

Een benzineauto rijdt door de straten in in Mahul, een ‘woonwijk’ voor mensen die uit slums in Mumbai moesten vertrekken Foto Dhiraj Singh/Bloomberg

Gitu Bobade heeft niet zoveel woorden nodig om zijn punt te maken. Liever neemt de voormalige sloppenwijkbewoner je mee naar het dakterras op de negende verdieping, gaat hij bij de rand staan die voor de flatbewoners tevens dienst doet als waslijn, en kijkt hij voor zich uit. De skyline is er een van schoorstenen die een gelige rook uitblazen.

We zijn in Mahul, een plek die door lokale ambtenaren in de Indiase metropool Mumbai wordt omschreven als een ‘woonwijk’ voor mensen uit slums die moesten plaatsmaken voor een nieuwe weg, een nieuw ziekenhuis, of, in het geval van de bijna zesduizend families die de afgelopen jaren naar Mahul werden verplaatst: vanwege een waterpijplijn die dwars door de stad loopt. De nieuwe bewoners hebben een andere omschrijving van hun nieuwe leefomgeving: „Mahul is een giftige hel.”

Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping.
Foto Eva Oude Elferink
Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping.
Foto Eva Oude Elferink
Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping. De kleurrijke huisjes horen bij Mahul Village, het vissersdorpje dat er lang voor de komst van de flats en het grootste deel van de industrieën stond.
Foto Eva Oude Elferink
Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping.
Foto Eva Oude Elferink
Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping. De gekleurde huisjes Uitzicht vanaf het dakterras op de negende verdieping. De kleurrijke huisjes horen bij Mahul Village, het vissersdorpje dat er lang voor de komst van de flats en het grootste deel van de industrieën stond.
Foto’s Eva Oude Elferink

Al vanaf de oostelijke snelweg die Mahul scheidt van de rest van de stad wordt duidelijk waarom. In de verte doemen olieraffinaderijen op, een energiecentrale, een kunstmestfabriek, een opslag voor chemicaliën – en daartussen 72 flatgebouwen waarvan de gele verf grauw is uitgeslagen. Op het dakterras naast Bobade komt daar de geur nog bij. Weeïg en zuur, versterkt door de hopen afval tussen de flatgebouwen, waar rioolwater doorheen sijpelt.

Mahul is, niet geheel verrassend, omstreden. In een nog lopende rechtszaak die door ruim 200 bewoners werd aangespannen, maakte de rechter duidelijk dat de lokale regering met een alternatief moet komen voor de duizenden families die nog op de lijst staan naar deze flats te worden verplaatst. Een woning elders, en anders desnoods financiële compensatie.

Eerder al, in 2015, oordeelde een speciaal tribunaal voor milieuzaken dat er in Mahul „een waarneembare bedreiging voor de gezondheid van de bewoners is vanwege de luchtkwaliteit in de omgeving”. De rechters refereerden onder meer aan onderzoek van een lokaal overheidsziekenhuis, waaruit bleek dat de bewoners massaal leden aan dezelfde kwalen: kortademigheid, hoesten, geïrriteerde ogen, uitslag.

Huren is luxe

Er volgde een reeks eisen, van het monitoren van de uitstoot tot het vaststellen van bufferzones – wat nog altijd niet is gebeurd – maar de verplaatsing van sloppenwijkbewoners ging onverminderd door. Volgens de lokale regering is er namelijk niets mis met Mahul. Daarbij mogen mensen blij zijn dat ze überhaupt een nieuwe woning krijgen. Vroeger werden slums afgebroken, en klaar.

Bobade, een van de bewoners die naar de rechter stapte, is daarvoor heus dankbaar. Maar geef hen dan alsjeblieft een woning waar ze „niet continu giftige gassen inademen”. Met de 18.000 rupees, zo’n 225 euro, die Bobade maandelijks als beveiliger verdient, is huren een luxe die hij zich niet kan veroorloven.

Het gebouw waar Gitu Bobade en zijn vrouw, zoon en dochter wonen.
Foto Eva Oude Elferink
Op de bank liggen de opgerolde matjes waarop ze ‘s nachts slapen.
Foto Eva Oude Elferink
Het eenkamerappartement waarin Gitu Bobade met zijn vrouw, zoon en dochter woont. Ze wonen in flat 60 op de derde verdieping. Zijn ouders wonen een verdieping boven hen. Op de bank liggen de opgerolde matjes waarop ze ‘s nachts slapen.
Foto’s Eva Oude Elferink

Net als naar schatting de helft van Mumbai’s ruim 22 miljoenen inwoners woonde Bobade en zijn gezin daarom in een illegaal gebouwd huis van cement en golfplaten. Maar Mumbai barst uit zijn voegen. Voor de regering, die de kostbare grond liever voor andere doeleinden gebruikt, vormen de uitdijende sloppenwijken een onwelkom obstakel.

In het geval van de Tansa-waterpijplijn speelt nog iets anders mee. De 16,5 duizend huisjes die er over de jaren langs werden gebouwd, moeten op last van de rechter wijken voor een bufferzone en hoge muren, bedoeld om de watertoevoer naar de stad te beschermen tegen een eventuele terreuraanslag.

De bewoners klagen niet alleen over de zware industrieën waarop hun éénkamerwoningen uitkijken. „Mahul is een verticale sloppenwijk”, zegt Ronita Bhattacharya, een van de advocaten die hen bijstaat. De flats verkeren in een „deplorabele” toestand, lange tijd ontbrak het aan basale faciliteiten. Geen school, geen kliniek, openbaar vervoer. „Allemaal dingen die aanwezig moeten zijn als je mensen gedwongen verhuist.”

Verschillende ngo’s en vrijwilligersorganisaties, in dit geval de Lions, zijn actief in Mahul. Dit is een mobiele kliniek van een oogarts. Foto Eva Oude Elferink

Ongecertificeerde dokters

Pas begin dit jaar, onder druk van de bewoners en toenemende media-aandacht, werd een ‘school’ geopend. Dat wil zeggen: een zaal waarin klassen 1 tot en met 8 les kregen van drie leraren. Tussen de verschillende spreekkamers van ongecertificeerde dokters is er nu ook een door de staat gefinancierde kliniek. In een tl-verlichte kamer kunnen de ruim 25 duizend bewoners terecht bij één dokter, één verpleegkundige en één apotheker.

De bestuurlijke afdeling die verantwoordelijk is voor Mahul verkondigde onlangs dat het omgerekend zo’n 3,6 miljoen euro vrijmaakt om het gebied „verder te ontwikkelen”.

De belangrijkste klacht van de bewoners, over de vervuilde lucht, wuiven de ambtenaren nog steeds weg. Al gaven ze in hun verklaring voor de rechter toe dat de data waarop zij zich baseren „te beperkt” zijn om conclusies uit te trekken. Maar, houden de ambtenaren ook vol: een alternatief voor Mahul is er niet.

Onzin, zegt Bobade: „Wij zijn hier gewoon gedumpt.”

Het ontbrak (en ontbreekt) in Mahul aan veel faciliteiten, waaronder een school. In een van de flatgebouwen werd sinds begin dit jaar een zaal gebruikt waarin klas 1 tot en met 8 samen les kregen van drie leraren. Op deze foto komen vrachtwagens aanrijden met schoolbanken- en tafels. Voor het gebouw staan moeders die hun kinderen komen opgeven voor het nieuwe schooljaar. Foto Eva Oude Elferink.

    • Eva Oude Elferink