De miljardair die Anderlecht opschudt

RSC Anderlecht Investeerder Marc Coucke is de nieuwe eigenaar van Anderlecht. Hij probeert de statige club zakelijk te leiden. „Vandaag hebben we zes nieuwe restaurants geopend.”

Anderlecht-eigenaar Marc Coucke, zondag op de tribune bij de thuiswedstrijd tegen Oostende. Foto Nico Vereecken / Photonews

Toen Roger Vanden Stock in 2017 de finale van de Champions League bezocht, zaten hij en zijn vrouw alleen aan een tafel terwijl het om hen heen krioelde van de bestuurders uit de Europese voetballerij. Oud-spelers in strakke pakken. Jonge goden van een nieuwe orde. Toen wist de 75-jarige voorzitter van RSC Anderlecht het zeker, het was tijd om de club te verkopen. Zijn tijdperk was ten einde.

Vanden Stock – zoon van wijlen Monsieur Constant, de oud-voetballer en gefortuneerde bierbrouwer die Anderlecht vanaf begin jaren zeventig omhoog pompte – had de keuze uit vier potentiële kopers, van wie er één al eerder een club in België had gekocht.

Dat was Marc Coucke, een Vlaming die miljardair werd dankzij de verkoop van Omega Pharma en sindsdien bekendstaat als een man die zijn geld stopt in alles wat in zijn ogen potentie heeft. Van een everzwijnenrestaurant in de Ardennen tot een dierentuin in Wallonië; van een technologiebedrijf tot een koffieautomatenproducent; van een start-up voor speciale seniorenhorloges tot een koekjesfabriek: Coucke is een ware bulkinvesteerder.

Mosgroene lantaarns

Hij kocht KV Oostende voordat hij zijn jeugdliefde uiteindelijk weer aan een bevriende investeerder verkocht. Not done vinden ze in Oostende. Hoe kun je je eigen club zo weer verkopen als een gebruikte fiets? „Laten we het daar niet over hebben, heb ik al genoeg gedaan”, zegt Coucke. „Mijn ambities reikten verder. Toen Anderlecht te koop kwam, wist ik dat dat mijn kans was. Het was magnifiek bij Oostende, we hebben er Europees voetbal gespeeld. Maar het was tijd om verder te kijken.”

Hij kocht een club met dezelfde sier en statigheid van het Astridpark, waar het stadion aan grenst. De familie die de club runde, was er even diep geworteld als de eiken nabij de stadionpoort. De bomen, ’s avonds verlicht door mosgroene lantaarns, zijn er zo hoog zo dat ze het Constant Vanden Stock Stadion aan het zicht onttrekken, totdat je er ineens recht voor staat, omringd door mobiele eetkramen die voorzien in braadworst, stokbrood met friet en escargots. 33 slakken voor een tientje.

Jordi Vanlerberghe van Oostende (links) in duel met Anderlecht-verdediger Hannes Delcroix. Anderlecht won zondag met 5-2 van Oostende. Vincent Van Doornick/Isosport

De andere kant van het stadion, waar Anderlecht deze zondag uitgerekend Oostende ontvangt (5-2 zege), grenst aan de gelijknamige wijk. Een buurt die al decennia de tand des tijds doorstaat.

Inklapbare statafels staan er midden op de weg. Vanuit de onderste verdiepingen slijten kroegbazen hun pintjes aan een clientèle afkomstig uit heel België. Anderlecht is een club van iedereen, een bolwerk gelegen op de breuklijn van taal en cultuur.

Dit is waar de achterban de club het liefst ziet blijven. Anderlecht overwoog zijn bescheiden doch knusse stadion te verruilen voor een groeibestendige arena buiten de ring, maar dat plan ketste af omdat het complex deels op Vlaams grondgebied zou verrijzen. Bestuurders van dat gewest zagen dat niet zitten. Brussel, met zijn Franse voertaal, had al genoeg van Vlaanderen ingepikt. Een derde ring was uitgesloten: op meer dan de huidige 21.000 toeschouwers is de huidige locatie niet berekend.

Dus zat er voor de nieuwe leider weinig anders op dan te groeien binnen de bestaande muren. En die missie verloopt bepaald niet zonder weerstand.

Een harde zakenman

Coucke heeft er maling aan. Achter een olijk gezicht gaat een harde zakenman schuil die niet schroomt om impopulaire maatregelen te nemen. Tal van clubmedewerkers met onduidelijke functies moesten vertrekken. Scouts die in het verleden spelers aandroegen verloren hun privileges, net als de verzekeringsman uit vroegere tijden en gasten in de ereloge.

Niemand krijgt nog vrijkaarten, op drie mannen na: clublegende Paul Van Himst, Eddy Merckx en oud-clubmanager Michel Verschueren. Roger Vanden Stock, die de club voor 80 miljoen euro aan Coucke verkocht, waarvan tweederde voor zijn familie, kreeg te horen dat zijn vrouw vanaf nu voor een zitje moet betalen. Ter verdediging benadrukte Coucke dat zijn eigen vrouw ook moest betalen.

Voor Vanden Stock een pijnlijke mededeling. Hij is een man van egards. Een voorzitter die de pers de avond voor elke Europese uitwedstrijd meenam naar een sterrenrestaurant, op kosten van de club. Coucke daarentegen is meer van het volkse vermaak. In Oostende stond hij twintig minuten na de grootste nederlagen alweer met een microfoon op het podium om een polonaise in de sponsorlounge in gang te zetten. Hij zong er carnavalskrakers, zijn rechterhand Sinatra.

Lees ook deze reportage over Marc Coucke uit 2015, toen hij nog voorzitter van KV Oostende was

Sommige medewerkers van Anderlecht stonden er gniffelend bij te kijken. Moest je hem toch zien. En warempel, toen had hij ineens hun club gekocht. Hun club op stand, waar fijnproevers tot deze zomer konden dineren in een stadionrestaurant dat ooit een Michelinster had. Dat restaurant heeft Coucke inmiddels laten sluiten.

De veranderingen gaan hard, maar ook zijn sceptici erkennen dat sommige ingrepen nodig waren. Anderlecht was nooit een moderne club. Tot negen jaar geleden had de club, gerund door zestigers en zeventigers, nog altijd geen eigen webshop. Toen medewerkers destijds opperden de ouderwetse clubwebsite een metamorfose te geven, zei voorzitter Vanden Stock: „Kost dat 150.000 euro? Daar koop ik liever een speler voor.’’

Coucke denkt aan de business. Vandaar dat genodigden van weleer nu moeten betalen en dat hij duizend extra businessseats liet bijbouwen op de hoofdtribune. „We willen allemaal mooi voetbal en de beste spelers zien. Dat is niet gratis. En je kunt moeilijk dat geld bij de gewone supporter vandaan halen. Dat wil ik niet.”

„Het eerste wat ik heb gedaan is een rondje langs alle muren in het stadion. Klop, klop. Alles van gips meteen eruit. Ik wil open ruimtes. De mensen zaten voorheen voor en na de wedstrijd in hun eigen box. Nu komen ze samen.”

Hij woont in een kasteel

Tussen zijn snedige zinnetjes door geeft hij passerende spelers en trainer Hein Vanhaezebrouck een hand, terwijl hij ervoor uitgebreid de tv te woord stond. Hij is zichtbaar, deze clubeigenaar die met zijn vrouw een kasteel bewoont en zich per chauffeur laat verplaatsen in zijn verhoogde Tesla die deze zondag het dichtst voor de entree staat geparkeerd. Op Twitter is hij zeer actief. Hebben fans klachten of tips, dan houdt hij die voor de neus van medewerkers op kantoor. Actie!

Coucke: „Vandaag hebben we zes nieuwe restaurants geopend. Er is nu een champagnebar en een gin-en-tonicbar. Ja, de sponsoren moeten nu een deel betalen. Maar in de tijd dat alles hier gratis was, kregen ze goedkope, slechte wijn.”

    • Fabian van der Poll