Opinie

    • Ian Buruma

Herkennen we de signalen voordat het te laat is?

De meeste mensen zagen het verval van de democratie in de jaren dertig niet. Of dat nu kwam door gemakzucht of ideologie, laten we proberen van het verleden te leren, schrijft .

Een Duitse razzia op Joden in Berlijn, 1933. Foto AKG

Het is haast altijd onverstandig om eigentijdse volksmenners met Hitler te vergelijken. De verschrikkingen van het naziregime worden erdoor getrivialiseerd, en het verslapt de aandacht voor de specifieke problemen van vandaag. Dan nog rijst de vraag wanneer de democratie – en daarmee onze vrijheid – in wezenlijk gevaar verkeert.

Dingen die enkele jaren geleden nog ondenkbaar waren – een Amerikaanse president die democratische bondgenoten beledigt en aanpapt met dictators, die de vrije pers als „vijanden van het volk” bestempelt, en kinderen van vluchtelingen in kampen opsluit – zijn nu aan de orde van de dag. Is het nu geen tijd om alarm te slaan?

Jaren dertig

Over dit probleem zijn prachtige boeken geschreven. Georgio Bassani’s meesterwerk De tuin van de Finzi-Continis bijvoorbeeld. Bassani beschrijft het lot van enkele vooraanstaande Joodse families in Ferrara onder Mussolini. Stukje bij beetje, haast zonder dat veel mensen het merken, worden hun levens door de fascistische staat beknot: toegang tot de universiteit wordt verboden, banen gaan verloren, clubs sluiten hun deuren, vrienden komen niet meer op bezoek. Desondanks steken deze gecultiveerde Italiaanse Joden hun kop in het zand. De vader van de hoofdpersoon wil zich zelfs aansluiten bij de fascistische partij. En de deftige Finzi-Continis trekken zich terug in hun quasi-aristocratische familiekring. Trots en gebrek aan fantasie maken hen blind voor de gevaren die hen bedreigen, tot het te laat is en zij worden afgevoerd naar de kampen.

Lees ook onze recensie: Het fascisme hoort erbij

Sebastiaan Haffner schreef zijn meesterlijke memoire Het verhaal van een Duitser in 1939, een jaar na zijn vertrek uit het Derde Rijk naar Engeland. Zijn boek gaat ook over het menselijke onvermogen om rampen te zien aankomen. Haffner was student rechten in de jaren dertig. Langzaam, stap voor stap, net als in Italië, werd de dictatuur verscherpt. Het trof Haffner hoe gemakkelijk zijn vrienden aan de rechtenfaculteit, geen van allen nazi’s, elke maatregel – rassenwetten, afschaffing van de grondwet, etc. – aanvaardden, juist omdat dit allemaal gebeurde in naam van de wet. Er was geen rode lijn die werd overschreden, geen moment waarop men besloot dat het regime volstrekt onaanvaardbaar was geworden, en men serieus moest denken aan verzet of vertrek. Haffner, zelf niet Joods, zag het wel en koos voor ballingschap, en wel in het jaar dat synagogen in brand werden gestoken en Joden hun huizen uit werden gejaagd.

In landen met een democratische traditie is het verleidelijk om in de waan te verkeren dat het ons nooit zal overkomen

Onder de meeste omstandigheden zijn er waarschijnlijk meer Finzi-Continis dan Haffners. Een alarm houdt je maar uit je slaap. Het leven is gemakkelijker als de wereld normaal lijkt te zijn, zelfs als het tegendeel waar is.

Er zijn veel manieren om de werkelijkheid te negeren. En juist op dat punt kunnen we lering trekken uit de jaren dertig in Europa. Een aanzienlijk aantal Duitse zakenlieden en industriëlen, die conservatief waren maar geen nazi’s, konden best met Hitler leven, zolang zij dachten dat zij er financieel belang bij hadden. Zijn manieren lieten te wensen over, dat wel, maar zij zouden hem wel naar hun hand zetten. Dit bleek een illusie te zijn.

Parallellen

Enige historische kennis kan ons helpen om bepaalde patronen te herkennen die leiden tot dictatuur – het ondermijnen van de rechterlijke macht, bijvoorbeeld, zoals Trump nu regelmatig doet in zijn tweets. Maar de herinnering aan het verleden, vaak vermengd met mythes en legenden, kan ons ook verblinden voor wat ons misschien te wachten staat. In landen met een democratische traditie is het verleidelijk om in de waan te verkeren dat het ons nooit zal overkomen: onze politieke instellingen zijn immers te sterk, of ons volk houdt zo van haar vrijheid, of wij zijn te modern en beschaafd om in barbarisme te vervallen.

Blindheid kan net zo goed van links als van rechts komen. Duitse communisten deden, naar de wens van Stalin, niets om de democratische Weimarrepubliek te verdedigen, omdat zij sociaal-democraten als een grotere vijand zagen dan de nazi’s. Maar ook linkse intellectuelen die geen aanhangers waren van Stalin, lieten zich afleiden door kritiek op de hypocrisie of zelfgenoegzaamheid van de gevestigde politieke partijen die zij hadden moeten steunen.

Lees ook: Roth en de dystopie: de terugkeer van ‘America First’

Donald Trump is dan wel geen Hitler, maar het blijft verontrustend om te zien hoe lankmoedig de Republikeinen meegaan met elke stap die de Amerikaanse president doet om beschaafde democratische normen met voeten te treden. Even zorgelijk is de neiging in bepaalde linkse kringen om te weigeren een wezenlijk verschil te zien tussen Trump en Hillary Clinton of Obama. De schuld van alle ellende zit hem immers in het ‘neoliberale systeem’; eigenlijk was Clinton nog erger dan Trump, die tenminste bereid is om het met Poetin op een akkoordje te gooien. Voor rechts en dit soort links geldt hetzelfde: zij weigeren de reële gevaren van het autoritaire populisme van vandaag te onderkennen.

Dilemma

Het is waar: de veel bekritiseerde ‘mainstream media’ – die zogenaamde vijanden van het volk – houden zich nog redelijk goed overeind. Maar hun invloed neemt af. Doorwrochte artikelen in The New York Times of de Washington Post hebben minder effect dan presidentiële tweets die miljoenen mensen bereiken, en verder worden versterkt door propagandistische media zoals Fox News.

Lees ook: Stef Blok in het spoor van de westerse samoerai

Politici die angst en onbehagen behendig weten te bespelen hebben in een extreem verdeelde maatschappij meestal meer succes dan kalmere figuren die trachten te appeleren aan ons verstand (of zelfs ons eigenbelang). Partijen die weerstand moeten bieden aan de volksmenners zitten daarom gevangen in een dilemma. Met name jonge mensen willen actie. Maar als de gevestigde partijen zich in een te radicale richting laten stuwen, verliezen zij stemmen in het midden. En als zij voortmodderen in het oude stramien, dan lopen zij het risico om irrelevant te worden.

Hoe dan ook zal vrijheid verdedigd moeten worden. Dit kan alleen als we de gevaren scherp onder ogen zien. Pas als mensen gaan geloven dat zij niets meer kunnen doen om aan de grote en kleine demagogen weerstand te bieden, dan weten we zeker dat het te laat is.

    • Ian Buruma