Een land als Laos heeft China nodig

Nieuwe zijderoute Laos en Pakistan willen heel graag aansluiten op de nieuwe Chinese Zijderoute, maar Maleisië blies zijn deel van de plannen juist af.

China legt in Pakistan de diepzeehaven van Gwadar aan. Het is een belangrijk strategisch project want het verbindt de westelijke regio van China direct met de Indische Oceaan. Foto Ahmad Kamal Xinhua/Eyevine

Hij heeft prachtige amandelvormige ogen, een donkere huid en stug zwart borstelhaar. Met zijn 21 jaar heeft Yang Zhengbing als matig geschoold lid van de Chinese minderheid de Hani al heel wat kortdurende baantjes achter de rug. Sinds anderhalve maand werkt hij nu in een restaurant in de stad Jinghong, niet ver van de Chinese grens met Laos en Myanmar.

„Ik heb op een technische school gezeten, maar daarmee kon ik geen werk krijgen. Mijn opleiding bleek niets voor te stellen”, zegt hij. „Ik heb ook in een fabriek gewerkt waar we zoete snacks maakten.” Dat was in Kunming, de hoofdstad van de Zuidwestelijke provincie Yunnan, op ruim 500 kilometer van Jinghong. Daar werd hij ontslagen omdat het hem niet lukte de baas te spelen over de 15- en 16-jarige jongeren van wie hij de chef was.

Nu is hij weer terug in Jinghong, niet ver van waar hij is geboren. „Er wordt een nieuwe spoorweg gebouwd. Die gaat lopen van Kunming helemaal naar Singapore”, vertelt hij trots. „Iedereen weet dat er daardoor straks heel veel banen komen hier. Daarvan ga ik zeker profiteren.”

Dan moet die trein eerst wel gaan rijden. Van China naar Laos zal dat wel lukken: dat stuk van het traject moet eind 2021 klaar zijn. Rondom Jinghong wordt druk gewerkt aan tunnels en bruggen. Maar naar Singapore rijdt de trein nog lang niet.

Maleisië

De Maleisische premier Mohamad Mahathir heeft het Maleisische deel van de plannen eind mei afgeblazen. „We hebben er niets aan. Het gaat ons enorm veel geld kosten, we gaan helemaal niets verdienen aan dit project”, legde Mahathir zijn beslissing uit.

Het spoorwegproject is deel van de Nieuwe Zijderoute, door China yidai yilu (één riem, één weg) genoemd. De Chinese president Xi Jinping kwam in 2013 met het voorstel om een internationaal netwerk van wegen, spoorlijnen, havens, pijpleidingen en energiecentrales aan te leggen dat China sterker moet verbinden met Zuid- en Zuidoost-Azië, met Afrika en met Europa.

Inmiddels zijn zo’n zeventig landen bij deze Nieuwe Zijderoute betrokken, in totaal zou het gaan om een investering die volgens de Amerikaanse denktank Center for Strategic & International Studies (CSIS) kan oplopen tot wel 4.000 miljard dollar. Anderen spreken zelfs van 8.000 miljard. Volgens de China Global Investment Tracker van onder meer het American Enterprise Institute bedragen China’s totale internationale investeringen, dus niet alleen de investeringen die vallen onder de Nieuwe Zijderoute, momenteel 1.800 miljard dollar.

Lees ook: China investeert extra 113 miljard dollar in nieuwe Zijderoute

De reactie van de buitenwereld op de Chinese plannen is tot nu toe gemengd: de reactie van Mahathir is typisch voor de landen die iets te kiezen hebben. Die willen eerst weten of de projecten wel financieel haalbaar zijn en of de aanbesteding van de projecten wel open en transparant gebeurt. Ze vragen zich ook af wat samenwerking met China op den duur voor effect kan hebben op hun machtsverhouding met China.

Laos

Laos bevindt zich in een heel andere positie: juist omdat de economie en de schuldenpositie van het land zwak zijn, is er geen ander land dan China, en geen andere instelling dan een Chinese bank, die Laos geld wil lenen voor grote infrastructurele werken.

De Laotiaanse regering wil de spoorlijn van de Chinese grens naar de hoofdstad Vientiane, ruim 400 kilometer verderop, op zich graag hebben. Maar de regering heeft wel lang over de voorwaarden onderhandeld. In 2001 was er voor het eerst sprake van de spoorlijn in Laos, eind 2016 ging de eerste spade in de grond en eind 2021 moet het Laotiaanse deel van de spoorlijn voltooid zijn.

Pepijn Barnard/NRC Studio

De lening en het geld dat Laos uit eigen kas in de spoorlijn moet stoppen, worden een extra grote last omdat een aansluiting op het Thaise deel van de spoorlijn er voorlopig nog niet komt. Eind vorig jaar begon Thailand eindelijk met de aanleg van een eerste deel van de lijn, maar dat deel begint vanaf Bangkok, niet vanaf de grens met Laos. Voor het tweede deel zoekt Thailand private investeerders, die vanaf eind dit jaar op het project mogen intekenen. Pas daarna kan de bouw beginnen. Zolang de spoorlijn alleen van Laos naar Kunming loopt, is hij door de beperkte omvang van de Laotiaanse economie niet rendabel.

Het gevaar dreigt dat Laos straks het bezit van de spoorlijn aan China moet overdragen

Wat er precies gebeurt als Laos de Chinese lening niet kan afbetalen, is onduidelijk. Niet alle details van de overeenkomsten met China zijn openbaar. Er bestaat een kans dat Laos uiteindelijk het bezit of de exploitatie van de spoorlijn aan China zal moeten overdragen om zijn schulden af te lossen. Iets dergelijks gebeurde eerder met de haven van Hambantota in Sri Lanka.

De problemen die voor Laos dreigen, spelen ook in andere landen. Er is vaak sprake van vertragingen en van leningen die niet op tijd kunnen worden terugbetaald. Vervolgens dreigt dan het gevaar dat China het eigendom of beheer overneemt van de infrastructurele projecten die het heeft gebouwd.

Pakistan

In Pakistan speelt nog een ander probleem. China, dat van oudsher zeer goede banden met Pakistan onderhoudt en veel minder goede met India, legt in Pakistan de diepzeehaven van Gwadar aan. De ontwikkeling en het management van die haven ligt tot 2059 in Chinese handen. Het is een belangrijk strategisch project want het verbindt de westelijke regio van China direct met de Indische Oceaan. Dat is economisch, maar ook militair van belang.

Lees ook: China krijgt een strategische haven in Pakistan

Het lastige is dat Gwadar in de provincie Baluchistan ligt. Daar zijn veel gewelddadige rebellen actief, en die hebben zich in het verleden ook tegen Chinezen gericht. Zo werden twee Chinese taalleraren in 2017 gedood door leden van Islamitische Staat. Tien Chinese wegwerkers kwamen dat jaar om toen twee mannen op een motor het vuur openden.

China doet daar iets tegen. De Britse krant Financial Times meldde in februari van dit jaar dat China al vijf jaar in het geheim onderhandelt met de rebellen in het gebied. Daardoor zouden de onlusten inderdaad zijn afgenomen. „De Chinezen hebben in stilte veel vooruitgang geboekt”, zegt een Pakistaanse bestuurder in de FT. „Separatisten proberen weliswaar af en toe nog aanvallen uit te voeren, maar ze zetten over de hele linie geen sterke aanval meer in.” De onderhandelingen gaan naar verluidt gepaard met financiële compensatie voor de rebellen.

De Pakistaanse autoriteiten lijken deze Chinese inmenging in Pakistaanse zaken te verwelkomen. Zo luidde de kop boven een artikel dat de ex-generaal Athar Abbas in juni schreef voor de Nikkei Asian Review: „China is de sleutel voor Pakistans veiligheid en zekerheid.” In het artikel zelf zegt hij: „De veiligheidsdiensten van Pakistan en China werken nauw samen om de orde te bewaken.” Hij wijst dat niet af.

Pakistan ziet China steeds meer, en de Verenigde Staten steeds minder als ideale bondgenoot. China kan Pakistan niet alleen helpen bij zijn economische ontwikkeling, maar ook bij zijn interne stabiliteit en bij het versterken van zijn strategische positie ten opzichte van India.

China’s buren in Zuid- en Zuidoost-Azië kunnen dan ook wel degelijk wat hebben aan een partner die bereid is om geld te steken in de broodnodige ontwikkeling van infrastructuur. Als alles goed loopt, dan leiden die investeringen tot welvaartsgroei.

Ze betalen die infrastructuur alleen uiteindelijk wel uit eigen zak, met geld dat ze deels van China lenen. Dat geld moet vaak verplicht worden gebruikt voor de inhuur van Chinese bedrijven, die de projecten goeddeels met Chinese arbeidskrachten uitvoeren. Als alles minder ideaal uitpakt dan gehoopt, dan blijven China’s buren achter met schulden die ze niet kunnen afbetalen. Soms rest dan niets anders dan een overdracht van hun mooie nieuwe infrastructuur aan China.

    • Garrie van Pinxteren