Opinie

    • Marcel van Roosmalen

Preston

Bij de opvang had ik een gesprek met een andere man die net als ik achter het hekje stond te wachten, een veertiger. Hij wreef zichzelf over de buik. „Ik ben een midweek in Preston Palace geweest. Je mag daar eten zo veel je wilt, op een gegeven moment dacht ik: straks plof ik nog.”

Ik lachte voor de vorm wat mee.

„Haha.”

Hij: „Ze hebben de entree vernieuwd, dat was nodig. Ziet er weer schitterend uit, maar die stad vind ik niks. Al-me-lo…”

Toen ik daarna Herman Finkers citeerde en iets zei als ‘Een stoplicht springt op rood, een ander weer op groen. In Almelo is altijd wat te doen’, corrigeerde hij me.

„Nee, juist niet.”

‘Juffie’ kwam zeggen dat we door mochten lopen, ze zei dat er twee ziekten heersten: ‘mond-en-klauwzeer’ en ‘waterpokken’. Ze ging ervan uit dat alle kinderen al besmet waren.

Hij begon weer over Preston Palace.

„Of hou je niet van vakantie? Omdat je het te druk hebt, of zo.”

Ik zei dat we vorig jaar met vrienden naar Frankrijk waren geweest, dat de oudste dochter toen al na een dag met een ambulance moest worden afgevoerd en dat spanningen er hoog opliepen omdat er ook nog een hittegolf, bosbranden en een muggenplaag waren, maar dat de mensen van vorig jaar toch weer waren gegaan en dat die ons nu de hele tijd sms’ten dat ze ons gemopper zo missen.

Hij zei dat hij zeven keer in Preston Palace was geweest en dat het alleen in 2012 niet leuk was. „Ruzie met mijn broer. Bert van Leeuwen is er nog aan te pas gekomen. Ken jij die? Ja? Wat een schijnheil. Ik ga echt niet op televisie.”

Ik, alsof ik er verstand van heb: „Nee, natuurlijk niet.”

Hij: „Ik ben rechtlijnig, altijd geweest. Ik pak graag mijn gelijk en als ik het heb geef ik het niet meer terug. Mijn dochter is ook zo.”

Ik informeerde voorzichtig of zijn dochter ook bij de Vlindertjes zit, want daar zitten die van mij bij en voor je het wist waren ze collega’s.

„Nee”, zei hij, „ze zit bij de kapper, die van mij is 23. Ik kom voor mijn kleindochter.”

Met haar deed hij alleen maar leuke dingen. Dus niet de waterpokken, maar wel Preston Palace. Hij had vroeger opmerkingen over zich heen gehad, omdat ze vonden dat hij te vroeg vader was geworden, maar steeds vaker bekroop hem het gevoel dat hij iedereen te slim af was geweest.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.

    • Marcel van Roosmalen