Brieven

Brieven 1/8/2018

Onderzoekssubsidies

Laat uni weer beslissen

Het artikel ‘(Bijna) moeder? Vergeet dat onderzoeksgeld dan maar’ (21/7) kaart problemen aan die zwangere vrouwen ondervinden als zij meedingen naar prestigieuze persoonsgerichte subsidies bij wetenschapsfinancier NWO, zoals deadlines rond de bevalling. Het artikel bepleit aangepaste procedures bij zwangerschap. Een eenvoudigere oplossing: schaf persoonsgerichte subsidies voor junior onderzoekers af. In 2008 hevelde minister Plasterk 100 miljoen over van de universiteiten naar NWO, in het bijzonder naar persoonsgerichte subsidies. Dit is een geschikt instrument voor onderzoekers die verder in hun loopbaan zijn: het vergroot hun zelfstandigheid en heeft bijgedragen aan modernisering van het benoemingsbeleid. Maar voor junior onderzoekers heeft het instrument meer nadelen dan voordelen. En die gelden ook voor mannen. Door de hoge aanvraagdruk wordt er gewerkt met vooraanmeldingen, bestaande uit een beknopt CV en een onderzoekidee van een paar honderd woorden. Maar het CV van recent gepromoveerden is nog dermate in opbouw dat een externe, breed samengestelde commissie daarover veel slechter kan oordelen dan de omgeving waarin de kandidaat werkt. Op een aantal uitblinkers na, komt een groot deel van de selectie neer op millimeterwerk waarbij teruggevallen wordt op onvolkomen criteria zoals publicaties. Beter kan het budget voor junior wetenschappers terug naar de universiteit, die dan zelf promovendi en postdocs kan aanstellen.


hoogleraar Klinische Psychologie

AOW-leeftijd

Educatie loont niet

Mijn vrouw is verpleegkundige, opgeleid op mbo niveau 4, en werkt avond-, nacht, en weekenddiensten in een verpleeghuis. Dat dit een zwaar beroep is behoeft geen betoog. Binnenkort begint ze, naast haar werk, met een deeltijd hbo opleiding. „Doe het maar niet”, zei ik, toen ik de voorpagina las met de kop: ‘Laagopgeleide moet eerder met pensioen dan hoogopgeleide’ (31/7). Blijkbaar leven we in een land waarin persoonlijke ontwikkeling wordt bestraft.

Plakkaat van Verlatinghe

Nationale feestdag

Op 26 juli werd in de Eerste Kamer herdacht dat op die dag in 1581 het Plakkaat van Verlatinghe in Den Haag werd getekend. Dit was de start van de geschiedenis van Nederland zoals wij dat nu kennen – de gedroomde basis voor een nieuwe nationale feestdag. In het Plakkaat formuleren de vertegenwoordigers van de Nederlandse gewesten hun gedachten over de ideale staat. Met dit document laten onderdanen voor het eerst in onze geschiedenis een vorst weten dat het volk er niet is voor de vorst maar dat de vorst het volk moet dienen. Ook is het een aanklacht tegen de aantasting van wat we nu als mensenrechten verstaan, en neemt het een stevig voorschot op wat later onze grondwet zou worden. Laat ook Nederland het moment waarop het zich zelfstandig verklaarde als nationale feestdag vieren. En laten we niet bang zijn voor te veel nationalisme. Nieuwe Nederlanders kunnen zo meedelen in onze geschiedenis en identiteit.


Schiedam

    • Henk Slechte
    • Willem van der Does
    • Sander Markies