Foto David van Dam

Nog veertig rondjes om de kerk te gaan

Daags na de Tour Net terug uit Frankrijk rijden de wielrenners op maandag al het criterium in Boxmeer. Lucratief, maar niet ideaal voor het herstel.

„Jullie kunnen me de aankomende dagen in Nederland ook nog zien hoor”, zei Tom Dumoulin zondag na de finish van de Tour de France in Parijs. De nummer twee van het eindklassement dit jaar doelde op de verschillende wielercriteriums waaraan hij en veel van zijn collega’s meedoen in de dagen na de Ronde van Frankrijk. Traditiegetrouw heeft Boxmeer de primeur. Standaard na de dag van de finish op de Champs-Élysées. Zo won sprinter Dylan Groenewegen vorig jaar op zondag in de straten van Parijs de laatste etappe en stond hij een dag later op het hoogste podium in Boxmeer.

Ook deze maandagavond staan duizenden wielerfans langs de hekken van het twee kilometer lange parcours in Boxmeer, het gebruikelijke rondje om de kerk, ook in deze 44ste editie. In de veertig rondes die worden gereden is er alle tijd om een glimp op te vangen van de renners die de fans drie weken lang achter de buis hebben gevolgd.

Ook bij de aankomst van de renners is het druk. De anonieme wielerprof die meedoet aan het criterium kan nog rustig naar binnen, maar als Dumoulin zijn grijze BMW parkeert voor de deur van de sporthal, klinkt gejuich. Met tas en al wurmt hij zich door de menigte.

„Nu zie ik pas hoe de Tour heeft geleefd hier”, zegt Dumoulin. Hij is vermoeid, heeft het slotfeest in Parijs overgeslagen, maar wil zich graag aan de wielerfans tonen.

Honderdduizenden euro’s

Voor de renners is de ronde van Boxmeer een toetje na bijna 3.500 kilometer koersen door Frankrijk. En voor routinier Bram Tankink het moment om afscheid te nemen. Steven Kruijswijk viert zijn topklassering in de Tour – hij werd vijfde – met het publiek tijdens de meet-and-greet en Dylan Groenewegen, tweevoudig etappewinnaar in Frankrijk, signeert de wielerpetjes en tricots van tientallen kinderen.

Een lucratief bedrag ontvangen ze, de renners die aan de start verschijnen in Boxmeer. Het criteriumbudget van „enkele honderdduizenden euro’s”, dat voornamelijk door lokale sponsoren wordt gefinancierd, wordt voor het overgrote deel gebruikt om renners te strikken, zegt voorzitter van de ronde Pierre Hermans.

Al tijdens de Tour wordt met de wielerprofs onderhandeld over een deelname. „Vroeger ging je als rondebaas op een rustdag langs in de Tour, nu doen makelaars al dat werk”, aldus Hermans.

Op de startlijst staan 29 renners. Die krijgen niet allemaal hetzelfde startbedrag. „Het is loon naar prestatie: hoe beter de renner, hoe hoger het bedrag.” Loon vooraf dus, een fijne bonus. Voor de betere renners loopt dat bedrag in de tienduizenden euro’s. Maar wie heeft er na drie weken koers nog zin in een ronde van tachtig kilometer? „Ik heb overal pijn”, zegt Dumoulin. En toch rijdt hij.

Foto David van Dam

Mentale aspect

„Ik zou liever zien dat ze gaan rusten”, zegt Mathieu Heijboer, bewegingswetenschapper en head of performance bij wielerploeg LottoNL-Jumbo. De lichamen van zijn renners, onder wie Kruijswijk, snakken na drie weken fietsen naar rust. Maar de extra etappe in Boxmeer maakt voor het lichaam niet per se uit, zegt hij. „21 of 22 etappes, dat scheelt niet veel. Het gaat meer om de concentratie, om het mentale aspect. De renners zullen de vermoeidheid na drie weken koers ineens veel sterker voelen. Deze tachtig kilometer zijn zwaarder dan de laatste etappe van honderdtwintig kilometer naar Parijs.”

Het gaat in Boxmeer ook niet om lekker uitfietsen, er wordt echt gekoerst. „Het is voor je lichaam pas nuttig als hersteltraining als je een uur tot anderhalf uur op een heel laag tempo rondtrapt”, zegt Heijboer. Zoals renners normaal doen op een rustdag. Maar dat gaat niet op voor het criterium in Boxmeer. „In deze tachtig kilometer zullen ze een aantal keer moeten aanzetten, zeker als je wilt winnen.”

En dus zit de ploegleiding er steeds meer bovenop, zegt ook rondebaas Hermans. „In de zes jaar dat ik het doe, is het steeds meer een kwestie geworden van ‘wie mag er?’. De ploegarts, de haptonoom, de fysiotherapeut, iedereen bemoeit zich ermee.”

Dat de ploeg de koers bepaalt voor de renners ondervond ook alleskunner Mathieu van der Poel. Als zijn vader Adrie – tweevoudig winnaar – het startschot in Boxmeer verricht, staat hij niet aan de start. Veldrijder Van der Poel, die kortgeleden Nederlands kampioen werd op de weg, rijdt voor een Belgische ploeg. Hij start dus niet in Boxmeer, maar – wat zijn ploeg interessanter vond – in het Belgische Aalst, een ander criterium

Bram Tankink wint uiteindelijk zijn laatste profkoers, voor Tom Dumoulin en Bauke Mollema.

    • Jelmer Kos