Familieleden zagen vertrek Syriëgangers vaak niet aankomen

Vaak herkennen de familieleden signalen van radicalisering niet, blijkt uit onderzoek van de Universiteit Leiden.

Een explosie in het zuiden van Syrië, gezien vanaf de door Israël bezette Golanhoogten. Foto Ariel Schalit / AP

De families van Syriëgangers hadden vaak geen vermoeden dat hun zoon of dochter naar Syrië zou uitreizen, ondanks dat er soms wel aanwijzingen voor waren. Dat blijkt uit een onderzoek van Universiteit Leiden dat maandag is gepubliceerd.

Het onderzoek is gedaan in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Onderzoekers Daan Weggemans, Marieke van der Zwan en Marieke Liem spraken met zeventien families en 46 professionals die zich met radicalisering bezighouden. Hun belangrijkste conclusie is dat de rol van families van uitreizigers en terugkeerders uit strijdgebieden vaak beperkt is.

Signalen herkennen

Soms is de familie een stimulerende factor in de radicalisering en soms probeert de familie er juist alles aan te doen om radicalisering te voorkomen. Maar meestal, zo laat dit onderzoek zien, heeft de familie een zeer beperkte invloed op de uitreiziger. Vaak herkennen de familieleden de signalen van radicalisering niet, doordat zij zelf kampen met problemen op financieel gebied, maar ook verslavings- of relatieproblemen. Ook is er vaak weinig contact tussen de uitreiziger en de familie.

Lees ook: Hoe de autistische Thierry K. bij IS kwam

Andersom blijkt wel dat Syriëgangers vaak een slechte invloed hebben op familieleden. Zo proberen zij meestal familieleden over te halen om ook naar Syrië of Irak uit te reizen.

Weinig gehoor

Het onderzoek laat zien hoe belangrijk goede informatievoorziening over radicalisering is en onderschrijft hoe belangrijk het is om gezinnen te ondersteunen. “Veel familieleden beschikten in eerste instantie over beperkte kennis over zaken als uitreizen en radicalisering en tot welke instanties ze zich konden wenden”, schrijven de onderzoekers.

Familieleden die wel een vermoeden hadden van radicalisering geven aan dat ze weinig gehoor vonden bij instanties. Dit zou er deels mee te maken hebben dat het fenomeen uitreizen enkele jaren geleden nog relatief nieuw was.

Volgens inlichtingendienst AIVD zijn er sinds 2012 in totaal driehonderd Nederlandse jihadisten uitgereisd naar Syrië en Irak, onder wie zo’n honderd vrouwen. 75 uitreizigers zijn omgekomen en vijftig mensen zijn teruggekeerd.

    • Steven Musch