Opinie

    • Nynke van Verschuer

Romana Vrede weet hoe ze moet spelen met de stilte

Zomergasten Actrice Romana Vrede, de eerste Zomergast, kon gemakkelijk de hele avond boeien. Enig ongemak van presentator Janine Abbring met haar uitgesproken gast zorgde voor een goede spanningsboog.

Romana Vrede : „Ik ben heel dominant, absoluut, maar ik vind wel dat ik heel kwetsbaar ben.” (VPRO)

Terug op het dak van de te water geraakte caravan moest Janine Abbring eerst even weten in hoeverre Zomergast Romana Vrede ook acteert buiten de schouwburg, op dit podium bijvoorbeeld. Het antwoord was veelzeggend: „Ik ga Romana spelen”, zei ze, „maar ik ben wel echt.”

De eerste editie van Zomergasten 2018 maakte gauw tempo; in het eerste fragment liet Vrede een Winti-Pré zien, een rituele dans die de natuurgoden eert – goden die zijn meegereisd van Afrika naar Suriname met de tot slaaf gemaakten. Vrede zei dat het een herinnering is die ouder is dan zijzelf, maar dat dat misschien „extreem Romana” was. „Ik herken de kracht, omdat ik soms het idee heb dat mijn krachtbron onuitputtelijk is.”

Dat idee heeft de kijker na het zien van deze Zomergasten ook. Met haar expressieve manier van vertellen kon Vrede makkelijk de hele avond boeien, en enig ongemak van Abbring met haar uitgesproken gast bovendien zorgde de hele uitzending voor een goede spanningsboog.

De avond draaide om Vredes zoon met autisme, Charlie, waar ze nog even naar zwaaide, voor het geval dat ’ie keek. Charlie praat niet, maar zegt alleen maar ‘hiii’ en wiegt dan zijn bovenlichaam, zoals Vrede een paar keer overtuigend nadeed.

Stil zijn

Meer in het algemeen ging het over communiceren en iets overbrengen op de ander, Vrede’s metier. Bijvoorbeeld door stil te zijn, „een magische manier van communiceren”. Charlie is stil. Emma Gonzales, studente van Stoneman Douglas High School, was minutenlang stil in de speech die zij gaf na de shooting op haar school in februari van dit jaar en die Vrede liet zien. En stilte is ook een instrument waarmee Vrede op het podium speelt, in de schouwburg en in gesprek met Abbring.

Halverwege de uitzending trok zij het concept van de avond in twijfel door te zeggen dat ze een gesprek boven een interview zou verkiezen, omdat ze vond dat er veel werd gehaald en weinig werd gedeeld.

Abbring, die vorige week in Jinek zei dat ze in interviews goed kan delen om de ander aan het praten te krijgen, raakte er door van haar a propos. Echt iets delen zag Abbring niet zitten; de vragen die Vrede stelde kaatste ze steeds terug. Maar ze herpakte zich goed door te constateren: „Je laat je niets voorschrijven. Je doet niet mee en denkt, oh, de presentatrice houdt even haar mond dus nu moet ik leveren.” Vrede beaamt: „Ik ben heel dominant, absoluut, maar ik vind wel dat ik heel kwetsbaar ben.” Abbring, vol ongeloof: „Ja?”

Er was een fragment waarin Jules Deelder de schoonheden van Rotterdam opsomt („Briljante gast toch.”). En een stukje uit de film Rain Man waarin Dustin Hoffman de autistische broer is van Tom Cruise. Vrede ergerde zich over hoe Hollywood autisme ziet. „Alsof veel geld winnen in Las Vegas en een net iets minder aantrekkelijke versie van Tom Cruise zijn het hoogst haalbare is.”

Potje luisteren

Een van de meest theatrale fragmenten van de avond was niet geënsceneerd, en bleek een opname waarin Aboutaleb in 2015 boze bewoners van de Beverwaard in Rotterdam te woord staat. Aboutaleb laat een ‘potje luisteren’ zien, volgens Vrede. De bewoners protesteren tegen de komst van een asielzoekerscentrum en maken zich zorgen over veiligheid: „Leg u daar nie wakker van?”

Tegen het eind kwamen we toch nog iets te weten over Vrede. Abbring vroeg naar de toekomst van zoon Charlie. Als zij oppert dat hij misschien soms een risico is voor zijn omgeving, zegt Vrede: „Ik heb niets aan dit toekomstbeeld, sorry.” Abbring: „Maar het is toch zo?” „Ik wil het niet meenemen in mijn droom. I’d rather be happy than right.”

En zo speelde Romana Vrede zichzelf: expressief, vol overgave, en met bravoure, enkele kwetsbaarheden tonend, die vooral moesten afleiden van de grootste kwetsbaarheid: de onbespeelbare realiteit.

    • Nynke van Verschuer