Vlucht naar waar het vuur al was

Bosbranden

Ook in Nederland is er een hoger risico op bosbranden. Hoe ontvlucht je die? „Laat het niet zo ver komen dat je de vlammen ziet.”

Afgebrande huizen en bos aan de Griekse kust. Foto Antonis Nicolopoulos / Eurokinissi / Reuters

Bij de bosbranden die maandag in Griekenland uitbraken, zijn zeker 83 mensen omgekomen. Duizenden mensen sloegen op de vlucht. Hoe komt het dat de branden zo dodelijk waren? En wat kun je het beste doen als je een bosbrand wilt ontvluchten? Drie bosbrandonderzoekers vertellen.

1 Wanneer ontstaat een bosbrand?

Bij veel bosbranden geldt de 30-30-30-regel, zegt natuurbranddeskundige Cathelijne Stoof van Wageningen Universiteit. „Als de windsnelheid boven de 30 kilometer per uur komt, de luchtvochtigheid minder dan 30 procent bedraagt en de temperatuur 30 graden Celsius of meer is, dan is het risico op een bosbrand extra groot.” Naast die omstandigheden is de beschikbare brandstof van invloed: „Als alles begroeid is, kan de brand zich makkelijker verplaatsen – zowel horizontaal als verticaal. Dat is het laddereffect. De meeste bosbranden beginnen op de grond, zeker als ze zijn aangestoken. Door een bos goed te onderhouden en laaghangende takken te snoeien, kunnen beheerders voorkomen dat de brand overslaat naar de boomtoppen. Zo’n kroonvuur is niet controleerbaar.” In Griekenland zorgden droogte, harde wind en hitte ervoor dat de branden zich snel uitbreidden en zo veel slachtoffers maakten.

Fysisch geograaf Guido van der Werf, die aan de Vrije Universiteit Amsterdam onder meer onderzoekt hoe bosbranden het klimaat beïnvloeden: „We hebben nu al lange tijd wind uit noordoostelijke richtingen vanwege het hogedrukgebied boven Scandinavië. Dan zijn de aanvoer van lucht over land en de luchtvochtigheid laag en droogt het bos snel uit.”

Lees ook: Waarom was er geen evacuatieplan?

2 Wat kun je doen als je in een bosbrand terechtkomt?

„Laat het liefst niet zo ver komen dat je de vlammen ziet”, zegt Stoof. „Vraag op een camping naar de evacuatieplannen, zorg dat je een tas hebt klaarstaan met belangrijke spullen, volg de lokale brandweer op Facebook.” Wegrennen of fietsen gaat vaak niet snel genoeg – branden kunnen zich met 20 kilometer per uur voortbewegen – en de auto is ook niet altijd het beste vluchtmiddel. „Veel doden vallen doordat mensen te laat nog de weg opgaan. Ik heb foto’s gezien van auto’s in de file, compleet uitgebrand. Vreselijk.” Rookontwikkeling kan bovendien voor slecht zicht en ongelukken zorgen.

Mocht het te laat zijn om te evacueren en je bent buiten, probeer dan je weg te vinden naar waar het vuur al is geweest. Stoof: „Naar de stukken die dus al in brand hebben gestaan, en zwart geblakerd zien. Mijd het groen, want dat vormt nog brandstof.”

Fysisch geograaf Sander Veraverbeke, een collega van Van der Werf: „Of zoek een open plaats in het landschap zonder begroeiing: rotsen, een meer, zand… Maar die zijn niet overal beschikbaar. En probeer de locatie van de brand ten opzichte van de windrichting in te schatten. Dit klinkt makkelijk, maar dat is het niet. In bergachtig terrein gaat de wind spelen naargelang de topografie. En een hevige brand creëert ook zijn eigen weer en wind.”

The Britse website The Survival Expert: „Als de brand zo dichtbij is dat je niet meer kunt ontsnappen, graaf dan een greppel en zorg dat je zo laag mogelijk blijft. Rol jezelf tot een bal en als je een (liefst natte) deken bij je hebt, leg die dan over je heen. Door laag te blijven inhaleer je zo min mogelijk giftige rook.”

3 Hoe kunnen we bosbranden voorkomen?

Naast het voorkomen van het laddereffect is het belangrijk te zorgen voor ‘brandgangen’ in bossen: brede paden tussen de bomen die brandvertragend werken, al kunnen ze niet altijd de brand volledig stilleggen. Zeker bij sterke wind kan er nog een vonk overspringen tussen boomkronen. Stoof: „Verder is het belangrijk om te letten op de boomsoorten: loofbomen branden minder goed dan naaldbomen, omdat ze geen hars bevatten en iets vochtiger zijn.” Van der Werf: „In gebieden waar veel branden zijn en veel mensen wonen, worden vaak stukken bos gecontroleerd afgebrand om de hoeveelheid grassen en struiken laag te houden.”

4 Moeten we in Nederland ook extra alert zijn op bosbranden?

Ja, vanwege de aanhoudende droogte en de hitte is het risico hier ook hoger dan normaal. Op de site natuurbrandrisico.nl geldt voor heel Nederland momenteel fase 2, waarin ‘extra alertheid’ geboden is. Stoof: „Bij ons beginnen veel bosbranden op heidevelden, dus het is belangrijk om juist de overgang van heide en bos in de gaten te houden.”

    • Gemma Venhuizen