#MeTwo: Duitse twitteraars delen hun ervaringen met alledaags racisme

Met ‘Two’ wordt de dubbele identiteit van mensen met een migratie-achtergrond aangeduid.

Fans hebben een spandoek met een foto van Özil opgehangen in het stadion van Singapore, tijdens de International Champions Cup wedstrijd tussen Arsenal en Atletico Madrid. Foto Yong Teck Lim/AP

Inhakend op de ophef over de Turks-Duitse topvoetballer Mesut Özil delen Duitsers met een migratie-achtergrond nu op sociale media hun ervaringen met discriminatie en alledaags racisme via de hashtag #MeTwo. Die aanduiding sluit aan bij de beweging #MeToo, tegen seksuele intimidatie en aanranding. Met ‘Two’ wordt de dubbele identiteit van mensen met een migratie-achtergrond aangeduid.

De korte verhaaltjes, van niet meer dan een paar zinnen, lopen uiteen van schoonouders die complimenteren dat hij of zij „voor een buitenlander” toch goed Duits spreekt, tot uitsluiting bij het zoeken naar woonruimte, een baan of een plaatsje in de bus.

Lees ook: Schrijver Hasnain Kazim ging het gesprek aan met de honderden mensen die hem uitscholden en bedreigden

Özil maakte zondag bekend dat hij niet meer voor het Duitse voetbalelftal wil spelen, vanwege racisme en gebrek aan respect. Hij was de afgelopen maanden aanhoudend aangevallen omdat hij voor een foto geposeerd had met de Turkse president Erdogan. Als we winnen ben ik een Duitser, maar als we verliezen ben ik een immigrant, schreef Özil verbitterd in zijn opzegbrief.

De journalist en schrijver Hasnain Kazim, in Oldenburg geboren uit Indiaas en Pakistaanse ouders, vertelt onder de hashtag #MeTwo onder meer over gebieden in het oosten van Duitsland waar mensen met een donkere huidskleur zoals hij zich beter niet kunnen wagen, en die ‘nationale bevrijde zones’ genoemd worden.

Maar ook vertelt hij over bemoedigende ervaringen. Toen hij nog op school zat zou de klas op schoolreisje gaan naar Denemarken, maar toen hij zei dat hij dan niet meekon omdat niet snel genoeg een visum kon krijgen, besloot de klas unaniem: dan gaan we ergens anders heen.

    • Juurd Eijsvoogel