Er is nog maar weinig échte wildernis in de oceanen

Zeebiologie

Dertien procent van het oceaanoppervlak mag als echte wildernis gelden, zonder invloed van ‘menselijke stressoren’.

Een rif bij de Salomonseilanden. Foto iStock

Alaska, Canada, Siberië: bij ‘wildernis’ denken we algauw aan afgelegen streken met uitgestrekte bossen en bergketens. Maar ook in de oceanen is ongerepte natuur aanwezig, waar de mens niet of nauwelijks van invloed is. Een team van Australische en Amerikaanse onderzoekers heeft die mariene wildernis nu voor het eerst in kaart gebracht. Het areaal is opvallend klein, schrijven ze in Current Biology: 54 miljoen km2 wereldwijd. Dat is omgerekend 13,2 procent van het hele oceaanoppervlak. Maar het gaat de biologen niet zozeer om die omvang – die bepaalden ze met een vrij arbitraire methode – maar om deze boodschap: een groot deel van die wildernis wordt nu nog onvoldoende beschermd.

De onderzoekers keken welke mariene gebieden de minste hinder ondervinden van vijftien menselijke ‘stressoren’, zoals visserij en de lozing van vervuild water. Ze keken zowel naar de invloed van de afzonderlijke stressoren als naar de totale invloed. Behoorde een gebied in beide gevallen tot de 10 procent ‘minst beïnvloede plekken’, dan werd het als oceaanwildernis bestempeld.

De invloeden van klimaatverandering (temperatuur, UV-straling, oceaanverzuring en zeespiegelstijging) lieten de onderzoekers buiten beschouwing, omdat de effecten ervan niet goed te controleren zijn op lokale schaal en bovendien zo wijdverspreid zijn dat er anders helemaal geen wildernis zou overblijven.

Zuidelijk halfrond

Van de vastgestelde globale wildernis bevindt het grootste deel zich op het zuidelijk halfrond, in de internationale wateren ver buiten de kust. Alleen in dunbevolkte gebieden (zoals het Arctisch gebied) is er ook wildernis te vinden binnen 200 zeemijl van de kust. Dat er vooral op het zuidelijk halfrond oceaanwildernis is, heeft te maken met de intensievere scheepvaart op het noordelijke halfrond.

Omdat de menselijke invloed per oceaanregio zo verschilt, bepaalden de biologen ook de ‘realm-specific wilderness extent’: voor zestien oceaanrijken (zoals de Zuidelijke Oceaan en het tropische deel van de Atlantische Oceaan) bepaalden ze de wildernis per regio. Zo kunnen ook in streken met veel menselijke activiteit (zoals de Golf van Mexico) de relatief ongerepte plekken worden vastgesteld.

Dat is belangrijk om die gebieden beter te kunnen beschermen, schrijven de onderzoekers. Juist in ongerepte regio’s is de biodiversiteit vaak hoog. Gemiddeld herbergen de wereldwijde oceaanwildernissen 31 procent meer soorten dan andere plekken. Ruim 90 procent van de pakweg 23.000 zeediersoorten leeft er.

Toch behoort slechts 2,67 miljoen km2 (4,9 procent) van de wereldwijde oceaanwildernis tot Marine Protected Areas. Die zeereservaten beschermen samen bijna 7 procent van het oceaanoppervlak, maar vooral in gebieden bij de kust (koraalriffen bijvoorbeeld). Wildernis in afgelegen gebieden wordt veel minder beschermd en dat is zorgelijk, vinden de biologen: zo lopen we risico om nog meer ongerepte mariene natuur te verliezen. Onze invloed op de oceaan neemt nog altijd toe, waarschuwen ze, en nu al zijn de wereldzeeën nergens meer helemaal vrij van menselijke impact.

    • Gemma Venhuizen