Rechter: seksvideo Paay delen was onrechtmatig

Rechtszaak

GeenStijl moet Patricia Paay een vergoeding betalen; het linkte naar haar seksvideo. Het vonnis is relevant in de bredere discussie over online delen van beeld.

Patricia Paay zei tijdens rechtszaak dat de zaak groot effect had op haar geestelijke gezondheid. Foto ANP

Patricia Paay heeft de rechtszaak tegen weblog GeenStijl en een twitteraar gewonnen. Paay had hen aangeklaagd nadat GeenStijl in 2017 een link had geplaatst naar het twitterbericht van gebruiker @EendevangerNL met een seksvideo van Paay. Woensdag oordeelde de rechtbank in Amsterdam dat zangeres en tv-persoonlijkheid Paay recht heeft op een vergoeding van 30.000 euro voor immateriële schade. Zij eiste 450.000 euro. Na de zitting in mei probeerden partijen tevergeefs tot een schikking te komen.

Paay eiste het voor Nederlandse begrippen hoge bedrag, omdat het uitlekken van de video tegen haar wil was gebeurd. Naar eigen zeggen heeft de zaak groot effect op haar geestelijke gezondheid. De toegekende vergoeding is veel lager dan geëist, onder meer omdat de rechter de materiële schade – vooral gebaseerd op gemiste opdrachten – niet genoeg bewezen vindt. De hoogte van de vergoeding is niet het enige opmerkelijke aan de uitspraak van de rechtbank.

Hoogleraar informatierecht Nico van Eijk (Universiteit van Amsterdam) ziet in het vonnis een opvallend statement. „Eigenlijk zegt hij: je kunt niet zomaar beeld van iemand dat is gemaakt in de privésfeer plaatsen zonder toestemming. Als medium kan dat niet, maar als particuliere twitteraar kan dat óók niet. In dit geval gaat het om blootmateriaal. De verspreider kan er daarbij van uitgaan dat er geen toestemming is voor het delen, zegt de rechter.”

Dat standpunt is volgens Van Eijk interessant in de bredere discussie over het online delen van foto’s en video’s. „Stel je maakt een grappig filmpje tijdens een borrel en het is waarschijnlijk dat sprake is van een intieme privésfeer. Dan doe je er goed aan toestemming te krijgen voor je het ergens online plaatst. Als mens en dus ook als journalist heb je een verantwoordelijkheid en een zorgplicht. Wanneer je filmpjes deelt van mensen en je kunt redelijkerwijs verwachten dat ze dat niet op prijs stellen, mag je dat niet zomaar doen.”

Faciliterend en aanjagend

GeenStijl en de twitteraar zijn niet als enige verantwoordelijk voor de immateriële schade, oordeelt de rechtbank. Hun rol in het delen was weliswaar faciliterend en aanjagend, maar het filmpje ging al rond op WhatsApp. In dat licht is de eis „hard”, vindt Van Eijk, maar het sluit wel aan bij de eisen in vergelijkbare zaken. „Voor een bedrijf als GeenStijl is zo’n schadevergoeding peanuts, maar in de ogen van de rechter is het vrij hoog. Zeker omdat GeenStijl en de twitteraar niet als enige verantwoordelijk zijn voor de verspreiding. Daar komt nog bij dat het een bedrag is voor immateriële schade. In Nederland zijn rechters daar over het algemeen voorzichtig mee. Ze willen Amerikaanse praktijken, waarin miljoenenclaims geen uitzondering meer zijn, vermijden.”

GeenStijl nam de link naar de gewraakte video op in een bericht op de site. Zo’n video ‘embedden’ is geen publicatie, vindt het blog. De makers laten dat nogmaals weten in een reactie op het vonnis op hun site. De rechter oordeelt daar anders over. Embedden heeft hetzelfde effect als publicatie. Materiaal staat nog steeds op een andere site, maar is wel op de site die een link opneemt (embed) te zien.

In het geval van Paay’s video bij GeenStijl was een still van de video op de site te zien met daarop een play-knop. De techniek er achter vindt de rechter „niet interessant”. GeenStijl heeft een eigen verantwoordelijkheid voor zijn grote bereik. Dat het filmpje gemakkelijk te vinden zou zijn op internet, verandert dat niet. Van Eijk: „Het gaat hier niet om de technische details. Dat is een discussie in de marge. De kern is de onrechtmatigheid van het delen.”

Duidelijk signaal

Het jongerenmeldpunt voor online seksueel misbruik Helpwanted.nl is „heel blij” met de uitspraak, zegt directeur Arda Gerkens. In 2017 kwamen daar 1.709 meldingen binnen van jongeren onder de 26. Meer dan driekwart van die meldingen ging over het dreigen met of het daadwerkelijk online plaatsen van seksueel getinte beelden. Gerkens: „Dit vonnis is een duidelijk signaal tegen de ongewenste verspreiding van seksueel getint beeldmateriaal.”

In het verweer haalde GeenStijl aan dat Paay het filmpje zelf verstuurde. Ook als zij het zelf in beperkte kring openbaar maakte, rechtvaardigt dat nog niet een bredere verspreiding, vindt de rechter. „Voor andere zaken is dat goed nieuws”, zegt Gerkens. „Seksueel beeldmateriaal maken is heel normaal. Het ongewenst doorsturen ervan niet. Daar ligt de schuld. Deze uitspraak onderstreept dat.”

Voor mediarechtadvocaat Fulco Blokhuis van Boekx Advocaten heeft de uitspraak een bittere nasmaak. „Over het volledige bedrag aan schade zegt de rechter in feite dat Paay dat moet verhalen op iedereen die verantwoordelijk is geweest voor de verspreiding.” Dat is wrang, vindt Blokhuis. Op WhatsApp is immers nauwelijks te achterhalen wie wat heeft gedeeld. „Het bedrijf geeft dat soort gegevens niet prijs. Ga er maar aanstaan dat uit te zoeken. Het is heel bewerkelijk om daar achter te komen.”

In beroep

Het is nog niet bekend of de partijen in hoger beroep gaan. Advocaat Jens van der Brink van GeenStijl zegt dat het niet is uitgesloten, maar ook niet voor de hand liggend vanwege de hoge kosten van die procedure.

Wel is bekend dat het openbaar ministerie GeenStijl en twee andere verdachten gaat vervolgen vanwege verspreiding van de video. Op welke manier en wanneer, maakt het OM later bekend. In de strafzaak zal, volgens Blokhuis en Van Eijk, hoogstwaarschijnlijk worden gekeken naar de uitspraak van dinsdag.

    • Floor Zijp