Recht & Onrecht

Ondermijning is heus niet alleen iets voor drugscriminelen

Ondermijning door drugscriminaliteit aan de kaak stellen werkt als bliksemafleider voor andere maatschappelijke schade, die net zo bedreigend is. Maar daar gaan we liever aan voorbij, schrijft Bob Hoogenboom, in de Politiecolumn.

De bestuursvoorzitter van Lehman Brothers Richard S. Fuld Jr., verlaat in oktober 2008 het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden na te zijn gehoord over het dramatische faillissment dat aanleiding gaf tot een bankencrisis en een wereldwijde recessie. AP Photo/Susan Walsh

Het kabinet stelt een ondermijningsfonds in waarin 100 miljoen wordt gestort ‘om de negatieve laffe onzichtbaarheid van criminelen, die burgers en bestuurders op achterbakse manier ondergronds intimideren, bedreigen en in hun criminele straatje proberen te trekken’ aan te pakken. Volgens minister Grapperhaus is ‘geld voor criminelen het doel dat alle middelen heiligt. Dat is de rode lijn die ons van hen scheidt. Het punt bij ondermijning is dat die scheidslijn niet meer duidelijk is (vanwege de) vervagende scheidslijn tussen de boven- en de onderwereld. En het is aan ons om weer helder te krijgen wie aan welke kant van de rode lijn staat’.

Belazerd

De ondermijningsdiscussie gaat overwegend over druggerelateerde criminaliteit. Dat is wat eenzijdig. Grapperhaus’ geld (en macht, invloed, effectiviteit) heiligt ook de middelen die bedrijven en overheden soms inzetten. In de ‘bovenwereld’ vinden we mensen met een hoge sociale status die binnen de uitoefening van hun functie misbruik maken van hun positie en bevoegdheden om eigenbelang en organisatiebelangen af en toe ook met illegaal een handje te helpen (witteboordencriminaliteit).

De auto-industrie heeft wereldwijd de milieukluit belazerd met emissietrucs. Veiligheid in Groningen is decennialang ondergeschikt gemaakt aan economische belangen. Voedsel- en patiëntveiligheid staat onder druk doordat belangen van onder toezicht gestelde bedrijven en organisaties de onafhankelijkheid van inspecties aantasten (fipronil-affaire; medische maatschappen die zwijgcontracten afsluiten). Het begrip ‘overtredende overheden is niet echt mainstream maar regels zijn ook voor publieke functionarissen rekbaar. De directeur van het WODC ‘contextualiseert’ uitkomsten van een drugsonderzoek aan de vooravond van een politieke discussie over experimenten met het vrijgeven van softdrugs.

Externalisering

Het komt niet bij ons op om dit gedrag met het strafrechtelijk begrip ‘valsheid in geschrifte’ of ‘misleiding’ in verband te brengen. Het openbaar ministerie luistert – tegen de regels in – journalisten af. Op vrijwel alle markten worden illegale prijsafspraken gemaakt door ondernemingen. De boetes hiervoor zijn niet van lucht maar is het ‘ondermijning’? Omdat financiële instellingen in 2008 ‘to big to fail’ waren sprong de overheid bij. In de jaren daarna is de bezuinigingsknoet over de zorg, welzijn, cultuur, gezondheidszorg, onderwijs en pensioenstelsel gegooid. In de economie wordt dit externalisering genoemd: kosten van wanbeleid, incompetentie fraude, falend toezicht, ondoorzichtige (niet criminele) financiële producten worden uitgesmeerd over cliënten en burgers.

Voor de bedenker van ‘witteboordencriminaliteit’ (Sutherland, 1939) was niet een strafrechtelijke veroordeling het criterium voor criminaliteit maar ‘maatschappelijke schade’: arbeidsomstandigheden, misleiding in advertenties, marktmanipulatie, financiële malversaties en oorlogsmisdaden. Het strafrecht speelt niet of nauwelijks een rol en is ‘verslaafd’ aan drugscriminaliteit en ‘nuts, sluts and perverts’. Af en toe proberen wetenschappers deze stereotype beelden van (georganiseerde) misdaad te kantelen. Punch schrijft naast organisatorisch wangedrag als fraude en corruptie ook over moord en doodslag doordat onveilige producten (auto’s, banden, medicijnen) op de markt worden gebracht ondanks dat men weet dat er dodelijke risico’s aan zijn verbonden.

Diffuus

Ficq klaagde zonder succes de tabaksindustrie aan voor poging tot doodslag, moord, zware mishandeling en valsheid in geschrifte. Het voordeel van Holleeder, motorbendes, TBS-patiënten en moordenaars is dat dader, slachtoffer, tijdstip en locatie van de misdaden niet alleen met elkaar verbonden zijn maar ook zichtbaar. Voor witteboordencriminaliteit geldt dat niet. Ook is geen sprake van een vergelijkbaar mediageweld dat deze misdaad in ons collectieve bewustzijn ramt. Schade en slachtoffers zijn diffuus, onbepaald en naar de toekomst toe verbannen.

De belastinginkomsten die landen mislopen door internationale belastingverdragen die niet kunnen worden geïnvesteerd in de kwaliteit van onderwijs en zorg is een te groot verhaal voor talkshow welke geilt op kijkcijfers. Ondermijning in de drugscontext is belangrijk maar werkt ook als bliksemafleider voor andere maatschappelijke schade. Van tijd tot tijd wordt ons (wetenschappelijke) zelfbeeld kortelings wreed verstoord door onderzoeksjournalisten die wijzen op misstanden in een politieke partij, de rechtshandhaving, het toezicht of een onderneming maar het idee dat het hier om iets structureels handelt werpen we verre van ons. Het themanummer ‘Theoretische vernieuwingen’ in het Tijdschrift voor Cultuur & Criminaliteit met bijdragen over state crime en state corporate crime zijn voer voor een handvol misdaadexegeten.

Ondergronds

Aandacht voor ondermijning louter in de drugscontext blijft door dit alles waardevol doch beperkt. Ondermijning door de overheid en het bedrijfsleven en ondermijning als gevolg van de verwevenheid van bestuur en markt zijn en blijven kind van rekening. Het blijven incidenten die niet voldoen aan definitie van ‘negatieve laffe onzichtbaarheid van criminelen die bestuurders en burgers op achterbakse manier ondergronds intimideren, bedreigen en in hun criminele straatje proberen te trekken’. Immers wij weten heel goed wie aan welke kant van de lijn van goed en kwaad staan. Dat zijn wij.

 

De Politiecolumn wordt geschreven door experts uit de politiewereld.

Blogger

Bob Hoogenboom

Bob Hoogenboom is hoogleraar fraude en regulering aan Nyenrode waar hij 'fraude en witwassen' in de accountantsopleiding en 'governance/corporate governance & pps' in het modulair MBA-programma doceert. Samen met Marc Schuilenburg geeft hij het mastervak 'Politie en Veiligheid' aan de VU. Bob schrijft blogs op maatschappijenveiligheid.nl en accountant.nl over actuele fraude- en politievraagstukken en twittert als @abhoogenboom. Sinds 1988 is hij als part time docent verbonden aan de Politieacademie. Voor zijn proefschrift Het Politiecomplex (1994) ontving hij de Publicatieprijs van de Stichting Maatschappij en Veiligheid.

    • Bob Hoogenboom