NRC checkt: ‘Veel vezels in darmen scheelt wielrenner al gauw 1,5 tot 2 kilo’

Dat zei een voedingsdeskundige van Lotto-Jumbo vlak voor de Ronde van Frankrijk.

Foto Getty Images

Aanleiding

De Tour de France nadert zijn ontknoping. De beslissing zal vallen in de Pyreneeën, of zaterdag in de tijdrit. De juiste voeding is voor renners van groot belang om een slopende ronde te doorstaan, zeker bergop. Het Sunweb van kopman Tom Dumoulin en Lotto-Jumbo van Steven Kruijswijk zweren bij het nieuwe ‘wondergraan’ tritordeum, zo schreef de Volkskrant voor de wielerronde begon. Brood van tritordeumbloem is vezelarm, valt te lezen. Een voordeel voor de klimmers, stelt voedingsdeskundige van Lotto-Jumbo Nancy van der Burg in het artikel. „Het scheelt al gauw anderhalf tot twee kilo lichaamsgewicht als renners veel vezels in hun darmen hebben.” Die bewering checken we.

Waar is het op gebaseerd?

Volgens het artikel ligt de oorzaak in de vochtopname door vezels. Al dat extra vocht dat de vezels in de darmen vasthouden, komt als gewicht in de ontlasting terecht. Van der Burg legt desgevraagd uit dat ongeveer vijf dagen voor een bergrit de renners bij Lotto-Jumbo op een dieet met minder vezels worden gezet. „We proberen te streven naar 3 tot 5 gram vezels per 1.000 kilocalorieën. Ze zullen gemiddeld tussen de 12 en 15 gram vezels per dag uitkomen.” Een gemiddeld mens krijgt zo’n 20 gram binnen, een topsporter die niet op een dergelijk dieet zit misschien het dubbele.

Van der Burg zegt dat er natuurlijk geen sprake is van een wetenschappelijk setting, maar dat het dieet zichtbaar gewichtsverlies oplevert bij de renners. „Er zijn jongens die er minder op reageren, de 1,5 tot 2 kilo was een gemiddelde.”

Ze zegt wel dat het dieet in kwestie niet zozeer alleen vezelarm is, maar een ‘laag-residudieet’ is, bedoeld om zo min mogelijk ‘afval’ – en dus gewicht – achter te laten in de dikke darm. „We vervangen groenten door groentesappen, roeren fantomalt door de kwark, alles om zo min mogelijk residu achter te laten.”

En, klopt het?

„Dit is onmogelijk, onmogelijk”, verzekert Fred Brouns, emeritus hoogleraar voedingsinnovatie aan de Universiteit Maastricht. Hij kwam ook als bron in het Volkskrant-artikel voor en mailde zelf dat de bewering op deze manier niet klopt.

Vezels houden in zoverre verband met lichaamsgewicht dat bekend is dat mensen die veel vezels binnenkrijgen – zoals vegetariërs – een betere lichaamsgewichtregulatie hebben. Dat vezels waterbindend vermogen hebben, klopt ook, maar geen normale menselijke hoeveelheid vezels kan volgens Brouns leiden tot een gewichtsverschil van 1,5 of 2 kilo.

Hij krijgt bijval van Lisbeth Mathus-Vliegen, emeritus hoogleraar klinische voeding in het AMC. „De vezel die het meeste water vasthoudt, houdt 4 gram water per gram voedingsvezel vast. Bedenk dan hoeveel vezels je minder zou moeten innemen om aan 1,5 tot 2 kilo te komen, dat is 333-500 gram.”

Wielrenners eten sowieso al relatief weinig vezels, vertelt Brouns. De grote hoeveelheid calorieën die ze moeten binnenkrijgen om hun verbruik te evenaren ligt tussen de 6.500 kilocalorieën op een gemiddelde dag en 8.500 tot 9.000 op een zware dag.

Maar Van der Burg gaf al aan dat het dieet niet zozeer alleen vezelarm is, maar een laag-residudieet is. Dat behelst veel meer aanpassingen, zegt Brouns. Die zouden mede het gewichtsverlies kunnen veroorzaken dat bij Lotto-Jumbo te meten was.

Conclusie

Dat het „algauw anderhalf tot twee kilo lichaamsgewicht” scheelt bij renners alleen door de hoeveelheid vezels in hun darmen, is volgens experts onmogelijk. Als deze gewichtsafname te zien is, kan die alleen komen door een bredere aanpassing van het dieet, wat Van der Burg ook zelf benoemt. Dat maakt de oorspronkelijke bewering onwaar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt

    • Frank Huiskamp