Europees Hof: de vorm van een KitKat is niet onderscheidend genoeg

Is de viervingerige vorm van een KitKat zo uniek dat andere chocolademakers er geen gebruik van mogen maken? Nee, oordeelde het Europees Hof woensdag in een uitspraak die een einde maakt aan een juridische strijd die 16 jaar duurde.

Het oordeel is een tegenvaller voor Nestlé, de Zwitserse producent van KitKat. Het voedingsmiddelenconcern probeerde sinds 2002 de eigendomsrechten op de vorm van de reep Europees vast te leggen. Dit leek aanvankelijk te lukken, omdat tien EU-landen, waaronder Nederland, de viervingerige reep van KitKat als uniek aanmerkten. Maar in 2007 werd het verzoek van Nestlé alsnog aangevochten door Cadbury Schweppes, deel van het Amerikaanse Mondelez. Dit bedrijf produceert in Noorwegen een gelijkvormige reep onder de naam Kvikk Lunsj. Die bestaat sinds 1937 – en is slechts twee jaar jonger dan KitKat.

Het vonnis kwam niet helemaal als een verrassing. Advocaat-generaal Melchior Wathelet adviseerde in april het Europees Hof al om Mondelez in het gelijk te stellen. Het advies van de advocaat-generaal is niet bindend, maar weegt zwaar.

Rechtszaken over de vorm van chocoladerepen komen vaker voor. Het Zwitserse chocolademerk Lindt probeerde de vorm van hun chocoladepaashaas als intellectueel eigendom te registreren, maar verloor deze zaak. In 1998 lukte het Toblerone wel om de exclusieve rechten op de vorm van die chocoladereep te verkrijgen. Dit werd vorig jaar aangevochten door een concurrent uit Polen. In deze zaak werd uiteindelijk geschikt.

    • Joris Kooiman