Recensie

Jorge Luis Prats met Kazuki Yamada is een zintuiglijke belevenis

Klassiek

Pianist Jorge Luis Prats en dirigent Kazuki Yamada prikkelden alle zintuigen met uiteenlopende muzikale landschappen in het Concertgebouw.

Jorge Luis Prats. Foto Kajimoto

Wanneer pianist Jorge Luis Prats in Nederland is, wisselt hij – onder het genot van een sigaar – vaak een avond ervaringen uit met zijn dertig jaar jongere vakgenoot Thomas Beijer. „Ik speel nooit foute noten”, kan hij dan plotseling beweren. Terwijl Beijer weet en hoort dat de Cubaanse zestiger regelmatig „naburige toetsen” meeneemt, die niet in de partituur staan. Maar dat is niet wat hij bedoelt, legt Prats hem uit. „Foute noten zijn leeg, maar de mijne hebben allemaal betekenis.”

Hoe zoiets werkt, liet de meesterpianist horen in Noches en los jardines de Espana, het ‘pianoconcert’ van de Spanjaard Manuel de Falla. Melodieën en krachtige ritmes fladderden tussen orkest en vleugel als de grillige vlucht van vleermuizen. De ene keer schiep de trage pols van de strijkers mysterieuze atmosferen en antwoordde Prats met een rusteloos wiegen, even later was het net andersom.

Dromerige en dreigende nacht

De Falla schetst in Noches zowel het dromerige als dreigende karakter van de nacht. Af en toe moest Prats zich bevrijden uit de wurggreep van het koper, om zich vervolgens te mogen neervlijen op een bed van violen. Rauwe en gepolijste klanken wisselden elkaar af. Het werd een wandeling door drie Spaanse tuinen, gevuld met uiteenlopende sensaties.

Die zintuiglijke belevenis beheerste eveneens de rest van het concert in de muzikale landschappen van Delius, Moessorgski en Chabrier. Ze vloeiden als levende schilderijen uit de dirigeerstok van de Japanner Kazuki Yamada, die vaak meer aan een penseel deed denken: de pasteltinten van de Summer Garden van Delius, het gewelddadige delirium van Moessorgski’s originele schetsen van Nacht op een kale berg en de feestelijke primaire kleuren van Chabriers España. De 39-jarige chef van het Orchestre Philharmonique uit Monte Carlo hield zowel de musici als het publiek in zijn ban.

    • Joost Galema