‘Ruim 200 milieuactivisten vermoord in 2017’

Het is het dodelijkste jaar tot nu toe. De meeste slachtoffers vielen in Latijns-Amerika, met name in de landbouw en mijnindustrie.

Ongewapende rangers in Kenia bij een gestroopte olifant. Rangers zijn onder de veel voorkomende slachtoffers van milieugerelateerd geweld. Foto Daniel Irungu/EPA

In 2017 zijn ten minste 207 milieuactivisten vermoord. Dat meldt Global Witness, een internationale mensenrechtenorganisatie die zich inzet voor een duurzamer milieu.

2017 was daarmee het dodelijkste jaar sinds 2002, toen Global Witness begon met het bijhouden van wereldwijd vermoorde milieuactivisten. In 2016 registreerde de NGO 201 doden. Volgens Global Witness ligt het daadwerkelijke dodental waarschijnlijk nog veel hoger, omdat in veel landen volledige data niet voorhanden zijn.

De slachtoffers zijn milieuactivisten en leden van inheemse groepen die vermoord werden “tijdens pogingen hun huizen en gemeenschappen te beschermen tegen grootschalige projecten in de mijnbouw, landbouw en andere verwoestende industrieën”, aldus Global Witness.

Lees ook: In 2015 werden een recordaantal milieuactivisten vermoord

Groeiende vraag

Het rapport stelt dat de toename onder andere te wijten is aan de wereldwijd stijgende vraag naar producten zoals koffie, palmolie en suikerriet, waardoor landbouwbedrijven voortdurend uitbreiden. Het is met bijna vijftig slachtoffers de meest dodelijke sector.

Dit zou als een wake-up call moeten dienen voor mensen en bedrijven die investeren in grootschalige landbouw, zegt de auteur van het rapport Ben Leather tegen persbureau AP. Zij moeten er bewust van zijn dat zij zo geweld financieren, vindt Leather. En ook overheden zijn schuldig. “Het aantal moorden blijft stijgen,” zegt Leather, “wat een duidelijk bewijs is dat overheden en bedrijven nog steeds geen prioriteit geven aan dit probleem en geen enkele ernst hebben getoond om dit aan te pakken.”

Amazone

Zestig procent van de gerapporteerde moorden vond plaats in Latijns-Amerika. Global Witness nam de meeste doden in één land waar in Brazilië: 57. Hier betreft het vooral inheemse gemeenschappen in het Amazonegebied die zich onder andere inzetten tegen landonteigening voor houtkap.

In Colombia en Mexico werden respectievelijk 24 en 15 milieuactivisten gedood. In Azië zijn het vooral de Filipijnen waar veel confrontaties dodelijk aflopen. Hier kwamen bijna vijftig milieuactivisten om, een stijging van zeventig procent ten opzichte van het jaar ervoor. Volgens Global Witness heeft dit onder andere te maken met president Rodrigo Duterte en zijn pogingen om de industriële landbouw uit te breiden.

Andere dodelijke sectoren zijn de mijnindustrie (40 doden) en de houtkap (23). Ook pogingen van Afrikaanse rangers om stropers tegen te gaan, leidden tot 23 slachtoffers. Volgens Global Witness waren regeringstroepen schuldig aan 53 van de moorden in 2017. Criminele bendes en stropers zaten achter veel van de overige moorden.

    • Kasper van Laarhoven