Meer vakantiebaantjes en hogere uurlonen

Het aantal jongeren met een vakantiebaantje is dit jaar licht gestegen in vergelijking met de vorige zomer. Vorig jaar was dat 31 procent, nu 37 procent. Dat geldt met name voor nieuw werk. Het aantal jongeren dat meer ging werken bij hun huidige baantje bleef gelijk. Dat concludeert FNV Jong in zijn jaarlijkse onderzoek naar vakantiewerk.

De duizenden jongeren van 13 tot 29 jaar die ’s zomers aan de slag gaan, verdienden iets meer dan vorig jaar, gemiddeld 8,69 euro. Vorig jaar verdienden meisjes voor het eerst meer dan jongens en die trend zet zich voort. Dat verschil is te verklaren doordat meisjes meer actief zijn in sectoren die meer betalen. Zo wordt in de bouw het minst verdiend en in de schoonmaak en zorg en welzijn het meest. De sectoren waarin de meeste jongeren een baantje vinden zijn de detailhandel (24 procent), horeca (18 procent) en zorg en welzijn (15 procent).

De vakbond stelde ook vast dat het vrij simpel is om vakantiewerk te krijgen. Het kost jongeren gemiddeld drie weken om een baantje te zoeken – bijna een week minder lang dan het jaar ervoor. De meeste jongeren vinden een baantje via familie of vrienden, internet of de huidige bijbaan. Uitzendbureaus spelen maar een kleine rol in het vinden van vakantiewerk. (ANP)

    • Carola Houtekamer