Wat gebeurt er als de overname van NXP klapt?

Beursrubriek Deze rubriek belicht iedere maandag beursfondsen die in de belangstelling staan. Deze keer: NXP.

Foto Mike Blake/Reuters

Woensdag 25 juli 2018 staat met dikke viltstift omcirkeld in de agenda’s van ieder met een belang in NXP. Het is de dag waarop de deadline in het koopcontract tussen NXP en zijn Amerikaanse branchegenoot Qualcomm verstrijkt en de slepende overnamesoap rond het Eindhovense chipbedrijf ten einde komt – goedschiks of kwaadschiks. Al sinds eind 2016 is Qualcomm bezig NXP over te nemen. De chips van de voormalige halfgeleidertak van Philips worden vooral gebruikt in de auto-industrie en zijn met de ontwikkeling van de zelfrijdende auto steeds harder nodig. Met de overname wil het alleen maar niet vlotten, waardoor de twee bedrijven in april een deadline stelden om druk op de ketel te houden. Het valt en staat met de goedkeuring van de financiële toezichthouders in China. Doen ze dat vóór woensdag, dan wordt NXP voor 127,50 dollar per aandeel verkocht aan Qualcomm en is het cashen voor wie aandelen NXP heeft – die vrijdag rond 103 dollar werden verhandeld.

De kans dat het feest niet doorgaat, lijkt echter steeds groter. De overname is inzet geworden van het oplaaiende handelsconflict tussen de Verenigde Staten en China. Toen Trump in juni en juli invoerheffingen instelde voor ruim 250 miljard dollar aan Chinese producten, zagen aandeelhouders van NXP en Qualcomm de bui al hangen. De betrekkingen met China verzuurden, terwijl de deadline steeds meer in zicht kwam. Sindsdien is het oorverdovend stil vanuit Beijing, dat nogal wat te zeggen heeft over de overname: beide chipbedrijven hebben een aanzienlijk deel van hun productie in China uitbesteed.

Wat vaststaat is dat als er woensdag geen groen licht komt van de toezichthouder, Qualcomm een breakup fee van 2 miljard dollar moet betalen en NXP zijn eigen weg gaat. Eind goed al goed? Misschien toch niet. Vrijdag berichtte de Britse zakenkrant Financial Times over het forse deel van NXP (zo’n 41 procent) dat in handen is van hedgefondsen. Deze stapten in het najaar van 2017 in op het moment dat aandelen NXP een soort winstgarantie op zichzelf leken, en dwongen af dat het overnamebod van Qualcomm van 110 dollar per aandeel werd opgeschroefd naar 127,50 dollar. Opmerkelijk genoeg blijft de koers van NXP nog altijd ver achter op het overnamebod, terwijl de markt voor chips gestaag doorgroeit. Analist Jos Versteeg van InsingerGilissen kan er naar eigen zeggen niet bij. „Ik zit al 25 jaar in dit vak, maar nooit heb ik een bedrijf gezien dat zó werd ondergewaardeerd als NXP”, zegt Versteeg. „Het is een sterk bedrijf dat goed presteert, in een markt die behoorlijk aantrekt. Sinds het voorjaar van 2016 is de totale verkoopwaarde van halfgeleiderproducten met 150 procent gegroeid. Ook die 127,50 dollar vind ik nog aan de lage kant.”

Door de lage prijs en het idee dat de overname in 2017 zo goed als rond leek, speculeerden veel handelaren op het slagen van de deal. In het artikel van de FT waarschuwen analisten nu (op basis van anonimiteit) dat als activistische aandeelhouders als Elliott (voor 4 procent eigenaar), HBK en Soroban (ieder ruim 3 procent) hun aandelen en masse van de hand doen, dit mogelijk tot een verkoopgolf kan leiden die de hele markt omlaag kan trekken. Amerikaanse en Britse analisten die NXP volgen, weigerden vrijdag in te gaan op het verhaal van de Britse zakenkrant. Analist Jos Versteeg relativeert de zorgen enigszins. „In het begin zal de koers misschien een dip maken, maar ik denk dat die daarna weer opveert zodra beleggers doorhebben dat het aandeel veel te goedkoop wordt gewaardeerd.” Voor de pakweg zevenhonderd werknemers in Eindhoven verwacht hij dat de schade te overzien blijft: het is vooral afwachten of het logo op hun visitekaartjes na woensdag nog steeds drie letters telt, of uiteindelijk alsnog acht.

    • Sjoerd Klumpenaar