Clubloos? Dan maar op voetbalavontuur in IJsland

Werkloze profvoetballers Voor profvoetballers zonder club is het behelpen. Via Team VVCS worden ze klaargestoomd voor het komende seizoen. Ze hopen alsnog een club te vinden, desnoods in een lagere divisie of een kleiner land.

De voetballers van Team VVCS spelen een wedstrijd tegen het tweede elftal van Almere City. Werkzoekend trainer John van Loen (rechts) spreekt zijn team toe. Foto Bastiaan Heus

Van voetbalclub Union Titus Pétange uit Luxemburg had Guyon Philips nog nooit gehoord. Tot vorige week. De 24-jarige oud-speler van Volendam, Telstar en Top Oss zit deze zomer zonder club en had al twee mislukte proefperiodes achter de rug toen de Luxemburgers hem voor een testwedstrijd uitnodigden. Hij checkte de club via Google, zag dat het om de nummer negen van de eredivisie in het groothertogdom ging en aarzelde niet. Vanaf Helmond was het een uur of drie rijden. Kon hij erna meteen naar huis. Scheelde weer een hotelovernachting.

De ontvangst was sober. Uitgebreide gesprekken voeren clubs en testspelers zelden. De spelers spreken onderling wat over koetjes en kalfjes, maar ook dat ging dit keer lastig. Slechts enkelen van zijn tijdelijke medespelers spraken behalve Frans ook Engels. Niet handig, maar geen ramp. Als hij inmiddels iets heeft geleerd in zijn zesjarige profloopbaan, is het wel dat hij op zulke momenten op zichzelf is aangewezen. Omringd door vreemde medespelers is het aan hem om onbekende trainers ervan te overtuigen dat hij een contract verdient. Je spreekt letterlijk met je voeten.

In Luxemburg gloorde perspectief. De trainer van Union Titus Pétange wilde hem graag hebben, net als die van de tegenstander. De trainer van US Rumelange – die club kende hij evenmin – was nog naar hem toegekomen om hem te complimenteren. Toch bleken beide clubs niet in staat om hem een volwaardig salaris te bieden. De dagtrip zou nog niet de oplossing brengen voor zijn aflopende uitkering bij het UWV.

Over de onzekerheden in zijn vak vertelde Philips begin april al tegen NRC, in een verhaal over de minder romantische praktijk waarin jonge profs keihard werken voor een beneden-modaal salaris.

Lees hier het verhaal van Philips uit april

Veel te eisen hebben ze niet; het aanbod van spelers is groter dan de vraag. Met hemzelf ging het lekker totdat hij met tegenslag te maken kreeg. Blessures, faillissementen. Afgelopen winter was hij op proef bij Top Oss. Brak hij uitgerekend toen zijn kuitbeen.

Team VVCS

Wat Philips meemaakt, is de meeste spelers overkomen met wie hij deze zaterdagmiddag tegen het tweede elftal van FC Almere City speelt. Samen vormen ze Team VVCS, een elftal van spelers zonder club die door de Vereniging van Contractspelers worden klaargestoomd voor het komende seizoen.

Mits ze lid zijn – à 4 euro 50 per maand – zet de vakbond zich elke zomer in voor spelers zonder club. Ze krijgen vier weken lang training en spelen vijf oefenduels, hoewel die pas worden geregeld als er genoeg spelers beschikbaar zijn. In de eerste week zijn het er altijd te weinig. Daarna doet mond-tot-mondreclame zijn werk. Naarmate nieuwe werkgevers uitblijven, wordt de drempel om aan te sluiten voor spelers lager.

„Nummer 47, het is een oefenwedstrijd”, schreeuwt John van Loen naar een schoppertje van Almere City. Van Loen, zijn witblonde coup verstopt onder een pet, is de coach van het stel en is net als de spelers werkzoekende. „Voor veel trainers is het VVCS-team een kans om zich weer even te laten zien”, zegt teamleider Arjan Ebbinge. In het verleden coachten mannen als Hans de Koning en Jan van Dijk de clubloze profs. Zij keerden later terug in de eredivisie.

Werkzoekend trainer John van Loen spreekt zijn team toe. Foto Bastiaan Heus

Dat geldt ook voor degenen op het veld. Driekwart scoort vaak nog een contract. Doelman Mike Havekotte begon de voorbereiding bij de VVCS, maar tekende onlangs bij ADO Den Haag. Voor elke wedstrijd krijgen profclubs spelerslijsten toegestuurd. Scouts worden soms persoonlijk uitgenodigd. Herkennen de spelers hen? „Je hoopt dat ze komen, maar je weet nooit wie het zijn”, zegt Philips. „De tijd dat ze lange regenjassen droegen is voorbij.”

Veel spelers zijn aangewezen op de eerste en tweede divisies. FC Volendam is present, VV Katwijk ook. Of een buitenlandse club. „Er zijn er al drie naar Marokko”, meldt VVCS-directeur Louis Everard langs de zijlijn. „Goed nieuws. Al is het te hopen dat ze straks hun geld krijgen.”

Een desillusie ligt altijd op de loer voor een speler die de wanhoop nabij is. Dubieuze contracten in Letland, wanbetalingen op de Balkan. De VVCS waarschuwt ervoor, maar kan niet iedere gelukzoeker voor onheil behoeden. De ironie is wel dat zulke spelers uiteindelijk weer de vakbond benaderen als ze geen salaris krijgen. Enkele maanden geleden slaagden Everard en zijn collega’s erin om ruim een ton terug te halen bij een club in Azerbajdzjan.

10.000 euro handgeld

Al rekkend en strekkend vertelt verdediger Tim Linthorst dat hij deze zomer bij het roemruchte 1860 München dacht te gaan spelen. Nietsvermoedend lag hij op een bedje op Ibiza toen zijn nieuwe trainer hem belde. Maar Linthorst wist niet wat er achter zijn rug om gebeurde. „Bleek dat mijn zaakwaarnemer buiten mij om 10.000 euro handgeld eiste”, verzucht Linthorst. Gevolg: geen deal.

„Sommige spelers hier vechten echt voor hun laatste kans”, zegt Patrick van Diemen, spelersbegeleider bij de VVCS. Sommigen zijn min of meer in de steek gelaten door hun makelaars. „Spelers in een neerwaartse spiraal worden minder aantrekkelijk, ze verdienen minder. Zaakwaarnemers nemen dan steeds minder vaak contact op en laten spelers net zo lang bungelen totdat zo’n jongen zegt dat het niet meer hoeft.”

Spits Guyon Philips (links) heeft al twee mislukte transferperiodes achter de rug. Foto Bastiaan Heus

Dat de mores in het voetbal niet altijd fraai zijn, ervoer Guyon Philips in Duitsland. Hij trainde er mee bij Alemania Aachen. Hij betaalde zijn eigen hotel en trainde enkele keren mee voordat hij meedeed in een oefenwedstrijd in Düsseldorf. Daarna zou hij met de trainer in gesprek gaan. „Op de terugweg mochten spelers uitstappen waar ze wilden. Ik zat rustig muziek te luisteren en kwam er in Aken achter dat ook de trainer al was uitgestapt. Hij heeft niets meer van zich laten horen. Van mijn zaakwaarnemer hoorde ik de dag erna dat hij me niet wilde.”

Walvis spotten

Berliner AK werd ’m ook niet. In de Duitse hoofdstad liep hij zich het zwart voor de ogen tijdens de piramidelopen die de spelers voor hun kiezen kregen. Hij zou er tot en met zondag meetrainen, maar hoorde al op zaterdag dat de trainer een aanvaller zocht die sneller was dan hij. Omdat hij zijn hotel tot en met zaterdag had geboekt bracht hij zijn laatste dag door met een bezoek aan Checkpoint Charlie en de Brandenburger Tor.

Afgelopen weekend nam hij contact op met een kennis in IJsland. Hij stuurde een video met wedstrijdbeelden op en kreeg te horen dat de club hem best interessant vindt. Philips ziet het wel zitten. Via Google kwam hij erachter dat je vlak bij die club goed kunt walvis spotten.

    • Fabian van der Poll