Nicaragua op weg naar een burgeroorlog

Nicaragua

Het presidentiële echtpaar Daniel Ortega en Rosario Murillo slaat de volksopstand hard neer. Toch raakt het Nicaraguaans regime geleidelijk meer geïsoleerd.

Vrienden en familieleden dragen de kist van de doodgeschoten Nicaraguaanse student Gerald Velazquez. Foto Inti Ocon/AFP

Voor Esmeralda González (20) is het bijna dagelijkse routine: „Wanneer ze aanvallen, dan verstoppen we meteen de kinderen onder het bed. Iedereen op de grond: dekking zoeken.” De politie en knokploegen van gemaskerde paramilitairen hebben van de Nicaraguaanse president Daniel Ortega het bevel gekregen ‘koste wat het kost’ een einde te maken aan de opstand in Masaya, een stad iets ten zuiden van de hoofdstad Managua.

Masaya is het epicentrum van de bloedige volksopstand in het Midden-Amerikaanse land (zes miljoen inwoners), die in drie maanden tijd volgens ngo’s meer dan 350 doden en ruim 2.100 gewonden eiste, voornamelijk ongewapende burgers. Het conflict voelt hier als een burgeroorlog.

Het volk gaat zich niet gewonnen geven: er is teveel bloed gevloeid

Álvaro Leiva, dokter en hoofd van Nicaraguaanse mensenrechtenclub ANPDH

Opstandelingen in de wijk Monimbó verschansen zich achter barricades van losgewrikte straatstenen. Ze verdedigen zich met huisgemaakte mortieren en karabijnen. De regimetroepen beuken erop in met automatische aanvalswapens van hoog kaliber en granaatwerpers. Twee broers van Esmeralda González zijn net gewond geraakt. De jonge mannen werden verzorgd in een geïmproviseerd veldhospitaaltje. „Gaan we naar een groter ziekenhuis in de buurt dan worden we meteen opgepakt”, weten ze.

Ortega, oud-aanvoerder van de marxistische guerrilla die in 1979 de dictatoriale Somoza-dynastie verjoeg, gedraagt zich nu zelf als een despoot, zegt de oppositie. Bij protesten tegen een voorgestelde pensioenhervorming werden half april in de eerste vijf dagen circa dertig betogers doodgeschoten door de politie.

Lees ook:VN-baas Guterres eist einde geweld Nicaragua

Had Ortega het protest niet zo hard neergeslagen, dan zou het niet zou geëscaleerd zijn, zeggen veel burgers. Nu moet hij weg – en snel. De politieke oppositie, mensenrechtenorganisaties, de Katholieke Kerk, het bedrijfsleven en studenten – verenigd in de zogenaamde Civiele Alliantie – eisen vervroegde verkiezingen in maart 2019. De Europese Unie roept hier ook toe op. Maar Ortega en zijn echtgenote en vicepresident Rosario Murillo willen aanblijven tot 2021 en kiezen voor nietsontziende repressie.

Knokploegen gaan van deur tot deur

„Wat vandaag gebeurt is een genocide op een weerloze bevolking door loyalistische politie en fanatieke milities”, zegt dokter Álvaro Leiva, hoofd van de Nicaraguaanse mensenrechtenorganisatie ANPDH. „Ortega heeft zich ontpopt tot een onbeschaamde dictator die het grondwettelijke betogingsrecht met voeten treedt. Vreedzame betogers worden illegaal ontvoerd, verdwijnen of worden soms ter plekke geëxecuteerd.”

Paramilitaire knokploegen loyaal aan Ortega gaan in verzetswijken van deur tot deur, met honden, op zoek naar bewijsmateriaal van betrokkenheid bij het protest. Ze nemen ook lijsten mee. Een welbekende praktijk: lokale FSLN-partijvertegenwoordigers verklikken buren. In buurland Costa Rica pieken inmiddels de asielaanvragen: van gemiddeld 120 per maand tot 5.000 tot dusver in juli, melden Costaricaanse autoriteiten.

De onderdrukking is als een orkaan die alles op zijn pad vernietigt

Yeder Vasquez, vader van doodgeschoten student Gerald Vasquez

Vooral studenten en jongeren hebben het moeten ontgelden. Afgelopen weekeinde werd de bezetting van UNAN-universiteit in Managua beëindigd na een bijzonder intense belegering door politie en paramilitairen. Het hele land zag video’s van studenten die afscheid namen van familieleden terwijl de kogels hen om het hoofd vlogen. Bemiddeling door de Kerk kon een bloedbad voorkomen. Toch lieten twee studenten het leven, onder wie de 20-jarige Gerald Vasquez, een derdejaarsstudent bouwkunde. Deze week werd hij begraven. „We voelden het aankomen”, zegt vader Yeder. „De onderdrukking is als een orkaan die alles op zijn pad vernietigt.”

Barricades opgeruimd

Ortega bestuurde Nicaragua eerder in de elf jaar na de sandinistische revolutie (1979) als leider van het FSLN, tot hij in 1990 weggestemd werd. In 2006 werd hij toch weer herkozen en sindsdien houdt hij naarstig aan de macht vast. Tot twee weken geleden kende het land nog honderd kleine en grotere verzetshaarden en waren ook grote snelwegen bezet. Begin juli beval de president de ordediensten ‘schoonmaakoperaties’ te houden: geen barricade staat nog overeind.

Een familielid van de doodgeschoten Gerald Velazquez schiet tijdens de begrafenis met een huisgemaakte mortier in de lucht.

Foto Inti Ocon/AFP

Daarbij zijn deze maand zestig mensen omgekomen. Op maandag stemde de sandinistische meerderheid in het parlement bovendien in met een terrorismewet, die straffen tot twintig jaar behelst voor betogers. Talloze activisten zijn doodsbang, zeggen ze, want verzetsleden gaan naar El Chipote, een beruchte gevangenis in Managua waar onder de Somoza’s politieke gevangen gefolterd werden.

María Ramos (40) wacht er nu al twee weken op nieuws over haar zoon Jerson (19). „De politie en gemaskerde paramilitairen zetten ’s nachts de straat af en namen een tiental jongens mee, zonder aanhoudingsbevel of uitleg”, vertelt ze er. Ze komt uit het departement Carazo, en kan een dagelijkse busreis naar Managua niet betalen. Daarom kampeert ze buiten de gevangenis met een vijftigtal lotgenoten.

Bekijk hier een beeldserie over de recente gewelddadigheden in Nicaragua

De uitgesproken studentenleider Lesther Alemán (20) wordt gezocht door de politie. Al meer dan twee maanden zit hij op onderduikadressen: de nachtelijke invallen bij dissidenten zijn dezer dagen haast niet bij te houden. „Ik ben in ballingschap in eigen land’, zegt hij telefonisch.

Het land is ondertussen bijzonder gepolariseerd geraakt. Elke Nicaraguaan met een smartphone is getuige van alle confrontaties, arrestaties, verdwijningen. De woede zit diep. Een handvol staatszenders, gerund door kinderen van Ortega, hangt daartegenover een beeld op van een vredelievende, christelijke president die belaagd wordt door rechtse putschisten. Die worden gesteund door het ‘imperialisme’ – een verwijzing naar de Verenigde Staten. Via social media worden geruchten verspreid dat de CIA het verzet steunt. Net als tijdens de Koude Oorlog, toen de VS de rechste contra’s steunden in hun burgeroorlog tegen de sandinisten.

Isolement in de regio

„Toch is zelfs het sandinistische front intern verdeeld”, zegt Carlos Chamorro, hoofdredacteur van oppositiekrant Confidencial en zoon van de rechtse oud-president Violeta Chamorro. „Het oorspronkelijke sandinisme is immers democratisch. Oude revolutionaire medestanders van Ortega vertrouwen me toe dat ze het niet meer aan kunnen zien. Ook veel jongeren die op de barricades sprongen, stemden eerder voor Ortega. Wat overblijft zijn de orteguistas, fanatici die een persoonlijkheidscultus rond Ortega aanhangen.”

Het leger houdt zich tot dusver afzijdig. De opperbevelhebber is aangesteld door Ortega en zou geen militaire coup voorstaan. Integendeel: de politie wordt regelmatig gefotografeerd met wapens die enkel door de strijdmacht gebruikt worden.

Tegelijkertijd raakt de president in het buitenland verder geïsoleerd. Op woensdag veroordeelden 21 landen van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) het Nicaraguaanse regime. „Nicaraguanen zijn strijdbaar”, zegt dokter Álvaro Leiva. „Het volk gaat zich niet zomaar gewonnen geven: er is teveel bloed gevloeid, ik zie geen weg terug. Hier komt nog een trieste burgeroorlog van, we bereiden ons op het ergste voor.”

Vrienden en familie bij de begrafenis van Jose Medina die omkwam bij botsingen tussen paramilitairen en demonstranten

Foto Jorge Torres/EPA

    • Arthur Debruyne