De Mozart van het middenveld

Ik heb ze met interesse gevolgd, de Kroatische voetballertjes, zoals ze in mijn omgeving werden genoemd. Dat was liefkozend bedoeld. Het zijn volwassen mannen, maar ze komen uit een mini-land, vandaar.

Zo’n koosnaam toont meteen aan hoe aanstekelijk de aanduiding ‘Thaise voetballertjes’ is geweest. Het zal nog even duren voordat ik het woord voetballertjes kan loskoppelen van de Thaise grotjongens.

Een van de beste Kroatische voetballers, Luka Modric, werd door de wedstrijdverslaggever van de NOS „de Mozart van het middenveld” genoemd. Aan het eind van het toernooi kreeg hij, als beste speler van het WK, de Gouden Bal uitgereikt.

Mozart van het middenveld is een bijnaam om over na te denken. Het lijkt mij dat deze bijnaam is de eerste plaats is gekozen vanwege de alliteratie. Tegelijkertijd kan de beweeglijkheid van Modric associaties oproepen met de muziek van Mozart. Van muzieknoten wordt gezegd dat ze kunnen dansen. De jongensachtige Modric leek te dansen over het middenveld. Daarnaast wordt de naam Mozart hier overdrachtelijk gebruikt voor ‘genie’.

Om deze redenen wordt Mozart veel vaker als bijnaam gebruikt, vooral door sportverslaggevers. De Noor Magnus Carlsen is „de Mozart van het schaakspel” genoemd, Lionel Messi „de Mozart van het voetbal”, een bijnaam die ook is aangetroffen voor Johan Cruijff. De Kroatische basketbalspeler Dražzen Petrovićc luisterde naar de bijnaam „de Mozart van het basketbal”, de bokser Muhammad Ali was „de Mozart van het boksen”, de Zweed Jan-Ove Waldner „de Mozart van het tafeltennis” – erg origineel zijn sportverslaggevers niet in het verzinnen van bijnamen.

Overigens kom je deze bijnaam ook buiten de sportverslaggeving tegen. De Franse topkok Bernard Loiseau zou „de Mozart van het aanrecht” zijn, de Spaanse architect Santiago Calatrava „de Mozart van het moderne brugdesign”.

De vraag is of ook andere componisten deze eer te beurt is gevallen. Zonder twijfel was Mozart een geniale componist, maar er zijn er meer. De Belgische wielrenner Eddy Merckx is „de Beethoven van de ronde” (van Frankrijk) genoemd, naast onder meer „de beul van de fiets” en „de kannibaal” – bijnamen die moeilijk te rijmen zijn. Een Vlaamse krant noemde Stijn Streuvels „de Beethoven van de literatuur” – de motivatie ontbreekt. De Oostenrijkse schrijver Christoph Ransmayr is „de Beethoven van de hedendaagse Duitse literatuur” genoemd, met als motivatie (in een recensie): „Elk boek stuwt hij met feilloze kracht naar een onverbiddelijk einde.”

Interessant vind ik dat Bach alleen lijkt te figureren in vergelijkingen met andere componisten. Zo is Jan Gerard Palm, grondlegger van de klassieke muziek op Curaçao, „de Bach van de Antillen” genoemd, en de Duitse componist Heinrich Schütz „de Bach van de zeventiende eeuw”. Ik vermoed dat het ook weinig indruk zou maken om iemand bijvoorbeeld „de Bach van het bowlen” te noemen, ondanks de alliteratie.

Dat de naam Mozart overdrachtelijk voor ‘genie’ kan worden gebruikt, wordt nog niet vermeld in de Dikke Van Dale. Bij Einstein staat dat wel.

Natuurlijk komt de bijnaam „de Einstein van het voetbal” ook voor. Soms voor actieve spelers (Lionel Messi), vaker voor hun trainers (zoals Johan Cruijff en Josep Guardiola). Verrassend is dat niet: van voetballers verwachten we in de eerste plaats lichtvoetige actie, van coaches dat ze diep nadenken over strategie en tactiek.

schrijft elke week over taal. Twitter: @ewoudsanders
    • Ewoud Sanders