Wandelen in de geur van bier en urine

Nijmegen

Ze treffen elkaar bij de start van de Vierdaagse: de feestvierders en de wandelaars. Het parool deze dinsdagochtend: „Genoeg blijven drinken.”

Foto Bram Petraeus

Van een afstandje herken je ze vooral aan hun tempo. Dichterbij zie je ook het verschil in schoenen. Nog dichterbij is het de geur, waardoor je ze kunt onderscheiden.

Twee groepen mensen kom je in de nacht van maandag op dinsdag in de donkere straten van Nijmegen tegen: wandelaars en feestvierders. Ze lijken in weinig op elkaar, de twee massa’s die de derde week van juli de stad overnemen. Hier de mueslirepen en marsmuziek, daar bier, polonaise en techno. Maar in de nacht voor sommigen, de vroege ochtend voor anderen, begeven ze zich even op dezelfde route, naar het startgebied van de Vierdaagse.

De afgelopen decennia zijn de Vierdaagsefeesten, dit jaar voor de 49ste keer, de mars haast gaan overvleugelen. Bezoekersaantallen braken dit weekend opnieuw een record, met 215.000 feestvierders op zaterdag en 230.000 op zondag. In één week bezoeken meer dan anderhalf miljoen mensen de feesten, tegen dit jaar 44.480 wandelaars. Maar vraag je het de twee gescheiden organisaties, dan benadrukken ze alleen hoezeer de evenementen elkaar aanvullen. Ook de politie zegt dat er nauwelijks incidenten zijn, bij de feesten noch bij de ontmoeting van de twee groepen rond de start. „En eerlijk is eerlijk”, zegt directeur van de Vierdaagsefeesten Teddy Vrijmoet, „de meeste feestvierders houden het minder lang vol. Die grote massa is er om 04.00 uur echt niet meer.”

Foto Bram Petraeus

Ellebogen

Het uitzwaaien van de lopers is traditie, weet Nijmegenaar Gijs in den Bosch. Net als zijn persoonlijke schema: eerst de feesten op straat, dan naar café The Shamrock, en om 03.30 uur naar de start. Om de paar minuten zet hij, halve liter bier in zijn hand, een nieuw lied in, het aangroeiende publiek dirigerend. „Maar als de lopers starten, moeten ze uit de weg, hoor”, zegt In den Bosch.

Jan Beers heeft in het verleden wel eens zijn ellebogen moeten gebruiken, vertelt de wandelaar uit Zwaagdijk. Om 03.40 uur heeft hij bij de start een plekje veroverd, helemaal vooraan. Aan de andere kant van het lint verzamelt zich een groeiende groep feestvierders. Leuk hoor, vindt Beers. „Als ze maar niet in de weg gaan lopen.” Hij start met opzet zo vroeg mogelijk, gaat er het liefst snel vandoor. Met zijn tempo hoopt Beers voor 10.00 uur binnen te zijn, ruim vóór de zon op z’n hoogst staat en de ergste hitte toeslaat.

Dat die hitte de Vierdaagse kan hinderen, weet hij goed. Al 32 keer begon hij aan de wandelmars, maar één keer, in 2006, kon hij hem niet uitlopen. Het evenement werd toen halverwege gestaakt, nadat twee lopers aan de gevolgen van oververhitting overleden. Deze nacht is de temperatuur niet onder de 21 graden gezakt. Met een eigen weerman houdt de organisatie de ontwikkelingen goed in de gaten, benadrukte ze maandag. Op grote schermen wordt voortdurend gemaand: vul uw fles regelmatig bij.

Genoeg drinken

Ook marsleider Henny Sackers benadrukt dat, als hij iets voor 04.00 uur het evenement opent. Hoorbaar is zijn speech nauwelijks, You’ll Never Walk Alone is zojuist door een groep jongeren ingezet. Snel wegkomen zit er voor de lopers vanochtend niet in, daarvoor is de haag die honderden feestvierders vormen te nauw. Verderop zijn het nog plukjes joelende studenten, met een stereo-installatie, een discolicht of een confettikanon. De tocht gaat dwars door een lege feesttent in de Van Broeckhuysenstraat, de geur van bier en urine is even nauwelijks te verdragen.

De hele week moet de 52-jarige Jos Gijsbers, eigenaar van het nabijgelegen café Jojo, werken, maar dinsdag neemt hij elk jaar speciaal vrij. Altijd dezelfde groep vrienden, en altijd beginnen ze de avond ervoor met een barbecue. En daarna? „Ja, waar zijn we eigenlijk niet geweest?” lacht Gijsbers. Maar één ding staat vast, al vijftien jaar: vanaf 03.30 uur zitten ze hier, in de berm vlak voor de Waalbrug. En vóór de laatste loper is teruggekomen, rond 16.00 uur, gaan ze niet naar huis. Dat het deze dinsdag wel eens warm kan worden, deert Gijsbers niet. Hij wijst op de lichtkrant die hij om zijn nek heeft hangen en waarop in rode letters een tekst voorbij rolt: „Genoeg blijven drinken. Dat doen wij ook!”

    • Clara van de Wiel