Op Sint Maarten kunnen velen slechts afwachten

Orkaanseizoen Sint Maarten is verre van hersteld van de schade na orkaan Irma. De overheid wil dat inwoners huizen repareren en voorraden aanleggen, maar velen hebben al weinig. „Ik kan geen nieuwe deur betalen.”

Een vrouw uit de wijk Middle Region bij een containerwoning. Haar echte huis wordt momenteel gerestaureerd, iets waar veel andere buurtbewoners nog op wachten. Foto Souleyman. T

Lilith Rogers schuifelt met een looprekje naar buiten om haar bezoek te ontvangen. De 79-jarige dame, gekleed in een geruit jurkje en slippers, woont in de wijk Middle Region op Sint Maarten. Het is een van de armste buurten op het eiland dat vorig jaar september door orkaan Irma zwaar werd getroffen. Nog altijd is aan wankele daken en beschadigde muren het spoor van de orkaan te zien, terwijl het orkaanseizoen vorige maand alweer begonnen is. Begin vorige week raasde tropische storm Beryl vlak langs Sint Maarten.

Lilith schuilde vorig jaar in het huis van haar broer toen Irma overtrok en haar huis gedeeltelijk verwoestte. Met hulp van vrijwilligers van het Rode Kruis werd een van haar kamers snel weer bewoonbaar gemaakt en kon ze na een paar weken terug. Dankzij een lokale hulporganisatie werd ook de rest van haar huis opgeknapt, hoewel Lilith kritisch is over het resultaat. „Ze hebben er een zooitje van gemaakt. De slaapkamer is nog een puinhoop en de badkamervloer is ongelijk. Dit is hoe ze het hebben achtergelaten.”

Aan het huisje van Lilith is de schade nog goed te zien. In de muren zitten scheuren, sommige houten wanden zijn nog beschadigd en in de vloer zitten gaten. Wel heeft Lilith een dak boven haar hoofd, iets wat veel andere arme Sint Maartenaren nog niet kunnen zeggen. Bij duizenden mensen op het eiland moeten de reparaties aan hun huis nog beginnen omdat ze niet de financiële middelen hebben.

Lees ook: ‘Je wordt minder materialistisch van een orkaan’

De regering van Sint Maarten heeft deze mensen tot nu toe niet kunnen helpen. Het land heeft ruim 40.000 inwoners, ongeveer evenveel als de gemeente Zwijndrecht. De onderhandelingen met Nederland en de Wereldbank over het wederopbouwfonds, dat het Nederlandse hulpgeld beheert, duurden maanden. Pas afgelopen week werd een akkoord bereikt over de besteding van de eerste 47 miljoen euro van de toegezegde half miljard. Sinds de orkaan heeft daarom alleen een aantal lokale ngo’s enkele tientallen huizen gerepareerd van de eerste 7 miljoen euro Nederlands hulpgeld. Met het geld dat nu via de Wereldbank vrijkomt, hoopt Sint Maarten de komende maanden 500 extra huizen orkaanbestendig te maken.

Foto Souleyman. T

Klimaatverandering

Ondertussen sporen de overheid en hulporganisaties de eilandbewoners aan zelf maatregelen te nemen. Het orkaanseizoen loopt officieel van 1 juni tot 1 november. Tropische storm Beryl kwam vorige week al vroeg in het orkaanseizoen, dat door klimaatverandering heviger en moeilijker te voorspellen wordt.

Are YOU prepared for the hurricane season?”, staat boven een overheidsinstructie aan burgers, die via sociale media en kranten wordt verspreid. Sint Maartenaren wordt geadviseerd plekken in hun huis die veel wind vangen te versterken, zoals dak en deur. Ook krijgen ze het advies ontsnappingsroutes uit te stippelen en een ‘overlevingsbox’ klaar te zetten, met water en voedsel voor drie tot zeven dagen, medicijnen, een zaklamp en een opgeladen telefoon.

Lees ook: De gespleten wederopbouw op één eiland

Op straat in Philipsburg, het hoofdstadje van het Nederlandse deel van het eiland, blijkt dat niet iedereen zich heeft voorbereid. Kevaughn Mignott, beveiliger bij een van de vele juweliers in de winkelstraat aan het strand, ziet het nog even aan. „Misschien dat ik meer voorbereidingen tref als het tricky wordt, maar het heeft ook geen zin allemaal spullen te kopen die ik misschien niet nodig heb.” Wat scheelt, is dat het huis van Mignott helemaal op orde is, wat ook geldt voor dat van barvrouw Petricia Peter. Zij heeft wel voorraden in huis. „Het orkaanseizoen is een jaarlijkse oefening. Ik heb water en blikvoer ingeslagen, zoals tonijn en sardientjes. Dat lust ik eigenlijk helemaal niet, dus ik hoop niet dat het nodig is.”

Mignott en Peter relativeren de risico’s: ze vertrouwen erop dat het dit jaar los zal lopen en hebben de luxe van een veilig huis. Dat is even verderop, op de kledingmarkt in Philipsburg, wel anders. Oudere dames uit de armere buurt Sucker Garden verkopen daar jurkjes, hoedjes en kettingen. Aspilaire Florance moet bijna lachen als haar gevraagd wordt of ze voorraden heeft aangelegd. „Mijn huis is nog beschadigd. Hoe moet ik mijn deur versterken? Ik heb een nieuwe nodig, maar die kan ik niet betalen. En ik heb vier kinderen te voeden.” Ook elders op de markt is een gevoel van lichte wanhoop voelbaar. „We kunnen niets dan afwachten”, verzucht Narma Williams-Fontaini.

Dertien ‘shelters’ voor nood

Voor het geval er echt weer een orkaan over Sint Maarten raast, heeft de regering een aantal noodopvanglocaties aangewezen voor de kwetsbaarste inwoners. Op het hoogtepunt van het orkaanseizoen in september moeten dertien locaties als ‘shelter’ kunnen worden gebruikt. Afgelopen zondag werden uit voorzorg al drie locaties 24 uur geopend, toen tropische storm Beryl Sint Maarten naderde.

Een daarvan is het Community Service Center in het Dutch Quarter, ook een arme wijk. Buurtwerker Christina Hodge vertelt dat er nog geen mensen zijn opgevangen. „Maar we waren voorbereid. Het Rode Kruis was aanwezig om bedden neer te zetten en voldoende water op te slaan.”

Dat het buurtcentrum, dat plek biedt aan tientallen mensen, nog niet als shelter hoefde te dienen, is maar beter ook. Een aannemer moet de komende weken herstelwerkzaamheden uitvoeren. Hodge wijst naar het dak, waar reparaties nodig zijn. „De generator moet ook worden vervangen en de airconditioning is kapot.” Ze vindt dat het „ook niet te comfortabel moet worden hier. Mensen moeten weer vertrekken als het niet meer nodig is”.

Lees ook het interview met de premier van Sint Maarten: ‘Ons budget was niet toereikend. We zijn niet klaar voor weer een orkaan’

Klein pensioentje

Hoewel de overheid zichtbaar voorbereidingen treft, voelt niet iedereen zich goed geholpen. Lilith Rogers vertelt voor haar huisje in Middle Region dat ze al een paar keer om financiële hulp heeft gevraagd, maar nooit een reactie van de overheid heeft gekregen. Ze heeft gestemd bij de laatste verkiezingen in februari, op parlementsvoorzitter Sarah Wescot-Williams. Haar partij zit nu in de regering, maar op de vraag of ze denkt dat ze nu meer hulp zal krijgen, antwoordt ze resoluut: „Nee.”

Lilith, die van een klein pensioentje moet zien rond te komen, heeft haar vertrouwen in de politiek verloren. Ze hoopt er ondertussen maar het beste van. Ze heeft geen familie meer die haar kan helpen, maar wel een buurtgenoot die boodschappen voor haar doet met vouchers van het Rode Kruis. Bang voor nieuwe orkanen is ze niet. „Toen ik de berichten over Beryl hoorde, probeerde ik kalm te blijven en me geen zorgen te maken. Mijn lot is in handen van God.”

    • Pim van den Dool