Zo werkt een trol in een Russische propagandafabriek

Russische trollen Duizenden nepaccounts per dag maken de medewerkers van ‘trollenfabrieken’ in Rusland, zegt undercoverjournalist Ljoedmila Savtsjoek. Accounts wissen heeft daarom nauwelijks zin.

Illustratie Rhonald Blommestijn

Dag en nacht, en in vele talen, manipuleren Russische trollen het internet, zegt Ljoedmila Savtsjoek. De Peterburgse journalist werkte twee maanden undercover bij het Internet Research Agency, de ‘trollenfabriek’ die wordt gezien als het zenuwcentrum van de beïnvloedingscampagne van de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016. Volgens Savtsjoek, verantwoordelijk voor veel onthullingen over Russische beïnvloeding op sociale media, is het IRA slechts één van een onbekend aantal trollenfabrieken verspreid over Rusland.

Het IRA is ook de plek waarvandaan, zo ontdekte NRC, zeker 900 Nederlandstalige tweets zijn verstuurd door gefingeerde accounts. De trollen, veelal jonge Russen die werden betaald om verdeeldheid en twijfel te zaaien op sociale media, hadden een duidelijke politieke agenda: het anti-islamsentiment in Nederland en België aanwakkeren. Gevoelige maatschappelijke onderwerpen gebruiken om de tegenstander tegen zichzelf op te hitsen, is een bekende tactiek van het IRA.

Wat weten we over dit geheimzinnige propagandakantoor?

Toen Savtsjoek in 2014 bij de fabriek werkte kregen werknemers dagelijks een lijst met nieuwsberichten en thema’s waarover ze moesten schrijven. „Dan stond er bijvoorbeeld dat we met groot enthousiasme op de politiek van Poetin moesten reageren.” De trollen maakten zelf nepaccounts aan. „Ze kozen een naam, het geslacht, de leeftijd, nationaliteit, een woonplaats.” Sommige trollen deden zich voor als buitenlanders, al zag Savtsjoek op haar afdeling alleen accounts van Russischtalige buitenlanders, zoals Oekraïners. „Maar ik weet dat dit werk ook werd gedaan in andere talen.”

Uit de data in handen van NRC blijkt dat de meeste trollen zich voordeden als fanatieke aanhangers uit de VS van Donald Trump. Dat is makkelijk te verklaren: deze accounts zijn door Twitter ontmaskerd tijdens het parlementaire onderzoek naar Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezing. @Americanalbert, een van de accounts die tijdens de aanslagen in Brussel in 2016 in het Nederlands heeft getwitterd, omschreef zichzelf in zijn Twitterbiografie als „Christian Conservative” en „#Trump Supporter”. @michellearry verstuurde ook een Nederlandstalige tweet, was zogenaamd een „Cautiously Optimistic Conservative” en schreef doorgaans opruiende Engelstalige berichten als „It’s time to #ArrestObama”.

Trollen zijn voor Wilders en tegen islam. Russisch trollenleger ook actief in Nederland.

Aanslagen Brussel

De trollen probeerden een bestaande onvrede over moslims en immigratie aan te jagen door, onder meer, de IS-aanslagen in Brussel in de schoenen te schuiven van álle moslims. Ook verspreidden ze polariserende en racistische tweets over vluchtelingen.

„Immigratie en vluchtelingen behoorden tot de belangrijkste thema’s in de fabriek”, bevestigt Savtsjoek. „Er waren ongeveer tien hoofdthema’s waarmee we elke dag werkten. Het thema immigratie werd vaak ingezet om de haat tegen het Westen aan te wakkeren en verdeeldheid te zaaien.”

Savtsjoek werkte bij de binnenlandse afdeling van de trollenfabriek, maar ze zegt dat de organisatie dezelfde technieken en thema’s gebruikte voor het Europese publiek. „Het Russischtalige deel van het internet staat in ieder geval vol met verhalen over problemen in Westerse landen met migratie – dat de criminaliteit groeit, dat de landen ten onder gaan.”

Over het neerhalen van vlucht MH17, waarover staatszenders RT en Sputnik veel desinformatie verspreiden, hebben de trollen het opvallend genoeg nauwelijks; slechts vier tweets gaan over de ramp.

De in 2013 opgerichte propagandamachine wordt volgens de Amerikaanse speciaal aanklager Robert Mueller, die onderzoek doet naar Russische inmenging in de presidentsverkiezingen in de VS, geleid en gefinancierd door de Russische oligarch en Poetin-vertrouweling Jevgeni Prigozjin. Hij staat in Rusland ook wel bekend als de ‘kok van Poetin’, omdat hij de een na de andere lucratieve catering-opdracht voor het Kremlin binnensleept.

NRC schreef eerder over Prigozjin: Een trollenfabriek, ‘geleid’ door een Kremlin-kok

Mueller heeft begin dit jaar Prigozjin en nog twaalf Russen verbonden aan het IRA aangeklaagd voor hun rol bij de beïnvloedingscampagne van de Amerikaanse verkiezingen van 2016.

Poetin heeft de Russische beïnvloedingscamapgnes altijd ontkend, maar toen hij onlangs door de Russische publieke omroep werd gevraagd naar de activiteiten van Prigozjin hintte hij erop dat de zaken ook weer niet zo zwart-wit liggen. De Russische president trok een vergelijking met de Hongaars-Amerikaanse investeerder George Soros, die in Rusland vaak wordt beschuldigd van het financieren van pro-Westerse organisaties.

„Hij bemoeit zich met zaken over de hele wereld”, aldus Poetin. „Maar het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zal u vertellen daar niks mee te maken te hebben, dat het de persoonlijke zaken zijn van meneer Soros.” Waarop Poetin vervolgde: „Voor ons is [de Amerikaanse beïnvloedingscampagne] een persoonlijke zaak van meneer Prigozjin.”

Moderne marketingmachine

Het IRA heeft zich door de jaren heen ontwikkeld tot een modern marketingbedrijf, valt op te maken uit de aanklacht van Mueller en getuigenissen van klokkenluiders als Savtsjoek. Amerikaanse uitvindingen zoals gerichte online advertenties, het zorgen dat je optimaal wordt gevonden door zoekmachines (search engine optimization) en big data-analyse, worden in de fabriek gebruikt om oude Russische propagandatechnieken nieuw leven in te blazen.

Amerikaan per ongeluk aangezien voor trol. De VS dachten dat Robbert Delaware een Russische trol was.

De fabriek maakte zich volgens Mueller onder meer schuldig aan samenzwering, vervalsing, bankfraude en identiteitsfraude en het onder valse voorwendselen rekruteren van Amerikaanse activisten. Zo staat in de aanklacht hoe het IRA een Trump-aanhanger betaalde voor de bouw van een kooi die bovenop een truck werd gezet en waarin vervolgens een activist verkleed als Hillary Clinton in een gevangenisoutfit werd rondgereden. De trollen hadden gevoel voor humor: voor de 55-jarige verjaardag van geldschieter Prigozjin werd een door de trollen betaalde Amerikaan voor de het Witte Huis gezet met een bord met felicitaties erop, aldus de aanklacht van Mueller.

Voor zover bekend is het IRA actief geweest op Facebook, Instagram, YouTube, Twitter, Tumblr en Reddit.

Uit de tweets in handen van NRC blijkt een hoge mate van coördinatie tussen de accounts, vooral op de dag van de aanslagen in Brussel in maart 2016. De Russen probeerden die dag een drietal anti-islam hashtags trending te maken. Vanaf kwart voor drie twitterden ze een kwartier lang alleen nog met #islamistheproblem. Vervolgens zwegen ze een half uur, waarna ze weer in een kwartier een barrage van tweets over de aanslagen uitstuurden, ditmaal allemaal met de hashtags #IslamKills en #StopIslam. Vervolgens was er vanaf kwart over zeven ’s avonds weer een hausse aan activiteit, eveneens gepaard met #IslamKills en #StopIslam. Dat de meeste tweets in de avonduren werden verstuurd, kan erop wijzen dat de trollen pas actief werden toen het in Amerika ochtend was.

De laatste twee hashtags waren duidelijk favoriet: op 22 maart twitterden de trollen 968 keer #IslamKills en 394 keer #StopIslam, vaak tezamen in één tweet. Die laatste hashtag werd op de dag van de aanslag veel gebruikt op Twitter, mede omdat veel mensen er aanstoot aan nemen. Hij belandde zowel in België als Nederland in de topvijf van trending topics.

Bedrijven als Twitter en Facebook hebben de afgelopen tijd onder druk van het Amerikaanse Congres duizenden IRA-accounts geblokkeerd. Twitter schrapte vorige week nog miljoenen nepaccounts, waarbij vermoedelijk ook profielen van Russische trollen zitten.

Het is volgens Savtsjoek dweilen met de kraan open. Zij zegt dat in het IRA en vergelijkbare fabrieken duizenden nepaccounts per dag worden aangemaakt. Nepprofielen waarvan de sociale netwerken, noch journalisten en wetenschappers, weet van hebben.

Met medewerking van correspondent Steven Derix in Moskou

    • Reinier Kist
    • Rik Wassens