Opinie

    • Arjen Fortuin

Journalistiek product van de NPO of een bedrijfsfilm?

Zap Donderdag was het eerste deel van een serie over architect Francine Houben te zien. Een van de vier filmmakers blijkt ook medewerker bij het bedrijf van Houben.

Architect Francine Houben in de New York Public Library (AVRO-TROS).

Het spijt me oprecht, maar we moeten het toch nog een keer over journalistiek, cultuur en journalistieke cultuur bij de publieke omroep hebben. Donderdag toonde AVRO-TROS het eerste deel van de vierdelige reeks Francine Houben: Een Hollandse architect met wereldsucces.

Het lijkt precies de cultuurtelevisie die NPO voor ogen staat. In delen (en dus bingeable) en met een persoonlijke invalshoek. Bovendien is het fijn als architectuur ook eens aan de orde komt buiten de commerciële twee-onder-één-kap van Help, mijn man is een klusser! en Paleis voor een prikkie.

Lees ook: Wat kost een avondje journalistiek, en wie kijkt?

She’s a starchitect, but she doesn’t carry herself as one“, zegt een medewerker van de New York Public Library aan het begin van het programma. Houbens werk aan de verbouwing van dat monumentale bibliotheekpand (en de dependance aan de overkant) is de voornaamste verhaallijn van de reeks. Intussen wordt de kijker in de eerste minuten door een gedragen voiceover bedolven onder de zoete adjectieven over faam en verdiensten van Houben, pardon van „Francine en haar team”. Erachter vliegtuigmuzak.

Wat is dit? Zitten we naar een bedrijfsfilm te kijken?

De producent van de film blijkt Ivo Niehe te zijn, wat in elk geval iets van die sfeer verklaart en het gebruik van ‘Francine’. Die we (ze is immers een vrouw) in de eerste aflevering zien terwijl ze haar make-up bijwerkt, schoenen uitzoekt en haar haar föhnt. Ik verheug me nu al op de architectuurdocumentaire waarin ‘Rem’ zijn teennagels knipt.

Tussen de zoetigheid door is er best het een en ander te zien. Het is geweldig om Houben over gebouwen en constructies te horen praten, de beelden van haar eerdere werk zijn schitterend en de blik in de ingewanden van de New York Public Library is fascinerend.

De starchitect klimt op een tafeltje om ergens achter te gluren. Bovendien heeft ze, zo blijkt in de metro, een beetje smetvrees. Het liefst zou ze op elk bibliotheektafeltje een doekje leggen zodat bezoekers de boel even kunnen afnemen. Ook zien we hoe de afdeling publiciteit van de bibliotheek probeert Houben aan een zo strak mogelijk touwtje te houden als The New York Times haar interviewt.

Daar valt een mooie documentaire over te maken. Maar of deze dat is? Nadat de voiceover bij wijze van cliffhanger heeft gerept van „met afstand een van de meest cruciale meetings” (hoe krijg je het uit je strot) volgt de aftiteling. Een van de vier makers die ik op de aftiteling van de door de omroep vooruitgestuurde versie zie, is Nienke Andersson. Die vinden we als ‘filmmaker’ ook op de medewerkerspagina van Mecanoo architecten – het bedrijf van Francine Houben. Donderdag bij uitzending blijkt haar naam ineens verdwenen.

Vorig jaar zond de rubriek Kunstuur (ook AVRO-TROS) een aflevering uit over Francine Houbens renovatie van de bibliotheek van Washington, gemaakt door Nienke Andersson (camera en regie). Van haar banden met Mecanoo werd niet gerept.

Ik geloof dat bepaalde lijntjes hier wat te kort zijn. In elk geval maakt het mij zeer nieuwsgierig naar wie precies wat betaald heeft bij de totstandkoming van Francine Houben: Een Hollandse architect met wereldsucces.

Belangrijker: is het antwoord van de NPO op de teruglopende budgetten het uitzenden van hybride, halfjournalistieke producties? Programma’s waarbij niet duidelijk is of je kijkt naar iets wat over iemand (of een bedrijf) is gemaakt, iets wat vóór diegene is gemaakt of iets wat dóór diegene is gemaakt? Dat lijkt me een buitengewoon zorgelijke ontwikkeling.


Correctie: In een eerdere versie van de tv-recensie stond dat Nienke Andersson werd genoemd in de aftiteling van het programma. Dat was, zoals nu vermeld, alleen het geval in de eerder door AVROTROS toegestuurde zichtkopie van het de documentaire.

    • Arjen Fortuin