Rutte III

Wie heeft een senaat nodig als je ook met akkoorden en actieplannen kan besturen?

Vlak voor de Eerste Kamer dinsdag met zomerreces ging, nam die zowaar twee wetten aan. Het referendum is nu dood en begraven, en laat in de avond werd de halvering van het collegegeld voor eerstejaars geregeld.

De oogst in de senaat is mager, acht maanden na het aantreden van het kabinet. In de Tweede Kamer is elke week wel opwinding, maar in de Eerste is het al maanden pijnlijk rustig. De wetten die nog over waren van Rutte II zijn zo’n beetje op, en Rutte III komt bijna nergens mee. Ook niet voor de Tweede Kamer, blijkt uit een inventarisatie van NRC.

Wie dat aankaart bij leden van de coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie krijgt te horen dat dit „geen wetgevingskabinet” is. Waar Rutte II in tijden van crisis grote hervormingen moest doorvoeren in zorg, woningmarkt, studiefinanciering en arbeidsmarkt, heeft het huidige kabinet z’n lot verbonden aan actieplannen en akkoorden.

Minister Hugo de Jonge (Langdurige Zorg, CDA) lanceert om de haverklap actieplannen: tegen eenzaamheid bij ouderen, tegen regelzorg, tegen personeelstekorten. Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) en Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66) hebben het behalen van hun doelen goeddeels uitbesteed aan klimaattafels en pensioenoverleggen.

In het regeerakkoord is wel wetgeving aangekondigd. Op Prinsjesdag worden de belastinghervormingen in gang gezet: minder schijven in de inkomstenbelasting, hogere btw, schrappen van dividendbelasting – al zijn er geluiden dat het kabinet van dat laatste zal afzien. En is het de vraag of de door problemen geteisterde Belastingdienst überhaupt veranderingen aankan.

Daarnaast wordt gewerkt aan kleinere plannen, zoals een proef met legale wiet, nationalisatie van ProRail en maatschappelijke diensttijd voor jongeren. De grote Klimaatwet, ondertekend door zeven partijen, is een initiatief van Kamerleden, niet van het kabinet.

Het Montesquieu Instituut schreef in juni dat „wetgeving als sturingsinstrument voor overheidsbeleid ‘uit’ lijkt te zijn”. Dat heeft een extra voordeel voor het kabinet: alleen voor wetgeving is een meerderheid in de senaat cruciaal. Als de coalitie bij de verkiezingen 2019 haar meerderheid in de senaat verliest, kan ze gewoon met akkoorden en actieplannen verder.

    • Emilie van Outeren