De docent herkent zijn vak niet meer

Curriculum.nu

De ontwikkeling van een nieuw leerplan voor basis- en middelbaar onderwijs ligt onder vuur. Het vertrouwen erin is gering.

‘Leergebied’ mens en maatschappij raakt aan aardrijkskunde, geschiedenis, maatschappijleer, filosofie en economie. Foto IStock

„Een curriculum bouwen voor leerlingen van 4 tot 18 jaar, waar alles in zit: geschiedenis, aardrijkskunde, maatschappijleer, filosofie, economie. Dat is zo ongelofelijk moeilijk. En dat in vier sessies van drie dagen.” Anne de Klerk van KNAG, de vakvereniging voor aardrijkskundedocenten, heeft het over curriculum.nu. Dit project moet een nieuw leerplan opleveren, met meer samenhang tussen vakken in basis- en voortgezet onderwijs.

Hiervoor zijn negen teams bezig van elk zo’n zestien mensen, de helft basis-, de andere helft middelbaar onderwijs. Volgend jaar april moeten ze met een voorstel komen. Uitgangspunt was een advies dat het ‘platform’ Onderwijs 2032 twee jaar terug uitbracht. Deze denktank, ingesteld door toenmalig staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD), wilde digitaler onderwijs én meer geïntegreerde leergebieden (mens en maatschappij, natuur en technologie, taal en cultuur).

En dat betekent dat leraren aardrijkskunde nu nadenken over het ‘leergebied’ mens en maatschappij, samen met leraren in andere vakken. Aardrijkskunde zit ook in het leergebied mens en natuur, wat het niet eenvoudiger maakt. In de teams praten ze daardoor al gauw over wat vakken gemeenschappelijk hebben. Gevolg is dat beroepsorganisaties hun eigen vak weinig in de tussentijdse verslagen herkennen, zeggen ze. Ze vinden dat leerlingen eerst specifieke vakkennis moeten hebben, voor ze vakoverstijgend kunnen werken.

Ton van der Schans, geschiedenisleraar en voorzitter van beroepsorganisatie VGN: „De teams proclameren samenhang en integratie, en kijken dan wat er van de vakken overblijft. Maar leerlingen moeten ook historisch leren redeneren. Door historische kennis en inzichten leren ze zichzelf, hun omgeving en de samenleving beter begrijpen.”

Nadenken over raakvlakken wil niet zeggen dat de vakken mogen worden samengevoegd. De ontwikkelteams moeten de bestaande vakken en kennisgebieden als uitgangspunt kiezen, stelde de Kamer bij motie vast en het kabinet schaarde zich daarachter. Vijf vakverenigingen schreven daarom aan het ontwikkelteam mens en maatschappij al dat het met de huidige aanpak een weg inslaat „die niet in overeenstemming is met de uitgangspunten die door regering en Tweede Kamer zijn gekozen”. Eind juni kwam er nog een brief overheen, nu van nog vijf vakverenigingen meer, waaronder die van de wiskundeleraren. Zij hebben „niet of nauwelijks vertrouwen in een goede uitkomst van het proces.”

Te vaag

Ook de jongste rapportage van de ontwikkelteams was heel algemeen, zegt Van der Schans. Hij kan zich nog niet voorstellen wat voor curriculum daaruit kan voortkomen. Hetzelfde geldt voor Ebrina Smallegange, voorzitter van de vereniging voor wiskundeleraren: „Het is te vaag. En het wordt niet duidelijker.”

Een andere klacht is dat de teams expertise missen. Deskundige leraren hadden geen tijd of ze werden niet aangenomen omdat teamleden gelijkelijk verdeeld moesten worden over onderwijszuilen en stad en platteland. Anne de Klerk, van de aardrijkskundeleraren: „Er zitten hardwerkende docenten in de teams, maar geen curriculummakers. En dat is een heel specifiek vakgebied.”

Bart Vermeulen, leraar aardrijkskunde en bestuurder van een koepel van vakverenigingen, zegt dat die met tegenzin meedoen. „Want we willen wat met ons curriculum. Maar de vakken moeten wel herkenbaar blijven.”

Niet alle beroepsorganisaties zijn ontevreden. Bij de leraren Nederlands is „absoluut geen ongemak” merkbaar, zegt voorzitter Gert Rijlaarsdam. Erwin Mantingh, voorzitter van het team wetenschappers dat het voorstel voor Nederlands becommentarieert, beaamt dat. „Er wordt wel geklaagd dat de rol van docenten te groot is ten opzichte van wetenschappers. Maar zo zijn de spelregels.”

Curriculum.nu gaat gewoon door, zeggen de coördinatoren in een verklaring. De vernieuwing gebeurt hier „voor het eerst op deze manier”, waarbij naast de vakverenigingen ook ouders, bedrijven en maatschappelijke organisaties input geven.

Probleem is wel, zegt De Klerk, dat weinig mensen weten wat curriculum.nu is. Dat geldt zelfs voor veel docenten.

    • Mirjam Remie
    • Maarten Huygen