‘Strijd tegen roken weegt zwaarder dan discriminatie’

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week Europees recht: mentholsigaretten en vliegvertraging.

Foto Getty Images

Sigaretten en shag met een ‘kenmerkend aroma’ (zoals vanille, chocolade en menthol) mogen vanaf 20 mei 2020 niet meer in de Europese Unie worden verkocht. Bedraagt het marktaandeel van zo’n artikel minder dan 3 procent, dan mag het al sinds 16 mei 2016 niet meer verkocht worden. Door deze Europese richtlijn mogen bijvoorbeeld mentholsigaretten waarvan de verkoop in de hele EU meer dan 3 procent bedraagt, vier jaar langer op de markt blijven dan sigaretten met een aroma waarvan de afzet onder deze drempel blijft.

Hoogst oneerlijk, vindt de Duitse firma Planta Tabak in Berlijn, die zich juist heeft toegelegd op de fabricage van een groot assortiment aan nicheproducten van tabak. Het familiebedrijf (120 werknemers) spreekt van een „ongerechtvaardigd verschil in behandeling” en stapte naar de Duitse bestuursrechter. Die legde de zaak voor aan het Europees Hof van Justitie: is hier sprake van schending van het in Europa geldende beginsel van gelijke behandeling?

Advocaat-generaal Saugmandsgaard Oe betoont in zijn advies van vorige week weinig mededogen met de nichespeler. Hij legt grote nadruk op het doel van het verbod: sigaretten en shag met aroma’s van de markt halen, omdat ze het beginnen met roken, vooral bij jongeren, kunnen vergemakkelijken. En dat staat haaks op de bestrijding van tabaksgebruik waartoe de EU zich, ook binnen de Verenigde Naties, heeft verplicht. In het licht van het doel acht hij de tijdelijke discriminatie van Planta’s sigaretten en shag gerechtvaardigd. De conclusie van de advocaat-generaal weegt zwaar, maar bindt het Hof niet. Dat velt na de zomer een definitief oordeel.

Het advies staat op www.curia.europa.eu: ECLI:EU:C:2018:530

    • Joop Meijnen