Trump schiet met heffingen op auto’s in eigen voet

Handelsoorlog President Trump dreigt al langer met importheffingen op Europese auto’s. De auto-industrie is wereldwijd zo vervlochten, dat het ook de VS zelf flink zal treffen.

Ook zonder aankondigende tweet uit het Witte Huis is de internationale handelsoorlog om auto’s al begonnen. Afgelopen zondag schroefde de Amerikaanse autofabrikant Tesla de prijs van z’n elektrische luxewagens in China op. Dat was om de verhoogde importtarieven van China op Amerikaanse auto’s op de klant af te wentelen – en die waren weer het antwoord op de 25 procent die de VS sinds vrijdag heft op Chinese producten. Was de Tesla Model S voor het weekeinde nog 107.000 dollar, na het weekeinde kostte die ineens 127.000 dollar.

Europa houdt intussen angstig de adem in. Op 22 juni twitterde de Amerikaanse president Donald Trump dat als Europa niet fluks de importtarieven van 10 procent op auto’s verlaagt, de VS die van hen zal verhogen tot 20 procent. Build them here! De tweet bracht de markten in paniek. Importtarieven van 20 of zelfs 25 procent op auto’s die naar de VS gaan, zal Europese autofabrikanten echt schaden. Vooral Duitse, die veel grote modellen exporteren naar de VS. Bondskanselier Angela Merkel haastte zich om te zeggen dat ze over wederzijdse verlaging van importtarieven wilde nadenken, iets waar de Fransen en Italianen minder happig op zijn, want die verschepen maar weinig auto’s naar de VS.

Lees ook: Waarom Trump Duitsland wil raken

Web van toeleverancies

Opvallend genoeg zijn ook Amerikaanse autofabrikanten tegen. Hoge importtarieven, zei de branchevereniging van de drie grote Amerikaanse fabrikanten, General Motors, Chrysler en Ford, zullen leiden tot minder vraag naar auto’s en banenverlies in de VS.

Hoe dan? Importtarieven beschermen toch eigen fabrikanten? Niet dus. In de uiterst geglobaliseerde wereld van autofabricage is de Odyssey van het Japanse Honda de meest Amerikaanse auto die in de VS op de markt is. In deze fun family minivan zitten de meeste Amerikaanse en Canadese onderdelen, volgens een telling van de National Highway Traffic Safety Administration: 75 procent. In een Buick Encore, een onvervalste Amerikaanse SUV van General Motors, zitten maar 4 procent Amerikaanse en Canadese onderdelen. Importtarieven raken niet een Duits paar fabrikanten, maar het hele web van toeleverancies, joint ventures en internationale afdelingen. Drie voorbeelden.

1 Ford bouwt een Mustang in Flat Rock, Michigan, voor de Amerikaanse markt.

Dit is het scenario waar president Trump op uit is, zegt Marcel Timmer, hoogleraar economische groei en ontwikkeling aan de universiteit van Groningen. „Trump wil geen Mercedessen meer zien in New York, maar Amerikaanse auto’s. Door importauto’s duurder te maken, hebben Amerikaanse fabrikanten minder last van concurrentie. Buitenlandse fabrikanten worden gedwongen meer lokaal te produceren en te investeren in Amerikaanse fabrieken. Het is niet zo gek bedacht.”

Behalve dat het slecht uitpakt voor de Amerikaanse consument, zegt Timmer. Zij zullen de prijzen van importauto’s zien stijgen, en uiteindelijk ook die van Amerikaanse auto’s. Nationale fabrikanten zullen bij gebrek aan concurrentie meer geld vragen en minder innoveren. „Uiteindelijk heeft de consument minder keuze en betaalt hij meer.” Negentig miljard dollar meer, schatten de drie grootste Amerikaanse fabrikanten.

Als de importheffingen ook gaan gelden voor auto-onderdelen, worden de auto’s van Ford nóg duurder. De Amerikaanse fabrikant importeert onderdelen uit de hele wereld.

2 BMW bouwt een SUV X6 in Spartanburg, South Carolina, voor de Europese export.

Amerikaanse autofabrikanten vrezen retaliation – wraak – van de Europeanen als de importheffingen een feit worden. Terugpakken mag in een handelsoorlog, zegt hoogleraar Timmer. „Je mag van de wereldhandelsorganisatie voor een evengroot bedrag importtarieven invoeren als voor het bedrag dat jij zelf schade lijdt.” Toen Trump met heffingen op staal kwam, verzon Europa meteen heffingen op oer-Amerikaanse producten als Harley Davidsons en whiskeys.

Lees ook: ‘Echt Amerikaans icoon’ speelt Trumps spel niet mee

Maar ook Europese fabrikanten hebben last van Europese wraakexercities. Als Europa heffingen verhoogt, betaalt de Europese klant meer voor de in de VS geproduceerde BMW. En dat is niet alleen een probleem voor de kasstroom richting München, maar ook voor de Amerikaanse arbeiders in de Amerikaanse fabrieken, die minder werk zullen krijgen.

Als er Europese of Aziatische onderdelen in de in Amerika geassembleerde auto’s zitten, is het nog ingewikkelder. Dan worden de auto’s duurder door de Amerikaanse heffing op die onderdelen, en door de Europese heffingen op de hele auto, als die weer naar Europa gaat.

3 Volvo bouwt een S60 in Chendu en exporteert die naar de VS.

Hoe pakt de handelsoorlog uit voor een Zweedse autobouwer met een Chinese eigenaar die in China auto’s bouwt voor de Amerikaanse markt, met onderdelen uit Europa, Azië en de VS?

Het is niet te overzien. Het probleem, zegt hoogleraar Timmer, is dat Trump uitgaat van het idee dat handel een spelletje is waarbij de een wint wat de ander verliest, een zero-sum game. „Trump gelooft niet dat je wederzijds kunt profiteren van handel.”

En nu? De meeste dreigende handelsoorlogen eindigen in onderhandelingen, zegt Timmers. „Maar op wat Trump gaat doen, durf ik geen geld in te zetten.”

Lees ook: Spanning in handelsconflict tussen EU en VS loopt op
    • Carola Houtekamer