May wil in kabinet doorbraak forceren over Brexit

Verenigd Koninkrijk

Deze vrijdag probeert de Britse premier Theresa May de regering op één lijn te krijgen over de Brexit. De tijd dringt om een chaotisch vertrek uit de EU te voorkomen.

Mensen met parpalu's met het EU-logo lopen in de velden naast het buitenverblijf Chequers, waar Theresa May met haar regering onderhandelt over Brexit. Foto Chris Radburn/Reuters

De ministeriële telefoons zijn in beslag genomen, de smartwatches ook. Bij de uitgang ligt het telefoonnummer van het lokale taxibedrijf, zodat bewindspersonen die woedend hun ontslag indienen en geen recht meer hebben op een chauffeur toch huiswaarts kunnen keren. Deze vrijdag, tot diep in de avond, zal premier Theresa May op Chequers, het buitenverblijf van de premier uit de Tudor-tijd in Buckinghamshire, het gevecht aangaan met haar ministers, met als doel een akkoord te bereiken over een gezamenlijke Brexit-strategie.

De hele week rommelt het al in Westminster. Er wordt volop gespind, gelekt, gedreigd en gepocht. May zou met rebellie te maken krijgen, meerdere bewindspersonen die voor een harde Brexit zijn, zouden hebben vergaderd en een pact hebben gesloten. Nee, de Brexiteers zien dat ze in de minderheid zijn en gaan zeker inbinden, klinkt het ook. De eerste technische details van wat May mogelijk beoogt zijn naar buiten gekomen.

Onbelemmerde handel

Volgens de meeste geluiden zou May willen dat na de Brexit het Verenigd Koninkrijk zonder enige belemmering of controle goederen kan verhandelen naar de Europese Unie en vice versa. Dit is belangrijk om aan de wensen van het Britse bedrijfsleven tegemoet te komen, die willen dat zij hun fabrieken in het Verenigd Koninkrijk kunnen houden en de Europese markt bedienen.

Deze week waarschuwde Jaguar Land Rover, het iconische Britse autobedrijf in handen van het Indiase Tata Motors, dat het bedrijf jaarlijks 1,2 miljard pond extra kwijt zal zijn bij een harde Brexit. Dat is reden genoeg om de gehele productie over te hevelen naar Slowakije, aldus de waarschuwing.

Vrijhandel in goederen is ook de enige manier om de grensovergang tussen Noord-Ierland (onderdeel van het Verenigd Koninkrijk) en Ierland onzichtbaar te houden, zoals nu het geval is. Dan zijn er geen douaniers nodig, geen controles van vrachtwagens.

Noord-Ierland

In december, het vorige echte crisismoment in de Brexitonderhandelingen, sprak May in het holst van de nacht af in Brussel dat de Britten inderdaad verplicht zijn na de Brexit deze grens in dat deel van het Verenigd Koninkrijk waar alles gevoelig is, ongemoeid te laten. Over hoe dat bereikt moet worden is nog geen overeenstemming.

De interne markt is geen wandelend buffet waar leden zelf hun bordje kunnen samenstellen

Een manier om Britse bedrijven zonder belemmeringen met de EU te laten handelen is om het Verenigd Koninkrijk alleen voor goederen (dus niet voor diensten) onderdeel te laten zijn van de interne markt. Geheel nieuw is dat niet. De Kanaaleilanden werken met een soortgelijke constructie.

In de praktijk zou dat betekenen dat het Verenigd Koninkrijk, net zoals bijvoorbeeld Noorwegen, alle relevante Europese regels overneemt. Het Britse parlement kan afwijken van Brusselse regels, maar dan verliezen Britse bedrijven hun toegang tot de EU – een vorm van theoretische soevereiniteit.

Lees ook: Na de Brexit toch maar het Noorse model?

Het aantrekkelijke voor May is dat de economische schade voor de Britse industrie beperkt is. Tegelijkertijd kan ze op het gebied van dienstverlening schermen met meer vrijheid, waardoor de economie concurrerender kan worden en beknellende EU-regels kunnen worden geschrapt. Dit kan ze als winst aan de Brexiteers verkopen.

66 miljoen Britse consumenten

Voor de EU is dit op het eerste gezicht ook geen slechte deal. De EU ontvangt, zoals in december afgesproken, 39 miljard van de Britten om hun lopende financiële verplichtingen te dekken, de EU kan de regels van de interne markt bepalen zonder Britse invloed en de EU behoudt toegang tot een afzetmarkt van 66 miljoen Britse consumenten.

De bezwaren zijn echter groot. Kleine economische buitenstaanders als Jersey en Guernsey deze constructie toestaan is een ding, maar een Europese economische grootmacht als het Verenigd Koninkrijk deze positie gunnen ondermijnt de integriteit van de interne markt.

De vier vrijheden – verkeer van goederen, diensten, kapitaal en personen – zijn ondeelbaar. De interne markt is geen wandelend buffet waar leden zelf hun bordje kunnen samenstellen, bevestigden de 27 overige regeringsleiders op hun top vorige week, toen het tussen de migratieperikelen door kort over de Brexit ging.

De weerstand is ook een vorm van industriepolitiek. Het onderscheid tussen handel in goederen en diensten is niet rigide. Bij de productie van goederen, worden diensten geleverd. Een nieuwe Toyota die van de fabriek in Sunderland per boot naar Rotterdam wordt verscheept, valt onder goederen. Maar die auto zit vol technologie — navigatieapparatuur, draadloze verbinding, wifi — die weer diensten zijn.

Sommige EU-leden vrezen dat als de Britten vrij zijn om hun dienstensector te liberaliseren, ze een voordeel behalen bij de productie van goederen, ten koste van bedrijven in de EU.

Brexit zonder uittreden

Brexiteers verzetten zich eveneens tegen het plan. Het is, in de woorden van Lagerhuislid Jacob Rees-Mogg, een Brexit zonder uittreden. Het Verenigd Koninkrijk zou in deze situatie een groot deel van de rechtsmacht van het EU-hof moeten accepteren.

Lees ook dit interview met Brexiteer Jacob Rees-Mogg: ‘De EU is een schijnheilig en achterhaald model’

Een andere optie voor May is om de handel in goederen onderdeel te laten zijn van een vrijhandelsverdrag. De EU lijkt bereid mee te werken aan een ambitieus akkoord, dat verder gaat dan standaarddeals, waar veel technische controles, hygiëne-standaarden en andere zaken worden geregeld zodat er miniem oponthoud is bij de Britse grenzen. Het voordeel van een handelsakkoord is dat het een afspraak is tussen twee soevereine verdragspartijen. De EU beslist dan niet over Britse regels. Het EU-hof heeft geen rechtsmacht in het Verenigd Koninkrijk.

Het nadeel voor May is dat een handelsverdrag wel vereist dat de Noord-Ierse grens apart geregeld wordt, aangezien de EU eist dat Noord-Ierse deelname aan de interne markt nodig is om de afspraken van december te respecteren. Dat betekent dat Noord-Ierland onder een apart regime valt, en dat – in de ogen van Noord-Ierse protestanten – de eenheid van de Unie op het spel staat. Dat is onbespreekbaar voor de Democratic Unionist Party, de kleine conservatieve Noord-Ierse partij die de minderheidsregering van May gedoogsteun verleent.

De discussie zal vrijdag hoog oplopen in de Hawtrey Room en de Grand Parlour, de zalen in Chequers waar het kabinetsberaad plaatsvindt. Het kan alle kant op. Knetterende ruzie, opstappende ministers (Boris Johnson, David Davis worden steevast getipt) en een regeringscrisis behoren tot de mogelijkheden, evenals een afgezwakt compromis waar beide kampen mee kunnen leven, maar die de patstelling inhoudelijk niet doorbreekt.

Er resteren nog vijftien weken tot de EU-top in oktober. Dan moet een akkoord op tafel liggen om de Britse en Europese parlementen genoeg tijd te gunnen om erover te stemmen. Dat is weinig tijd, zeggen zowel Britse als Brusselse betrokkenen, zeker als je zomervakanties, recessen en de cyclus van Britse partijcongressen in september meerekent. Ook zijn beide kampen het eens: iedere dag dat er geen voortgang geboekt wordt, neemt de kans toe op de chaotische Brexit zonder akkoord waar het bedrijfsleven zo voor waarschuwt.

    • Melle Garschagen