Klimaatdeal leunt zwaar op inzet van biomassa

Duurzame energie Onderhandelaars van het klimaatakkoord zien vaak een oplossing in biomassa. Maar de productie neemt landbouwgrond in, waar ook voedsel moet worden geteeld.

Aan de onderhandelingstafel van het klimaatakkoord wordt onder meer biogas als oplossing gezien voor de industrie iStock

Takken, stro, koolzaad en mest: biomassa speelt een grote rol in de plannen voor de duurzame energievoorziening van 2030. De inzet van biomassa is zelfs zo omvangrijk, dat het beslag legt op alle biomassa die voor Nederland redelijkerwijs beschikbaar is, of op een groot deel daarvan.

Dat blijkt uit informatie uit het klimaatakkoord op hoofdlijnen die door NRC is verkregen. Het onderhandelingsresultaat wordt dinsdag aangeboden aan het kabinet. „Ik kan me voorstellen dat er een spanningsveld ontstaat”, zegt biomassa-onderzoeker Jan Ros van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het PBL wacht zelf met het doorrekenen tot de plannen openbaar zijn.

De onderhandelaars voor het klimaatakkoord denken aan toepassingen zoals biobrandstof voor auto’s en vrachtwagens, en industriële ketels op ‘groen gas’ (biogas). Het gebruik van biomassa kan duurzaam zijn, maar de teelt van biobrandstoffen vergt landbouwgrond waarop ook voedsel geteeld moet worden; boskap kan leiden tot vernietiging van natuur.

Lees ook: Energie uit zaagsel, hoe duurzaam is dat?

400 petajoule

In een vertrouwelijke PBL-notitie die in handen is van NRC maant het Planbureau tot voorzichtigheid. De auteurs, onder wie Jan Ros, noemen het „prudent” om aan de klimaattafels te kiezen voor „verduurzamingsopties die geen inzet van biomassa vragen”, omdat er mogelijk in 2030 weinig duurzame biomassa voor handen is.

In de „illustratieve” raming van het PBL waarmee de klimaattafels uit april aan de slag gingen, komt 4 procent van de benodigde CO2-reductie uit biomassa. Daarmee worden de klimaatdoelen voor 2030 gehaald.

Bronnen die de klimaattafel-stukken hebben ingezien, schatten dat er minstens 400 petajoule (PJ, een maat voor energie) aan biomassa nodig is voor de plannen van de klimaattafels. Het PBL had voor zijn eigen scenario genoeg aan 140 PJ.

Industriële stoomketels

400 petajoule aan biomassa legt een groot beslag op de beschikbare plantaardige en dierlijke resten. Biobrandstof voor de lucht- en scheepvaart is daarbij nog niet meegeteld. Ros: „Wij zeggen: tot 2030 moet je je niet rijk rekenen. In de toekomst zou je meer landbouw- en houtresten, en wellicht grassen of algen, duurzaam kunnen gebruiken om groen gas en biobrandstof van te maken. Maar die technieken moeten nog grotendeels worden ontwikkeld.”

Het PBL adviseert om biobrandstof en groen gas alleen in te zetten in sectoren waar geen alternatieven zijn: zoals in de luchtvaart of binnensteden die niet ‘van het gas af’ kunnen – maar liever niet om elektriciteit te produceren.

En verder alleen in installaties die zo groot zijn dat de CO2 kan worden afgevangen en onder de grond gestopt. „Industriële stoomketels zijn daarvoor geschikt, net als fabrieken die groen gas of biodiesel maken. Maar dat geldt niet voor kleine pelletkachels van huizen of bedrijven.”

Lees meer: Klimaatakkoord lijkt nog ver weg

Correctie 7 juli: In het bericht stond eerst dat het onderhandelingsresultaat van de klimaattafels wordt aangeboden aan de Tweede Kamer. Het wordt aangeboden aan het kabinet.

    • Hester van Santen
    • Erik van der Walle