‘Belangengroepen willen toch vervolging PVV om campagnespotje’

Justitie oordeelde begin mei nog dat in het spotje wordt gedoeld op de islam als religie en niet op moslims als groep. Daarom zou er geen sprake zijn van groepsbelediging.

Foto Bart Maat/ANP

Antidiscriminatiebureau RADAR en vier islamitische koepelorganisaties willen dat PVV-leider Geert Wilders en zijn partij alsnog worden vervolgd voor de omstreden de ‘islam is’-campagne. Dat meldt RTV Rijnmond vrijdag. De organisaties zouden bij het gerechtshof gezamenlijk een zogenoemde artikel 12-procedure zijn gestart. Eerder oordeelde het Openbaar Ministerie (OM) dat het geen gronde zag om de partij voor groepsbelediging of haatzaaien te vervolgen.

Met een artikel 12-procedure kan een zaak waarbij het Openbaar Ministerie eerder niet tot vervolging over ging, aan een gerechtshof worden voorgelegd. Deze laatste bepaalt dan of de zaak alsnog door een rechter moet worden bekeken.

‘Ontwrichtend voor de samenleving’

In het spotje het ‘islam is’-spotje uit maart dit jaar verbindt de partij allerlei negatieve zaken aan de islam, waaronder discriminatie, vrouwenhaat en slavernij. De video sluit af met de een dreigende boodschap in rode, doorlopen letters: ‘islam is dodelijk’.

De belangenorganisaties noemen het filmpje “ontwrichtend voor de samenleving” omdat het zou aanzetten tot haat en discriminatie, zo schrijft de omroep. De koepelorganisaties, onder wie de Rotterdamse Islamitische stichting SPIOR en bureau RADAR, waren vrijdagavond tegenover NRC niet direct bereikbaar voor commentaar.

‘Niet ophitsend’

Justitie oordeelde begin mei dat in het spotje wordt gedoeld op de islam als religie, en niet op moslims als groep. Daarbij, zo concludeerde het OM, zou het spotje niet ophitsend of aanmoedigend werken.

Direct na het uitzenden van het spotje in de zendtijd voor politieke partijen, riep de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) al op om aangifte tegen de PVV te doen wegens haatzaaien. 17 aangiften werden geseponeerd. Belediging van religie is namelijk niet strafbaar, zo besloot de Hoge Raad al in 2009.

    • Maartje Geels