Opinie

    • Marcel van Roosmalen

The Voice Kids

In de luchttunnel die station Hilversum Mediapark met het vasteland verbindt, stond een kluit mensen. Op normale dagen zag je er alleen een zwerversechtpaar met hun Albert Heijn-karretje vol bezittingen, maar nu de temperatuur onder het metaal de veertig graden aantikte, was het opeens druk. Ik dacht meteen aan het ergste, dat er bijvoorbeeld iemand een hartaanval had gekregen, want ik vind het een unheimische plek. Altijd als ik door die buis loop en tussen de planken tropisch hardhout naar de auto’s onder mijn voeten kijk, voel ik mezelf al bijna vallen, maar met die fantasie moet ik anderen misschien niet lastigvallen.

Ze stonden gewoon in een rij voor de brandtrap.

„Wat is er aan de hand?”, vroeg ik aan een wat oudere man. Hij begon meteen te sputteren. Misschien is ‘spetteren’ een beter woord want hij zweette flink.

„Wij zijn de opa en oma van Rebecca”, hijgde de man.

Zijn vrouw, een natte plek op de rug vanwege de hitte: „Ik ben de oma van Rebecca..”

Ik had geen idee wie Rebecca was, nog steeds niet trouwens, wat was er met haar?

„Opnames van The Voice Kids”, zei de man. „We moeten hier allemaal naar beneden, ze checken natuurlijk iedereen uit, hè?”

Zijn vrouw: „Je hoopt dat het je bespaart blijft omdat je vip bent..”

Hij: „Omdat we de opa van Rebecca zijn..”

Nu draaide een andere man zich om.

„Iedereen is vip. Ik ook.”

Hij stak zijn hand uit: „Ik ben de vader van Victor.” Ik stelde me voor als ‘de vader van Lucie en Leah’, wat nergens op sloeg want mijn kinderen doen er helemaal niet toe in dit verhaal.

De vader van Victor zei dat het sinds 1976 niet meer zo’n warme zomer was geweest en dat het hem zou benieuwen wanneer de opnames van The Voice Kids zouden worden uitgezonden.

„Einde van het najaar zeggen ze nu.”

Er was ineens doorstroom. Ik wenste de opa en oma van Rebecca en de vader van Victor succes, ze staken hun duim op.

„Hé”, zei een man in een grijsgewassen T-shirt, „ga jij nog naar beneden, of blijf je hier?”

Ik zei dat ik bleef en vroeg of hij ook een kind of kleinkind had dat meedeed.

Hij: „Ik heb helemaal geen kinderen, man!”

Daarna: „Of mag ik van jou dan niet naar de opnames van de The Voice Kids?”

Pas een kwartier later vroeg ik me af of die man soms ook een vipkaart had, en waarom dan? Ik nam het mezelf kwalijk dat ik niets anders had om over te piekeren.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.
    • Marcel van Roosmalen