‘Sekswerker wordt niet goed beschermd door wet’

Onderzoek De prostitutiebranche is onveiliger sinds het bordeelverbod werd opgeheven, stellen Soa Aids Nederland en Proud.

Straatbeeld van de Amsterdamse Wallen. Foto Koen van Weel/ANP

De Nederlandse wet- en regelgeving beschermt sekswerkers niet. Hierdoor hebben die onnodig vaak te maken met geweld. Dit melden Soa Aids Nederland en Proud, de belangenvereniging voor sekswerkers, in een onderzoek dat deze donderdag wordt gepresenteerd op een congres op de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Lees ook de interviews met sekswerkers: In de prostitutie is geweld altijd nabij

Sinds de opheffing van het bordeelverbod in 2000 is het niet langer verboden om een seksbedrijf te runnen dat vrijwillige prostitutie door volwassenen aanbiedt. De opheffing van het verbod heeft drie doelen: regulering van vrijwillige prostitutie, bestrijding van misstanden zoals mensenhandel en het verbeteren van de positie van sekswerkers.

Maar de branche is de laatste jaren juist onveiliger geworden, zeggen de onderzoekers. Doordat de overheid tussen 2006 en 2014 ruim vierhonderd ramen en privéhuizen heeft gesloten, van 1.270 naar 833, en nieuwe vergunningen door gemeenten bijna nooit worden verleend, zoeken sekswerkers hun toevlucht tot onvergund – en meer ondergronds – sekswerk, zoals in hotels en huizen. De kans op geweld en uitbuiting is daar juist groter, volgens de onderzoekers.

Sekswerkers uit de onvergunde sector doen minder snel aangifte van geweld, omdat ze geen problemen willen met de Belastingdienst en hun huis niet willen kwijtraken. Acht op de tien sekswerkers doet geen aangifte van geweld, blijkt uit het onderzoek. Volgens Minke Dijkstra, onderzoeker bij Soa Aids Nederland, weten ook klanten dat thuiswerkende sekswerkers niet snel de politie bellen.

97 procent van de sekswerkers in Nederland heeft afgelopen jaar te maken gehad met geweld, volgens het rapport. Het gaat om emotioneel en fysiek geweld, zoals vernedering, stalken en mishandeling, maar ook om seksueel en financieel geweld, variërend van verkrachting en beroving tot afpersing, uitbuiting en het weigeren van het openen van een zakelijke bankrekening. De meeste daders zijn klanten, maar ook collega’s, partners, familieleden, buren en banken.

Voor het onderzoek zijn 299 prostituees van 18 tot 72 jaar geënquêteerd en 19 sekswerkers uitgebreid geïnterviewd. De sekswerkers ontvingen 50 euro voor het onderzoek. Ruim de helft heeft naast sekswerk nog een andere baan van gemiddeld 21 uur per week. Het is voor het eerst dat in Nederland geweld in de prostitutie zo uitgebreid is onderzocht. De vragenlijst is samen met de VU ontwikkeld.

    • Martin Kuiper