Sculptuur en natuur in Drenthe verstrengeld

Kunst en natuur Criticus Hans den Hartog Jager stelde een tentoonstelling samen van kunstwerken geplaatst in het Drentse landschap. Sommige sculpturen zijn ook natuur.

Crystal Palace van Matthew Day JacksonFoto’s Into Nature

De vervallen, verwilderde tuinbouwkas riep eerste liefde op bij tal van kunstenaars, zowel nationale als internationale. Ze waren uitgenodigd om in het Drentse Frederiksoord deel te nemen aan de tweejaarlijkse kunstmanifestatie Into Nature: Out of Darkness, een land art-route van het dorp Frederiksoord naar de woeste heide van het Holtingerveld.

De glazen kas, met tal van gesneuvelde ruiten, behoort bij de ook al verlaten tuinbouwschool. De New Yorkse kunstenaar Matthew Day Jackson plaatst tussen de groene woekerplanten en brandnetels zwarte sculpturen als liggende naakten. Crystal Palace heet zijn kunstwerk, gemaakt van sprokkelhout uit de nabije omgeving. Hij beitst het hout gitzwart en zo liggen en staan de beelden verspreid door de ruimte, even onheilspellend als elegant. Hans den Hartog Jager, artistiek leider van Into Nature, wijst op fijn zaagsel dat zich op de beeldhouwwerken vormt, veroorzaakt door boktorren. „Dat is geweldig”, zegt hij, „het is alsof de sculpturen terugkeren naar de natuur.”

Den Hartog Jager heeft een keur aan vooraanstaande beeldende kunstenaars weten te verleiden naar Drenthe te komen, onder wie Adrián Villar Rojas, Alicja Kwade, Sarah van Sonsbeeck en Susan Philipsz, winnaar van de prestigieuze Britse kunstprijs de Turner Prize. De mens wil de natuur temmen, beheersen, ondergeschikt maken aan zijn wil, al duizenden jaren. Maar laat de natuur zich wel temmen? En welke gevolgen heeft de getemde natuur voor de mens zelf? Dat spanningsveld tussen natuur en cultuur verbindt de kunstwerken met elkaar en met het landschap. Daarom is de keuze voor Frederiksoord zo scherp: tweehonderd jaar geleden egaliseerde en beschaafde de Maatschappij van Weldadigheid met vrije kolonisten de eens woeste gronden. Het dorp is strak aangelegd, in een mathematisch stratenpatroon. De kunstlocaties bevinden zich in Frederiksoord en voorts in het Holtingerveld richting Wapserveen en Havelte. Halverwege ontmoeten we installaties in boerenschuren en ‘zomaar’ in het landschap. Zo reizen we van de getemde orde van Frederiksoord naar de ongetemde wildheid van heide. Maar hoe ongetemd is het ongetemde?

Solid Sky

Het Sterrebos bij Frederiksoord is weloverwogen aangelegd in een strak lanenpatroon, en kijk, daar op een open plek ligt een massieve ronde steen, gehouwen uit Braziliaanse blauwe kwarts, volmaakt gepolijst en heerlijk glad als je je handen eroverheen laat glijden. Zesduizend kilo weegt de bol en hij heeft een doorsnee van 1,40 meter. Solid Sky noemt de Poolse kunstenares Alicja Kwade deze reusachtige kogel, deze uit zijn baan geslingerde en in het bos verdwaalde planeet. Onwillekeurig kijk je op naar de hemel of zich daar soms een uitsparing bevindt. Onwerelds groots en mysterieus is deze kogel. Hoe is hij daar terechtgekomen? Is het misschien de aarde zelf die is neergevallen? De sculptuur is én natuur én cultuur. Verderop in het bos ligt het vierkante blok waaruit de ronding is geslepen. Dat is een geniale vondst.

Solid Sky van Alicja Kwade Foto Into Nature

Er is ook binnenkunst, zoals in het Huis van Weldadigheid. Hier toont de Indiase kunstenaar Amar Kanwar The Scene of the Crime, een film die een uur lang op hypnotiserende wijze paradijselijke natuurtaferelen toont met maanlicht door palmbomen, vogels in spiegelend water, wuivende grashalmen, een houten boot in het water. Maar opeens rijt Kanwar het paradijs aan flarden en zien we een zwaar bewapende politiemacht die in het wilde weg kogels de natuur in schiet, zo lijkt het. Maar ze richten op mensen. De eenheid slaat het verzet neer van de lokale bevolking die het land verdedigt tegen multinationals die het opeisen, vernietigen, industrialiseren. De film toont het vernietigde paradijs: wat we zien, bestaat niet meer. In alle soberheid is de film aangrijpend. Er verschijnt een tekstregel in beeld: „De natuur huilde voor het eerst.”

Into Nature biedt een fraaie combinatie van engagement, toegankelijk en conceptueel werk. De route is avontuurlijk en spannend. Opeens stuit de bezoeker op een houten schuur, diep verscholen in het bos, waar de Belgische kunstenaar David Claerbout met The Pure Necessity de filmklassieker Jungle Book (1967) herschept. Hij maakt van de dieren weer echte dieren en heeft alle menselijkheid weggenomen, dus ookzonder menselijk hoofdpersoon Mowgli, in een perfecte imitatie van het oorspronkelijke werk. Die radicale omkering is een aanstekelijke variatie op het thema van de kunstroute: in Jungle Book werd de natuur vermenselijkt en in The Pure Necessity keert de natuur terug.

Het Holtingerveld is een van de donkerste plekken van ons land, een oerlandschap, en juist daar, in de beslotenheid van een witte ruimte, creëert de Deense kunstenaar, natuurkundige en architect Olafur Eliasson de Round rainbow, een schitterende ronddraaiende sculptuur van glas en licht die telkens een regenboog doet ontstaan, die weer laat wegvloeien en opnieuw is de regenboog daar. Vanuit dit stralende licht leidt de route naar een geheimzinnige donkere plek in het bos, we gaan into darkness. Nauwelijks zichtbare aarden wallen wijzen naar het oorlogsverleden: in de Tweede Wereldoorlog legden de Duitsers hier in de natuur een groot vliegveld aan met hangars waar ze Messerschmitts stalden, onzichtbaar voor de geallieerden.

Soil, My Innards van Roderick Hietbrink

Nuit et Brouillard

Voor de Britse kunstenares Susan Philipsz heeft dit beladen, schuldige landschap nauwelijks een toevoeging nodig. Haar land art bestaat slechts uit vier luidsprekers aan de bomen waaruit muziek komt, zacht en dan luid, bijna als een symfonie. Het zijn de klanken uit de klassieke documentaire Nuit et Brouillard (1955) van de Franse regisseur Alain Resnais over de gruwelen van de concentratiekampen. Maar Night and Fog is meer dan het laten horen van de muziekscore: van de compositie van Hanns Eisler koos ze alleen de houtblazers en trompet, en de stiltes die vallen zijn de weggelaten andere instrumenten. Het bos zelf klinkt als een orkest van houtblazers, van woodwinds. De duizenden jaren oude hunebedden verderop accentueren dit oerlandschap.

De Nederlandse kunstenares Sarah van Sonsbeeck wilde aan de grafstenen een nieuwe steen toevoegen, van brons, die feitelijk onzichtbaar zou zijn maar voor de oplettende bezoeker tóch zichtbaar. Maar een hunebedgraf is heilig, al spelen er kinderen op. Ze mocht er niets aan toevoegen maar wel een steen op de rijweg ervoor neerleggen. Daartoe moesten er veiligheidspaaltjes geplaatst worden. Op die manier vertelt de steen, die opsteekt uit het asfalt, een opgewekt verhaal over in hoeverre cultuurerfgoed een nieuwe dimensie kan krijgen. De aanvankelijk onzichtbare steen breekt nu uit de diepe aarde omhoog. Van Sonsbeecks bronzen sculptuur Meteorite #1 roept in zijn verrassende eenvoud de blauwe planeet uit het Sterrebos in herinnering: in de natuur verdoolde kunstwerken.

Kijken we vanaf de bronzen hunebedsteen de hoogte van het Holtingerveld op, dan is het of een zinsbegoocheling ons treft: achter een tweede hunebed verrijzen zeven Afrikaanse begrafenissculpturen, uitgehouwen in hout, anderhalve meter hoog, kleurrijk versierd met kralen. Alo alo noemt de uit Kameroen afkomstige kunstenaar Hervé Youmbi deze funeraire palen. De titel is vrolijk gevonden: alo alo zijn, aldus de kunstenaar, de meest gebruikte woorden in de Franse cultuur waarmee mensen een telefoongesprek beginnen. Maar er is meer: bij een bepaalde zonnestand valt de schaduw van deze totempalen op de stenen van de hunebed. Zo gaat hedendaags Afrika een liaison aan met een prehistorische grafkamer. Het is de zon en dus de natuur die voor die verbinding zorgt. Die verbinding geldt voor alle kunstwerken op deze soms speelse, soms ernstige en kwalitatief hoogstaande manifestatie Into Nature: gepolijst blauw natuursteen is óók een kunstwerk en zwartgebeitste sprokkelhouten zijn verkoolde sculpturen in de wilde woekering van een tuinbouwkas.

Dit is de tweede editie van de Drentse kunstmanifestatie die elke twee jaar plaatsvindt. De route is tien kilometer lang. Dankzij de Reisgids die ook de catalogus is ontdekt de bezoeker, fietsend of wandelend, telkens nieuwe perspectieven in het landschap. De bronzen zwerfkei van Van Sonsbeeck mocht de hunebed niet ontheiligen. Deze, nummer D53, dient als trouwlocatie en klimtoestel. In de Tweede Wereldoorlog werd hij afgebroken, begraven en weer opgebouwd. Een spannende vraag blijft in het hoofd van de bezoeker klinken: waar eindigt natuur, waar begint kunst. En andersom.

    • Kester Freriks