Foto Aniruddha Chowhdury/ Getty Images

Al een halve eeuw doet hij wat Indiërs nalaten: praten over seks

Mahinder Watsa, sexpert in India

Vijftig jaar geleden schokte de nu 94-jarige seksuoloog Mahinder Watsa zijn land door openlijk over seks te praten. Nog steeds stroomt zijn mailbox dagelijks vol met geheimen, vragen, fantasieën en frustraties.

Er is één ritueel dat Mahinder Watsa, 94, zelfs door een spaarzame vakantie niet laat verstoren. Iedere ochtend, zodra hij wakker wordt, gaat hij achter zijn computer zitten. Zijn bril gaat op en de lamp gaat aan, om een mailbox aan te treffen die de afgelopen nacht opnieuw is volgelopen met een bonte verzameling geheimen, fantasieën en frustraties.

Ze zijn afkomstig van tieners, zestigplussers, mannen, vrouwen. Allemaal zijn ze op zoek naar antwoorden van de man die al ruim een halve eeuw doet wat Indiërs liever laten: praten over seks.

Ontmoet Mahinder Watsa, dokter Watsa officieel: de seksuoloog die midden jaren 70 zijn preutse landgenoten schokte door in India onderwijs over seks te introduceren, maar de laatste jaren vooral berucht werd door zijn dagelijkse column in The Mumbai Mirror, een lokale krant. Watsa’s geestige en vooral onomwonden adviezen in Ask the Sexpert leverden hem – behalve een immer volle inbox – een cultstatus op die tot ver buiten Mumbai reikt.

In het hart van de metropool, met uitzicht op de Arabische Zee, leidt een schokkerig liftje naar Watsa’s voordeur. Hij ontvangt in zijn werkkamer, op de gebloemde tweezitsbank waarop nog regelmatig stelletjes plaatsnemen om van hem te horen hoe ze hun seksleven een oppepper kunnen geven. In de hoek staat de computer aan, het lettertype op extra groot.

Een beetje humor helpt

Tienduizenden mails en brieven kreeg hij over de jaren binnen. Hij beantwoordt ze allemaal, ook de meest absurde. „Een beetje humor helpt”, zegt Watsa, op een toon die even zacht en grootvaderlijk is als zijn zalmroze hemd en grijze pantalon. „Het opent een conversatie.”

Achter het gegiechel dat zijn column op straat en in metrolijnen veroorzaakt, schuilt een dieper en vooral hardnekkig probleem. In het land dat ooit de Kamasutra voortbracht, en waarin beeltenissen uit dat boekwerk tempels en ansichtkaarten sieren, is seks iets waarvan het bestaan vooral moet worden verhuld. Niet te veel over praten, en al helemaal niet laten zien.

Tegenover die krampachtigheid staan de statistieken over seksueel geweld in India: bijna 39.000 vrouwen deden in 2016 aangifte van verkrachting – meer dan honderd per dag. En dan zijn er nog al die meisjes en vrouwen die dat niet durfden te doen, vanwege het stigma dat zoiets in India nog altijd met zich meebrengt. Bovendien is de dader bijna altijd een bekende. De buurman, een familievriend, een oom.

Indiase vrouwen protesteren in Bangalore tegen seksueel geweld. Foto Jagadeesh NV/EPA

Watsa hoorde zulke verhalen ontelbare malen voorbij komen. Eerst in de vorm van wanhopige brieven, gericht aan de arts die medische vragen in een vrouwenblad beantwoordde. Het was in de jaren 60 en Watsa, toen een jonge gynaecoloog, had zijn eerste column. De brievenschrijfsters wilden weten hoe ze konden voorkomen dat hun aanstaande echtgenoot zou ontdekken dat ze geen maagd meer waren.

Dat soort vragen krijgt hij nog steeds. Wat anders is, zijn Watsa’s antwoorden. Schreef hij in het begin voorzichtig dat ze zich vooral geen zorgen hoefden te maken („Je man zal er niets van merken”), gaandeweg begon hij meer uit te leggen en – ongehoord – dingen te benoemen. Vagina, maagdenvlies.

Langzaam rekte Watsa zo de grens op van wat in India bespreekbaar is. Maar de weerstand was, en is, fel. Neem seksonderwijs. Pogingen van Watsa en zijn collega’s van de ngo Family Planning Association of India (FPAI) om dat een vast onderdeel van het schoolcurriculum te maken, werden tot nu toe succesvol gedwarsboomd door conservatieve hindoe’s. Zij vinden dat seksonderwijs „niet thuishoort in de Indiase cultuur”.

De lessen díe worden gegeven, waarschuwen voornamelijk voor soa’s. „Dan wordt er bijvoorbeeld een dokter voor de klas gebracht”, zegt Watsa. „Die weet misschien veel over de menselijke anatomie, maar jongeren gaan hem niet de vragen stellen die ze eigenlijk willen stellen.” Persoonlijke vragen, zoals Watsa op briefjes gekrabbeld kreeg in de klassen waar de FPAI wel mocht langskomen. Over masturberen, of hoe vaak je eigenlijk seks kunt hebben.

Dat die antwoorden nog altijd niet voor handen liggen, blijkt uit Watsa’s inbox. „De onwetendheid is diep”, zegt hij. Maar India is aan het veranderen. Watsa hoeft in zijn werkkamer slechts uit het raam te kijken om dat te zien. Beneden, beschut tussen de auto’s, hangen in elkaar verstrengelde stelletjes over geparkeerde scooters. Er wordt in oren gefluisterd, door haren gestreken. Gekust.

„Ze noemen het Lovers’ Lane”, zegt Watsa vrolijk. Hele soaps trekken er zo aan hem voorbij. „Sommigen hebben een romantische tijd, anderen willen alleen maar seks.” Natuurlijk, dit is Mumbai, een metropool. Zo’n tafereel zou je op het Indiase platteland nog altijd niet snel zien. Niet in het openbaar, althans. Maar ook daar zijn dingen aan het bewegen, zegt Watsa. „Jongeren hebben nu allemaal een mobieltje, ze zitten op internet. Er is veel meer blootstelling.”

Laatst nog keek Watsa naar een dansprogramma op de televisie. „De meisjes droegen broekjes tot hier.” De 94-jarige houdt beide handen bij zijn heupplooien. „Zoiets zag je vijftien, twintig jaar geleden echt niet.” Zelfs in Bollywood, met haar zedelijke net-niet-kussen, is seks geen taboe meer. Onlangs nog leidde de film Veere Di Wedding – een soort Indiase Sex & the City – tot ophef vanwege een scène waarin een van de hoofdrolspeelsters masturbeert.

Die blootstelling heeft ook een keerzijde. Watsa: „Er is, zeker buiten de steden, nog altijd een grote groep die niet geschoold genoeg is om het onderscheid te maken tussen wat normaal en verkeerd gedrag is.” Jongens die het ‘romantisch’ jagen op vrouwen in films al te letterlijk nemen. Daarom is seksueel onderwijs zo belangrijk, zegt hij.

Het is een gat dat Watsa de afgelopen vijftig jaar met zijn columns heeft proberen te dichten. In vrouwenbladen, later ook in mannenbladen en zelfs op erotische websites. Meermaals werd hij door boze lezers voor de rechter gesleept – de obsceniteit! – Watsa won altijd. Zo bijzonder zijn sekscolumns in India tegenwoordig niet meer. Dat wil zeggen, in tijdschriften. Want met zijn column in The Mumbai Mirror, een ‘normale’ krant, heeft Watsa ook díe grens opgerekt.

Nog regelmatig ontvangt hij boze mailtjes van lezers die daar, in zijn woorden, „erg sterke gevoelens” over hebben. „Ik zou mensen aanzetten tot zondigen”, zegt Watsa met ogen die meer plezier dan irritatie verraden. Ook zij krijgen allemaal een reactie, de laatste jaren met de nodige hulp van Watsa’s ietwat verlegen assistent. „Hij is een workaholic”, zegt zij. Als ze ’s ochtends binnenkomt heeft Watsa soms al uren achter de computer gezeten.

Waf! Het zwart-witte hoopje dat zich stilletjes bij Watsa’s voeten had opgehouden, vindt het mooi geweest. Het schijnt dat het goed is voor oude mensen om een hond te hebben, zegt Watsa, terwijl hij zich voorzichtig voorover buigt. „Misschien is het eind van dit jaar wel mooi geweest.” Stoppen met schrijven, met pensioen. Uit de hoek klinkt gegrinnik. „Dat zegt-ie ieder jaar.”

    • Eva Oude Elferink