Speeksel wees uit dat de stratenmaker met ghb op reed

Drugstest De politie controleert sinds een jaar via speeksel op drugsgebruik in het verkeer. Een dag met verdachten voor de politierechter.

Sinds een jaar controleert de politie met een speekseltest op drugsgebruik. Foto iStock

Eduard (22) heeft een pilletje genomen op een feestje met vrienden. Hij rookt daarna een jointje, voor het slapengaan. Maar als hij de dag daarop, eind november 2017, op de snorfiets stapt die hij gebruikt als bezorger, realiseert hij zich niet dat dit niet mag. In het centrum van Rotterdam rijdt hij een paar keer achter elkaar door rood licht. Als een agent hem staande houdt en om verhaal vraagt, kijkt Eduard weg.

De speekseltest biedt een snelle uitkomst: Eduard heeft drugs op. Op het bureau worden de precieze waarden gemeten met een bloedtest. Hij blijkt ruim drie keer meer mdma – de werkzame stof van xtc – in zijn bloed te hebben dan toegestaan. En iets te veel thc. Daar moet Eduard zich deze maandag bij de politierechter in Rotterdam voor verantwoorden. Ook zijn ouders zijn erbij.

Een jaar geleden heeft de politie de speekseltest geïntroduceerd. Die controleert of weggebruikers drugs hebben gebruikt. Met een wattenstaafje wordt speeksel uit de mond van de bestuurder gehaald en dat wordt ter plekke gecontroleerd. Als iemand positief test, moet hij mee naar het bureau voor een bloedtest. Het bloedmonster wordt opgestuurd naar het lab van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), die de concentratie drugs in het bloed vaststelt. Die wordt vergeleken met de wettelijke limiet, ook officieel sinds juli 2017.

Lees ook: GHB-verslaafden zijn extreem moeilijk te behandelen, zo blijkt uit onderzoek.

Vertraging

Het NFI trok eind november 2017 aan de bel, toen bleek dat het lab van de politie veel meer bloedmonsters kreeg dan het gemiddelde van 130 per maand waarop gerekend was. Het verwerken liep vertraging op. Er is daarna een extra laboratorium in gebruik genomen. Het aantal tests steeg naar 200 per maand. „Die capaciteit wordt maandelijks benut”, zegt een NFI-woordvoerder.

Volgens de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid is bij ongeveer 10 procent van de autobestuurders die ernstig gewond raakt drugs in het spel. En het afgelopen half jaar handelde het Openbaar Ministerie zeker honderd speekseltestzaken af, volgens een woordvoerder. De tests vormen tegenwoordig voor justitie dé bewijslast in zaken van weggebruikers onder invloed.

In Rotterdam moeten behalve Eduard ook een stratenmaker, een voormalig administratief medewerker en een heftruckchauffeur zich verantwoorden, omdat zij met drugs op de weg op gingen. Die laatste twee worstelen al langer met een verslaving – zij zijn in behandeling – en realiseerden zich aanvankelijk niet hoe gevaarlijk het is om met drugs op te rijden. De stratenmaker: „Het drong niet tot me door.” De politierechter: „Maar u had tien keer te veel ghb op. U was super onder invloed!” De man knikt: „Elke druppel is te veel, ik weet het.”

Ook Eduard realiseerde niet dat uren later sporen van drugs in zijn bloed terug te vinden zouden zijn, zegt hij. Hij nam sinds het incident geen drugs en gebruikte ook de snortfiets niet. Volgens Hannah Hamans van TeamAlert, een verkeersveiligheidorganisatie voor jongeren, is alcohol in het verkeer onder veel jongeren taboe, maar wordt drugsgebruik nog onderschat. „Jongeren denken dat je met amfetamine geconcentreerd rijdt, maar je wordt juist ontzettend overmoedig. Je neemt onnodig veel risico’s.”

Het is ontzettend gevaarlijk, zegt de officier van justitie tegen Eduard, als je herhaaldelijk door rood rijdt op één van de drukste punten van Rotterdam. „Drugsgebruik en het verkeer moet je gescheiden houden.” Zijn eis: 325 euro boete en zeven maanden voorwaardelijke rijontzegging. Dat vindt de politierechter te gortig. Ze geeft Eduard een voorwaardelijke boete van 250 euro en drie maanden rijontzetting, ook voorwaardelijk. Of Eduard nog als bezorger werkt, vraagt de rechter tot slot. „Ja, op de fiets.”

    • Martin Kuiper