Opinie

    • Ykje Vriesinga

Deadline halen? Bel een huurmoordenaar

Deze zomer bespreekt NRC-redacteur Ykje Vriesinga methodes om beter te werken. Vandaag: hoe houd je je aan een deadline?

Illustratie Stella Smienk

Op een zonnige zondagmiddag zat ik in het park met een vriend uit Polen. Eens in de paar jaar komt hij naar Nederland. Al zolang ik hem ken, meer dan een decennium inmiddels, is hij aan het promoveren. Streefdatum na streefdatum is gepasseerd. Hij voelt zich slechter en slechter.

Terwijl het licht door de bomen schitterde kregen we een lumineus idee. Hij zou contact opnemen met een huurmoordenaar. Heeft hij zijn proefschrift op 31 december nog niet geschreven, dan schiet deze man of vrouw hem door zijn hoofd. Dood.

Wat denk je, gaat hij het halen?

Tijdsdruk als brandstof

Ik noem het de wet van de deadline: als iets af móét, dan komt het ook af. Al moet je een hele nacht doorwerken. Of stiekem mails versturen tijdens een bruiloft. Zelfs al is het je eigen bruiloft.

De grap is, onder tijdsdruk gaan velen van ons beter presteren. Opeens hakken we razendsnel knopen door. Zijn allerlei afleidingen als Facebook/WhatsApp/achterklap te weerstaan. Laten we ons perfectionisme los.

Volgens mij laten we het juist daarom ook zo vaak – bewust of onbewust – op het laatste moment aankomen. Druk creëert diamanten.

Maar het leven van een deadlinejunkie heeft ook nadelen. Ons werk zou nóg beter zijn als we het nog eens rustig hadden kunnen bekijken. Al beseffen we dat vaak niet, stuiterend van de adrenaline door de Usain Bolt-achtige eindsprint. We creëren stress, voor onszelf en voor de mensen om ons heen.

Het grootste nadeel blijft echter verborgen: aan de belangrijkste projecten in ons leven hangt vaak helemaal geen deadline. En dus worden ze nooit uitgevoerd door mensen – ikzelf! – die tijdsdruk gebruiken als brandstof.

Dit zijn projecten waar we (op dit moment) niet voor worden betaald en waar niemand ons (op dit moment) over aan de kop zeurt. Te weten, onze dromen. De dingen die we meteen zouden doen als we te horen kregen dat we nog maar twee jaar te leven hebben. Maar bij gebrek aan zo’n letterlijke deadline (waarbij we negeren dat we allemaal terminaal zijn, maar dat ter zijde) stellen we die plannen uit tot morgen. Tot volgende maand. Volgend jaar. Volgend leven.

Spartaans

Wat nou als wij deadlinejunkies de voordelen van ons gedrag konden behouden en de nadelen elimineren? De eerste stap van de oplossing heb je vast al eens geprobeerd: een deadline afspreken met jezelf, liefst op het uur en de minuut precies.

Mijn gok is echter dat dit is uitgelopen op een jammerlijke mislukking. Want zonder het tweede, cruciale, ingrediënt van een echte deadline ben je nergens. En dat is? Straf!

Het is doorgaans de angst voor negatieve consequenties die ons in beweging brengt. Het schrikbeeld dat jouw vliegtuig opstijgt zonder jou. Dat je baas in woede uitbarst. Dat een belangrijke klant ontdekt dat je een ontzettend onprofessionele, ongedisciplineerde, ongeorganiseerde prutser bent.

Noem me Spartaans, maar in mijn ervaring werkt straf beter voor het halen van zo’n pseudodeadline dan een beloning. En hoe weet je of de consequentie afschrikwekkend genoeg is? Kijk eens of je maag ervan samentrekt. Zoals bij die huurmoordenaar.

Luxe

Toen ik in januari hoorde dat ik deze zomer weer columns kon schrijven maakte ik meteen een lijstje met ideeën. Ik vind deze stukjes geweldig leuk om te maken, maar vorig jaar was het vaak stressen. Week na week kwam ik pas in actie als mijn angst tot het maximale was opgebouwd, dat de krant zou verschijnen met een gapend wit gat op de plek waar mijn artikel had moeten staan, met slechts drie woorden: ‘Ykje Vriesinga. Gefaald.’

Daarom zei ik in februari tegen mijn twee directe collega’s: vanaf nu wil ik iedere maand een column af hebben. Dan heb ik een voorraadje voor de zomer.

Maar februari ging voorbij en er kwam geen column. Maart. Niets. April. Niets.

Toen werd het mei en greep ik in. Omdat ik net wat geld tekort kwam voor een huurmoordenaar, bedachten mijn collega’s een alternatief. Als ik op 31 mei geen column naar ze mailde moest ik 50 euro overmaken naar een politieke partij waar ik het zó niet mee eens ben, dat ik wil emigreren als ze de macht krijgen.

Hoe dichter de pseudo-deadline naderde, hoe sterker ik de dreiging van de straf voelde. Opeens had ik wél de daadkracht om mijn mail uit te zetten, zoals al die productiviteitsgoeroes adviseren, maar wat ik gewoonlijk onmogelijk vind. Meldde ik me af voor een semi-nuttige vergadering. En zette ik door toen een stemmetje in mijn hoofd fluisterde dat ik toch echt niet in de juiste stemming was om te schrijven.

En zo had ik opeens de luxe om de middag voor de échte deadline vrij te nemen en in de zon te zitten. Een deadlinejunk die - in ieder geval één keer - haar verslaving te slim af is.

    • Ykje Vriesinga