Bidden verplicht, het leger dienen nu ook

Haredim in Israël

Dienstplicht voor ultraorthodoxe joden blijft omstreden in Israël. Ze willen zelf niet – en het leger zit niet op hen te wachten.

Israëlische veiligheidsagenten proberen ultraorthodoxe joden uiteen te drijven tijdens hun demonstratie tegen dienstplicht dit voorjaar in Bnei Brak, een voorstad van Tel Aviv. Foto Jack Guez/AFP

Het zijn misschien wel de twee zichtbaarste groepen in de Israëlische samenleving: de alomtegenwoordige soldaten in uniform en de ultraorthodoxen met hun hoge hoeden en zwarte pakken. Maar ze gaan moeilijk samen. Maandagavond laat stemde de Knesset, het Israëlische parlement, voor een aangepast wetsvoorstel over dienstplicht voor ultraorthodoxe joden. Eerder dit jaar viel het kabinet bijna op dit onderwerp.

De voortdurende strijd over die dienstplicht zegt veel over de positie van ultraorthodoxen of haredim in de Israëlische samenleving.

Op vrijdagavond lopen groepjes jonge mannen in traditionele kleding schreeuwend door Jeruzalem. „Verstoring van de sjabbat!” roepen ze boos naar de mensen die op een van de weinige geopende terrassen aan hun biertje zitten. Dan vervolgen ze hun weg om op een omheining te bonzen waarachter een gearresteerde dienstweigeraar gevangen zou zitten. Voor haredim gaat religieuze plicht boven dienstbaarheid aan de staat.

De dienstplicht is voor zowel voor- als tegenstanders een principekwestie. De vrijstellingsregeling is een erfenis van de eerste premier van Israël, David Ben-Gurion. Hij wilde religieuze opleidingen (jesjiva’s) behoeden voor sluiting, nadat veel jesjiva’s in Europa verloren waren gegaan in de Tweede Wereldoorlog. Hij had er vermoedelijk niet zo over nagedacht dat de krap vierhonderd religieuze studenten die hij een uitweg bood, zouden groeien tot een groep van tienduizenden – en ook nog eens groeit, door migratie en omdat haredim gemiddeld meer kinderen krijgen.

Zoektocht naar compromis

Veel seculiere Israëliërs steekt het dat de lasten ongelijk verdeeld worden. Een eerdere poging van de seculiere oppositiepartij Yesh Atid (‘Er is toekomst’) van de vrijstelling af te komen, werd door de huidige coalitie grotendeels ongedaan gemaakt. Sinds het Hooggerechtshof in vorig najaar verklaarde dat de regeling niet in overeenstemming was met het principe van gelijkheid voor de wet, is de moeizame zoektocht naar een compromis ingezet. Volgens het nu in eerste lezing aangenomen wetsvoorstel moeten jesjiva’s een jaarlijks oplopend aantal studenten leveren voor militaire dienst. Voldoen ze niet aan de quota, dan volgen economische maatregelen. Yesh Atid stemde verrassend vóór het wetsvoorstel, al is van celstraffen voor dienstweigeraars pas weer sprake als jarenlang niet aan de quota wordt voldaan. Het voorstel moet nog een tweede en derde stemming zien te overleven.

Wil men dan zo graag ultraorthodoxen in het leger? Nee, dat eigenlijk niet. „We hebben meer dan genoeg soldaten”, zeiden officieren op een recente veiligheidsconferentie. Ook leveren de streng gelovige militairen logistieke complicaties op, doordat ze strengere eetregels hebben en niet met vrouwen in contact mogen komen. Onlangs klaagde familie van vrouwelijke militaire chauffeurs in de media dat ze waren overgeplaatst naar een andere basis omdat haredi soldaten niet bij hen in het voertuig wilden stappen. En vrouwen zijn net bezig hun positie in het leger te versterken. Het aantal vrouwen in gevechtseenheden neemt toe en vorige week werden de eerste vrouwelijke tankcommandanten geïnstalleerd.

De haredim zijn berucht om hun neiging hun mores op te leggen aan andere bevolkingsgroepen. Ook krijgen ze politiek steeds meer te zeggen doordat het politieke landschap veranderd is. Waar tot 2003 de Arbeiderspartij en Likud stuivertje wisselden om de macht, is Netanyahu afhankelijk van een coalitie van meerdere partijen. „Wie de ultraorthodoxen tevreden stelt op de paar voor hen belangrijke onderwerpen, is verzekerd van de steun van de gemeenschap op andere regeringsstandpunten”, legt historicus Gadi Sagiv uit.

‘Ze leven op kosten van de staat’

In de beleving van hun tegenstanders staat de invloed van de haredim niet in verhouding tot hun aantal, nog steeds zo’n 12 procent van de bevolking. Veel ultraorthodoxen wijden hun leven aan religieuze studie en ontvangen een uitkering. „Ze leven op kosten van de staat, werken niet, dienen het land niet en zeggen ons ook nog eens wat we moeten doen”, vat verkoopster Maria Carbon aan het strand van Ashdod het sentiment ongenuanceerd maar bondig samen.

Zoals de ultraorthodoxen de buitenwereld proberen te beïnvloeden, zo sluipt die buitenwereld onherroepelijk hun leven in. Vorig jaar had voor het eerst ruim de helft van de ultraorthodoxe mannen (51,1 procent) betaald werk. Opvallend genoeg is dat percentage onder vrouwen hoger: 73 procent van de ultraorthodoxe vrouwen heeft een (parttime) baan. Ook gaat het geboortecijfer omlaag en de gemiddelde trouwleeftijd omhoog en zitten steeds meer ultraorthodoxe joden op internet. Om te zorgen dat ze daarbij niet te veel van het rechte pad raken, is er een speciale Wikipedia-versie in de maak, waarbij verwijzingen naar de evolutie zijn doorgestreept en vrouwen zijn weggewerkt uit groepsfoto’s.

Volgens Sagiv is het beeld te ongenuanceerd. Binnen de ultraorthodoxe gemeenschap bestaan diverse groepen die van mening verschillen over bijna alles. Zo vinden de meest radicale religieuze studenten het al te veel gevraagd zich zelfs maar te registreren om vrijstelling van militaire dienst te krijgen, terwijl anderen vrijwillig in dienst gaan. De ene groep ontvangt uitgebreide staatssteun, de andere erkent de staat Israël niet eens.

Ook over de rol van vrouwen wordt verschillend gedacht. Veel kinderen krijgen vindt iedereen een goed idee, maar waar bij de ene stroming man en vrouw niet naast elkaar mogen lopen, werken vrouwen uit andere gemeenschappen buitenshuis. „Ze zijn onderling verdeeld, maar verenigd tegenover de rest,” aldus Sagiv. „Dat was in de 19de eeuw al zo, en dat is nog steeds zo.”

    • Jannie Schipper