Trekvogel zonder wifi uit het nest gegooid

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: Een jaar studentenleven wordt van de wanden en vloeren geschrobd.
Telening Eliane Gerrits

In Amerika heeft het academische jaar een derde helft. Na alle colleges en werkgroepen van het herfst- en voor jaarssemester, is er opeens de zomerstop, vier maanden lang. In mei worden de studenten zonder pardon uit hun kamers gezet. Bruusk uit hun nest gegooid, vliegen ze uit over de hele wereld, om in september als trekvogels weer naar hun broedgronden terug te keren.

Over nestvervuiling gesproken: met een aantal vuilniszakken en wasmanden loop ik de ruimte binnen waar onze zoon het afgelopen jaar doorbracht met zijn drie kamergenoten. We verzamelen schoenen en sokken, brengen zijn boeken terug naar de bibliotheek en slepen de door z’n veren gezakte bank naar buiten. Over de hele campus verschijnen spontaan bergen grofvuil. De schoonmaakploegen staan al in de aanslag om een jaar studentenleven van de wanden en vloeren te schrobben.

Even later staan we op straat. Dat was het schooljaar dan. Tot september. De meeste studenten lopen er wat verloren bij. Ze hebben keihard gewerkt en nu is er opeens helemaal niks meer. Net als je tijd zou hebben om iets leuks te doen en het eindelijk mooi weer is.

Niet iedereen is even succesvol in het zelfstandig vorm geven van de zomervakantie. De overgang is ook groot na het tot op de minuut geregisseerde universitaire leven. Voor verveling was immers nooit tijd, de agenda permanent volgepropt met activiteiten.

De meesten gaan eerst naar huis. Vaak leuk voor even. Maar niet iedereen is blij met het vooruitzicht om weer vier maanden bij zijn ouders te wonen. En de ouders zitten ook niet te wachten op een kind dat al snel terugvalt in pubergedrag van laat naar bed, niks opruimen en de koelkast leegeten. Daarbij, niet iedereen kan zo maar terug naar het ouderlijk huis. Soms ligt dat in Syrië of Afghanistan. Of is er geen geld voor de vliegreis.

Sommigen hebben het helemaal voor elkaar en vertrekken naar prestigieuze stages, in Mumbai of Seattle, waar ze zich gaan onderdompelen in een werkend leven. Anderen hangen maar wat rond, trekken van het ene adres naar het andere, en verdienen her en der wat bij met zomerbaantjes.

Nogal wat studenten zijn te laat met het regelen van opslag voor hun spullen. Regelmatig zie je ze als koelies met hun have op hun rug zeulen. Omdat we vlakbij de campus wonen en een garage hebben, wordt er regelmatig op onze deur geklopt. Zoals door een wat verwarde Connor, in een kerstpyjamabroek. Hij vertrekt de volgende dag naar Engeland waar zijn moeder woont, dan gaat hij naar zijn vader in Brazilië, om daarna door te vliegen naar Madagascar voor een stage.

Hij heeft geen flauw idee wat hij daar in Afrika precies gaat doen. Iets met foto’s in een natuurpark. Of hij zijn spullen bij ons mag achterlaten. Met een weemoedige blik op de badmintonrackets in onze tuin, vertelt hij hoe hij tegen de zomer opziet. Zo lang zonder zijn vrienden. Zo ver weg. En, dit baart hem de meeste zorgen, misschien heeft hij in Madagascar geen internetverbinding.

Stel je voor, een trekvogel zonder wifi.

Reacties naar Pdejong@ias.edu
    • Pia de Jong