Mathieu van der Poel kan winnen waar hij maar wil

NK wielrennen

Met zijn zege bij het NK op de weg toonde Mathieu van der Poel, ongenaakbaar in het veldrijden, zijn grote en veelzijdige wielertalent.

Mathieu van der Poel won zondag voor het eerst in zijn loopbaan het NK wielrennen op de weg. Foto BAS Czerwinski/ANP

Het fenomeen Mathieu van der Poel, 23 jaar jong, komt op zondagochtend even voor tienen gehuld in een wielerpak dit zit als een tweede huid uit de camper van zijn ploeg gestapt, de bekraste knieën als verwijzingen naar het karakter van een onstuimig veulen, opgelopen bij het stunten op crossfiets, mountainbike, crossmotor – als het maar twee wielen heeft. Met een soepele armbeweging tilt hij zijn racefiets van een rek, en dan gaat hij op weg naar het startpodium, waar hij middels een handtekening het bewijs van zijn aanwezigheid levert.

Onderwijl spreekt zijn Vlaamse ploegbaas Christoph Roodhooft over de plannen van zijn ruwe diamant. De jongste Van der Poel schiet alle kanten op: hij wil veldrijden, mountainbiken en fietsen op de weg. En tot nu toe gaat hem dat goed af.

In de winter won hij meer dan dertig veldritten. Alleen op het WK was er iemand beter. Een paar dagen later pakte hij zijn mountainbike om daarop als vierde en derde te eindigen in wereldbekerwedstrijden in Zuid-Afrika en Duitsland. Een sprintrace in Spanje wist hij daarna te winnen, maar hij brak er zijn pols en moest van de dokter zijn geliefde MTB een tijdje in de schuur laten staan. Om bezig te blijven schreef hij zich in voor races op de weg. Op 10 juni won hij de Ronde van Limburg in een massasprint van specialist Nacer Bouhanni, met een schroef in zijn pols om zijn handwortelbeen te stabiliseren. Het was het zoveelste teken dat Mathieu van der Poel kan winnen waar hij maar wil.

Daarna trok hij naar Livigno in Italië, om zich op hoogte voor te bereiden op de volgende reeks mountainbikewedstrijden, eigenlijk nog het enige terrein waar hij verslagen wordt, en dus ook uitgedaagd. Maar het lijkt slechts een kwestie van tijd voordat ‘MvdP’ ook daar de allerbeste is. Het is zijn grote doel. Hij wil goud op de Olympische Spelen van 2020 in Tokio.

Planning niet altijd makkelijk

Bij zijn ploeg Corendon-Circus draait het om hem. De afspraak is: ’s winters rijdt hij zijn veldritten, en in de zomer focust hij zich op het mountainbiken. Wegwedstrijden zijn extra, hij rijdt ze op eigen verzoek, net als deze zondag, als het NK finisht in Hoogerheide, geboortegrond van vader Adrie van der Poel.

Lees ook deze reportage bij een training van Van der Poel: ‘Dit hele seizoen rijd ik op wraak’

Van ploegbaas Roodhooft had dit NK niet zo gehoeven, maar ‘MvdP’ wilde het nu eenmaal. „Zijn planning is niet altijd makkelijk”, zegt de Vlaming. „Hij wil ook het EK mountainbike doen, en het NK, en tussendoor de wereldbekers. Daarna is het WK nog een doel. Hij doet heel veel dingen heel graag. En dat kan ook. Bij ons is hij eigen baas. Hij heeft hier het beste van drie, vier werelden.”

Achter zijn rug komt Van der Poel terug van het startpodium. Hij klaagt over een kapotte voorrem. Het euvel wordt rap verholpen. Wat nog rest is het afplakken van zijn hartslagmeter. In volle koers heeft hij er niks aan om op een display te zien hoe zwaar zijn lichaam het te verduren heeft.

Om kwart over tien start een peloton van 128 renners op de Dorpsstraat van Nispen voor een wedstrijd over 221 kilometer, na een aanloop verdeeld over zestien plaatselijke ronden in Hoogerheide, over de Brabantse Wal, vlakbij Bergen op Zoom. Van der Poel wordt gezien als een favoriet voor de titel. „Ik start om te winnen”, heeft hij in het AD laten optekenen.

Smaakmaker van het NK

Op het moment dat de Franse krant Le Monde bekendmaakt dat Tourorganisatie ASO gaat proberen titelverdediger Chris Froome te weren vanwege diens salbutamolaffaire, kleurt een kwartet renners het NK wielrennen. In de gekte van het kampioenschap gaat de waan van de dag aan de renners voorbij. Zij leveren hun eigen strijd, die ontbrandt door niemand minder dan Van der Poel, twee jaar geleden ook al de smaakmaker van het NK op de weg.

Er staan nog 56 kilometers op de teller als hij zijn zucht naar actie niet in bedwang kan houden. Hij demarreert solo, liggend op zijn stuur. Een gedeelte van het peloton kan aansluiten als Van der Poel nog een keer op zijn pedalen gaat staan. Op de man staat geen maat. Hij steekt ver boven de rest uit. Slechts drie renners kunnen zijn tempo volgen. Even lijken zijn inspanningen voor niks geweest: op vier kilometer voor het einde komt iedereen samen. Maar Van der Poel is nog niet leeg.

Bij het opdraaien van de Scheldeweg, een paar procent oplopend, gaat een man of vijftig na een uitputtingsslag van ruim vijf uur een man-tegen-man-gevecht aan in de massasprint. Iedereen heeft het zwaar gehad deze warme zondag.

Van der Poel rijdt aan de linkerkant van de weg in het zog van de kampioen van vorig jaar, Ramon Sinkeldam. Als hij ingesloten raakt, tikt hij Sinkeldam handig op de schouder en als er dan ruimte ontstaat, laat hij zien waarom hij ’s lands grootste wielertalent is. Hij ramt weg, pakt vier, vijf fietslengtes voorsprong en kroont zich met groot vertoon van macht tot Nederlands kampioen wielrennen.

Daarna de gebruikelijke vragen. Waarom hij in hemelsnaam niet overstapt naar de weg, alwaar een grote loopbaan in het verschiet lijkt te liggen. Hij antwoordt als altijd dat hij het zo goed heeft. Hij verdient tonnen als veldrijder, leert op de mountainbike, en wint zijn wedstrijden op de weg. Als het maar twee wielen heeft.

    • Dennis Meinema