Recensie

Navrante humor over migranten in claustrofobisch ‘Tiefer Schweb’

Bij de Zwitserse regisseur Christoph Marthaler zingen de toneelpersonages altijd liedjes. Dat lijkt vrolijk, het is eerder grimmig.

Tiefer Schweb door Münchner Kammerspiele. Regie: Christoph Marthaler Foto’s Thomas Aurin

Een groep van acht mensen is in een duikerklok afgezonken in de diepte van het Bodenmeer, een „mystieke binnenzee” op de grens van Zwitserland, Oostenrijk en Duitsland. Met hun diepe duik ofwel Tiefer Schweb (2017) vervullen ze een geheime missie: ze onderzoeken tijdelijke behuizing in drijvende dorpen voor een stroom niet nader genoemde mensen.

De Zwitserse regisseur Christoph Marthaler schept een onderwaterwereld met blub blub-geluiden door de acteurs en af en toe dreigende watergeluiden, als muziektheater.

Uit een groene tegelkachel komt een duiker te voorschijn. De in grauw-grijs gestoken commissieleden zijn op elkaar aangewezen. Ze keuren in wijnglazen de waterkwaliteit van het meer, verliezen zich in absurd ambtelijk jargon en in archiefkasten bewaren ze watermonsters. Moeiteloos wekken de spelers de illusie dat boven de bruinhouten betimmering de golven van het Bodenmeer klotsen.

Tiefer Schweb door Münchner Kammerspiele. Regie: Christoph Marthaler Foto Thomas Aurin

Aan deze claustrofobische entourage is niet te ontkomen, ook al probeert een van hen met een streng „dames en heren” de reddeloosheid het hoofd te bieden. Als de spelers urinoirs gebruiken als spreektoeters, lijkt de wanorde compleet. Een van de hoogtepunten is de muzikale strijd op hammondorgel tussen A Whiter Shade of Pale en The Sound of Silence. Opeens klinkt ook Bach, de aria ‘Blute nur’.

Achter al deze absurde melancholie schuilt de diepere betekenis van Tiefer Schweb, het migrantenvraagstuk. De personages hullen zich in Beierse klederdracht en spreken vol afschuw over vreemdelingen voor wie de waterdorpen zijn bestemd. Daar heeft niemand last van hen.

De personages verbranden ritueel hun kleren en lopen in ondergoed, daarna kan de suggestie niet anders zijn dan dat ze ten onder zullen gaan. Met begrafenisbloemen verpakt in plastic nemen ze het applaus in ontvangst, wat een schok. Het is alsof we als toeschouwers een blik terug in de tijd werpen, toen de drenkelingen van nu nog levenden waren. Ondertussen hebben Marthaler en zijn briljante acteurs van de Münchner Kammerspiele ons een toneelspel geboden vol humor, die steeds navranter werd.

    • Kester Freriks