Examens van dertig leerlingen op twintig vmbo’s moeten over

vmbo

Behalve in Maastricht zijn er ook op andere vmbo’s problemen met schoolexamens, dit keer in keuzevakken.

Dertig leerlingen van twintig vmbo-scholen moeten opnieuw het examen voor een keuzevak afleggen. Hun eindexamen was ongeldig omdat ze voor een onderdeel van het schoolexamen voor een keuzevak een drie of minder hadden gehaald.

Volgens recente examenregels kan een leerling met minder dan een vier voor een schoolexamen geen centraal examen doen voor dat vak. De scholen hadden de regels verkeerd uitgelegd. De dertig leerlingen hadden ondanks hun lage cijfer toch eindexamen gedaan en waren daar wel voor geslaagd. Maar omdat het schoolexamen te slecht was, vaak in de praktijk zoals bijvoorbeeld in schilderonderhoudswerk, zouden ze volgens de regels het hele jaar overnieuw moeten doen. Minister Arie Slob (Onderwijs, ChristenUnie) heeft hen op grond van de wettelijke hardheidsclausule van deze verplichting ontslagen. De dertig leerlingen hoeven nu alleen nog de examens af te leggen in het keuzevak. Volgens een woordvoerder van het ministerie van onderwijs is dit probleem van een andere orde dan de 354 leerlingen van het Maastrichtse Port Mosana vmbo van wie het eindexamen ongeldig werd verklaard.

De leerlingen van het Porta Mosana krijgen volgende week woensdag of donderdag te horen of ze in aanmerking komen voor een soepele regeling en welke vakken ze dan over moeten doen om alsnog hun eindexamen te halen. Dat is later dan aanvankelijk was aangekondigd. Vorige week werden hun eindexamens ongeldig verklaard omdat een deel van de schoolexamens in de praktijk niet was afgelegd. Minister Slob bepaalde dat leerlingen slechts een deel van hun eindexamen over hoeven te doen maar een externe examencommissie moet dat voor elke leerling afzonderlijk bepalen.

Volgens Kamerlid Paul van Meenen (D66) laat dit Maastrichtse voorbeeld zien wat er mis kan gaan met grootschalige schoolbesturen. Hij wil dat overheidsgeld weer direct naar scholen gaat in plaats van naar besturen, die het dan over hun scholen verdelen. Komende week dient hij een motie in waarin hij om onderzoek vraagt naar die mogelijkheid.

Kleine Vlaamse schoolbesturen

In Vlaanderen wordt het geld al direct naar de scholen gestuurd. Vlaamse scholen hebben minder overhead dan Nederlandse en er wordt volgens cijfers van de Oeso een groter aandeel van het budget direct besteed aan leraren.

Twintig procent van de leerlingen in Maastricht gaat inmiddels buiten Maastricht naar school. Negen procent gaat naar naburige scholen in Belgisch Limburg.

Het Vlaamse onderwijs staat internationaal hoog aangeschreven. De Vlaamse schoolbesturen zijn klein en de bestuurders zijn nauwelijks bezoldigde vrijwilligers. Er is voor ouders en leerlingen veel keuze tussen scholen maar volgens de Vlaamse onderwijsspecialist Pedro Debruyckere is er wel een beweging om de besturen te professionaliseren en te fuseren. Tegenstanders wijzen op Nederlandse „Mexicaanse legers” met veel officieren en weinig soldaten.

Schaalvergroting pagina 14 en 15
    • Maarten Huygen